Laatste update 17:25
716
22

Demograaf

Ralph Hakkert is demograaf. Hij woont sinds 1981 in Brazilië, zij het met een aantal onderbrekingen, waarin hij voor de Verenigde Naties werkte. In Brazilië was hij betrokken bij het CEBRAP, een linkse denktank van universitaire docenten, die in 1968 door de militairen uit de Universiteit van Sao Paulo gezet waren.

Wat nu, Lula?

Wie had ooit gedacht dat de rechters en de federale politie nog eens de helden van de Braziliaanse bevolking zouden worden?

cc-foto: Cancillería del Ecuador
cc-foto: Cancillería del Ecuador

E agora José? En [wat] nu José? Het zijn de eerste woorden van een gedicht van de beroemde dichter Carlos Drummond de Andrade dat iedere Braziliaan onmiddellijk herkent. Wat nu, Lula? Lula, zoon van een arm boerengezin uit Pernambuco die, zoals zo vele, aan de armoede van het Braziliaanse Noordoosten ontsnapte en migreerde naar het “Sul Maravilha”, het Wonderbaarlijke Zuiden. Lula die metaal-arbeider werd en zich opwerkte tot de meest succesvolle vakbondsleider van de Braziliaanse geschiedenis, politicus en uiteindelijk president van de republiek. Lula die de hemel in geprezen is als de mythische arbeider-president die de armoede in dit land zou opheffen. En Lula die nu mogelijk als eerste Braziliaanse regeringsleider wegens corruptie veroordeeld zal worden.

Ik heb nooit het ongebreidelde enthousiasme kunnen delen waarmee vooral de buitenlandse pers hem tot helden-status verheven heeft, maar het lukt me ook niet om mee te schreeuwen met de menigten die hem nu een dief noemen. Corruptie is hier een systemisch probleem. Brazilianen gingen er tot voor kort niet van uit dat hun politici integer waren. De hoogste accolade was: “Rouba mas faz” Hij/zij steelt maar doet tenminste wat.

Zelfs de kiezers zijn in zekere zin corrupt. In de armere regio’s, zoals het noordoosten, is het ondoenlijk om verkozen te worden zonder materiëel iets voor je kiezers te doen, zoals het uitdelen van t-shirts of petjes met je verkiezingsslogan of bemiddeling voor een gratis publieke dienst. Dat leidt tot allerlei semi-clandestiene geldstromen die hier “caixa dois” (tweede kas) heten. Ook de Arbeiderspartij (PT) van Lula heeft zich daar op grote schaal schuldig aan gemaakt, maar ze zijn de enigen niet.

Het onderzoek van het Openbaar Ministerie tegen Lula gaat vooral over een flat aan het strand in Guarujá en een landgoed in Atibaia, beide in de staat São Paulo, die van hem zouden zijn maar die hij nooit als eigendom geregistreerd heeft. De flat is formeel van een grote bouwmaatschappij, het landgoed van zakenpartners van één van zijn zoons. Dat is natuurlijk verdacht en het Openbaar Ministerie wil terecht weten wat de reden is voor al die “vriendendiensten”, maar het kan nog steeds zijn dat er niet meer achter zit dan dat. En als dat zo is denk ik: “Laat de man met rust.”

Elite
Maar in het huidige politieke en economische klimaat in Brazilië gaat dat niet meer. Er zijn diverse redenen waarom het deze keer anders is. De PT schrijft alle verontwaardiging over de corruptie van hun regering toe aan intriges van “de elite” die in de collectieve verbeelding van de PT nooit heeft kunnen accepteren dat een arbeider president kon worden in dit land en dat hun nette winkelcentra nu overlopen van de klanten uit de lagere inkomensklassen, die het extra inkomen verworven onder deze regering uit komen geven. Zulke mensen bestaan en het zijn dezelfden die Lula zijn flat in Guarujá niet gunnen. Het is een minderheid en hun meningen zijn niet bepalend voor de posities van de politieke partijen, maar ze zijn onmisbaar voor het zelfbeeld van de PT: “wij” tegen “de elite”. Dat sfeertje was deze week duidelijk voelbaar bij de ambtsaanvaarding van Lula als minister, die meer weghad van een verkiezingsbijeenkomst van de PT dan van een plechtigheid waarin nieuwe regeringsvertegenwoordigers aan de bevolking gepresenteerd werden.

Anderen, zoals ik, hebben de PT nooit vergeven dat ze in de jaren ’80 – toen dat mogelijk geweest was – geen coalitie aangegaan zijn met de sociaal-democratische PSDB van Fernando Henrique Cardoso en José Serra en dat ze zich voortdurend afgezet hebben tegen de regering van Cardoso die hun voorafging. In plaats van te erkennen dat zijn anti-armoedebeleid een voortzetting was van dat van Cardoso heeft Lula een ander element aan de collectieve verbeelding toegevoegd, dat van “neoliberalen” van de PSDB die verantwoordelijk zouden zijn voor al zijn problemen. Hij heeft daarbij het geluk gehad dat zijn ambtstermijn samenviel met de Chinese grondstoffenhausse die zorgde voor een sterke groei van de economie en het overheidsbudget, zodat hij een aantal noodzakelijke maar impopulaire hervormingen voor zich uit kon schuiven.

Rechterlijke macht
De noodzaak van een brede parlementaire basis loste hij op door een “monsterverbond” dat o.a. een aantal uiterst rechtse oligarchen omvatte zoals de Sarney-familie uit Maranhão, zijn aartsvijand Fernando Collor, die in 1992 wegens corruptie als president afgezet werd, en Paulo Maluf, de voormalige rechts-populistische gouverneur van São Paulo. Niet persoonlijke hebzucht, maar de noodzaak om zo’n onwaarschijnlijke coalitie bij elkaar te houden is de oorzaak van alle cliëntelisme en corruptie die nu langzamerhand aan het licht komen. Zij die jarenlang de PT gesteund hebben als het “ideologisch pure” alternatief voor het pragmatisme van de PSDB komen bedrogen uit. In plaats van de corruptie terug te dringen heeft de PT het tot overheidsbeleid verheven. De huidige problemen van de regering Dilma Rousseff, verergerd door het einde van de Chinese grondstoffenhausse, zijn de logische conclusie van die strategie.

Echter, wat de publieke sentimenten ook mogen zijn, niets van wat er nu gebeurt was mogelijk geweest als de rechterlijke macht de afgelopen jaren niet zo versterkt was. Er worden parallellen getrokken met de operatie “mani pulite” in Italië, met het verschil dat je hier geen maffia hebt. Vooral het mechanisme van strafvermindering van verdachten in ruil voor informatie heeft de positie van rechters zoals Sérgio Moro, die Lula vervolgde tot hij vorige week probeerde te vluchten naar een ministerschap, enorm versterkt. Het ziet er nu zelfs naar uit dat het Hooggerechtshof zijn benoeming tot minister zal annuleren.

Wie had ooit gedacht dat de rechters en de federale politie nog eens de helden van de Braziliaanse bevolking en de redders van het internationale imago van Brazilië zouden worden? De PT regering is niet de enige verantwoordelijke voor deze ontwikkelingen, maar ze heeft er ongetwijfeld zowel in positieve als in negatieve zin toe bijgedragen. Het is de ironie van de geschiedenis dat de uitbreiding van de rechterlijke macht in Brazilië, die mogelijk Lula’s neergang gaat veroorzaken, tevens één van de belangrijkste elementen van zijn politieke nalatenschap zal worden.

Geef een reactie

Laatste reacties (22)