2.986
111

Journalist, publicist

Uitgever en hoofdredacteur van www.amerika.nl

Wat was er eigenlijk mis met spreiding van macht, inkomen en kennis?

Voor het eerst in mijn leven overweeg ik SP te stemmen, om te voorkomen dat een visieloos midden of zelfzuchtig rechts Nederland vorm blijft geven

PvdA voorzitter Hans Spekman opende vorige week de verkiezingscampagne. Hij kwam met heel concrete aanvallen op de SP. Op zich begrijpelijk, al is het pijnlijk vast te stellen dat de SP nu de vijand is van de PvdA. Maar ja, wie als kiezer zijn buik vol heeft van Mark Rutte als mislukte premier en hem en zijn belangenbehartigerspartij niet nog eens een vrijkaartje op het Torentje wil geven, kan nauwelijks anders.

De PvdA zit in de hoek waar de klappen vallen en terecht. Voor het eerst in mijn leven overweeg ik SP te stemmen, als wanhoopsdaad om te voorkomen dat een visieloos midden of zelfzuchtig rechts Nederland vorm blijft geven.

Strategisch kiezen tegen Rutte, dat is één reden om niet PvdA te stemmen. Maar het wordt gemakkelijk gemaakt omdat de PvdA niets te bieden heeft. Want de vijand van de PvdA is niet de SP, of niet Rutte, maar de vijand van de PvdA is de partij zelf. In plaats van trots te staan voor de sociaal democratische verworvenheden, noodzakelijke aanpassingen daarvan voor te stellen en op basis van een trotse geschiedenis een visie voor de toekomst te bieden, biedt de PvdA een slap verhaal. Het doet me denken aan wat Abraham Lincoln eens zei over zijn tegenstander: hij biedt een visie ‘zo slap als de homeopatische soep getrokken uit de schaduw van een van de honger gestorven duif’. Dat soort slappe hap biedt de PvdA. Het bleek al bij eerdere verkiezingen gevoerd onder de defaitistische, ultieme Calimero-slogan ‘het moet eerlijker’. Verdomd, het moet eerlijk.

Anders dan Hans Spekman en Diederik Samsom kan ik me Joop den Uyl nog herinneren. De grote linkse samenwerking van de jaren zeventig, de hoop dat de grip van de katholieken en conservatieven gebroken kon worden. Toegegeven het was niet allemaal fantastisch en arrogantie en pure dogmatische domheid leidden tot het slechtste naoorlogse kabinet ooit, dat van Wiegel/Van Agt met het permanente begrotingsgat van Fons van der Stee, een katholieke voorganger van De Jager. Den Uyl inspireerde ook al stelde hij teleur.

Ronald Plasterk, meer van mijn leeftijd dan Spekman en Samsom, verwees vorige jaar in zijn uiteindelijk gefnuikte kandidatuur voor het fractieleiderschap van de PvdA, naar Joop den Uyl als de man die hem ooit had verleid om met politiek bezig te zijn. We hoorden er verder weinig van en Plasterk kreeg meteen het verwijt van opportunistisch en onverstandig nostalgisch denken over zich heen. Dat was jammer want Joop den Uyl is niet de slechtste persoon om weer eens wat ideologische veren te steken in het kale achterwerk van de sociaal democraten. Misschien moeten de jonkies Spekman en Samsom nog eens langsgaan bij Plasterk en vragen hoe dat nou kwam dat je in die tijd thuis bleef voor de politiek op zaterdagmiddag, naar verkiezingsbijeenkomsten ging en in het algemeen, betrokken was bij de samenleving.

Met name de oude slogan ‘spreiding van macht, inkomen en kennis’ lijkt mij nog steeds, of misschien, nu weer, een prima vlag om sociaal democratisch onder te varen. Want was is daar nou precies mis mee, met spreiding van die drie dingen? Voor zover het werkte, is dit het beleid dat van Nederland een inclusieve samenleving heeft gemaakt die aan hen die zich willen inspannen de kans biedt om vooruit te komen. Het is deze samenleving die wordt bedreigd door de ondankbare en zelfzuchtige grootverdieners die de inkomensongelijkheid in Nederland hebben doen groeien en zich niet willen realiseren dat zij hun welvaart evengoed danken aan de gemeenschap van álle Nederlanders. We hebben het niet over nivellering en niet eens over eerlijk delen. Nivellering heeft terecht zijn aantrekkingskracht verloren, als de term die ooit al had. Maar wel over medeverantwoordelijkheid, ja, haal ook dat oude paard maar weer van stal: het is een zaak van solidariteit.

Uiteindelijk berijdt de begenadigde zelfpromotor Hans Wiegel al decennia zijn oude paardje van zelfzucht en anti-overheidsdenken, met nu achterop in het zadel Mark Rutte, een ex-liberaal die meer houdt van macht dan van liberalisme. Het Nederland van Wiegel en Rutte tegenover het Nederland van Den Uyl en Samsom, waarom niet?

Spreiding van macht? Na twee jaar waarin twee partijen met iets meer dan vijftig zetels via de achterkamer geregeerd hebben met verwerpelijke steun van de meest machtsbeluste veteraan aan het Binnenhof, is duidelijk dat spreiding van macht urgenter is dan ooit. Niet alleen de macht van de insiders, de geslaagden en de beschermers van hun eigen belangen mogen ter discussie gesteld worden, ook de macht van de gevestigde partijen die neuzelen over de éénmanshow van Geert Wilders zonder zelf een alternatief te bieden dat gewone burgers aantrekt en stimuleert om mee te doen. De PvdA heeft een welverdiende reputatie van bureaucratische belangenbehartiging en, net als de andere partijen, van het parachuteren van partijgenoten op goed gevuld pluche.

De spreiding van kennis is beter geslaagd, op het eerste gezicht, al stemt de geleidelijke teloorgang van ons onderwijs niet gerust. Dat de PvdA voor die teloorgang mede verantwoordelijk was, maakt het niet minder ernstig.

De ideologisch veren die de PvdA heeft afgeschud onder Wim Kok zijn niet vervangen door enige richtinggevende ideeën, laat staan een ideologie die coherent en doordacht is. Lincoln had het over een uitgehongerde duif, maar de PvdA is zonder ideologie een kale kip geworden en daar kun je geen veren van plukken, hij ziet er alleen maar armetierig uit. 

Natuurlijk moeten we niet terug naar Den Uyl. Dat zegt niemand. De samenleving is veranderd, successen zijn geboekt, nederlagen geleden. Maar als geheel is onze inclusieve samenleving een daverend succes. Onze verzorgingsstaat is in de grond van de zaak een waardevol bouwwerk dat mensen in staat stelt het beste te maken van hun capaciteiten – als ze dat zelf willen en er zelf hard voor werken. De snelle emancipatie van de arbeiderskinderen, nu gevolgd door de te weinig gewaardeerde successen van de kinderen van migranten (ook in de emancipatoire PvdA onderschat), bewijst dat in Nederland sociale mobiliteit zit ingebakken in het systeem. Dat moeten we vooral zo houden. De Nederlandse droom is sterk en moet dat blijven. Iedereen in Nederland moet kunnen hopen op een beter bestaan.

Nostalgie is geen goede raadgever en evenmin is dat behoudzucht of kortzichtig conservatisme als dat ertoe leidt dat zich links of progressief noemende partijen blijven vasthouden aan regelingen enkel en alleen omdat ze ooit gemakt zijn. Sociaal democraten moeten het lef hebben om alles ter discussie te stellen, alles te heroverwegen en dan bij het weer in elkaar zetten van hun ideale samenleving, of althans de weg daarheen want het is natuurlijk een nooit eindigend proces, het goede te behouden en het minder goede te vervangen.

Gezien de conditie van de sociaal democraten hoeven we voor overmoed niet erg bang te zijn. Laten de ogenschijnlijk murw geslagen leiders van vandaag zich herpakken en gewoon een beginnen dan met het omarmen van wat de sociaal democratie in Nederland tot stand heeft gebracht. Het is een goed startpunt voor programmatische helderheid. De tijd is kort voor 12 september maar laat in elk geval zien dat je het begrepen hebt.

En ja, gooi er dan ook maar meteen de slogan in van het enige progressieve kabinet dat we ooit gehad hebben. Er is niets mis met spreiding van kennis, macht en inkomen en als doelstelling is het nog steeds urgent. Zolang ik bij Roemer meer zie dat me aan Den Uyl en de oude sociaal democratie doet denken dan bij de huidige PvdA is het lastig om niet inderdaad strategisch anti-Rutte te stemmen. De PvdA verdient beter maar niet als ze zichzelf niet herpakt.

Lees meer van Frans Verhagen op zijn website

Geef een reactie

Laatste reacties (111)