Laatste update 16:23
1.887
23

Socioloog, publicist, programmamaker

Shervin Nekuee(Teheran, 1968) is socioloog, publicist en programmamaker. Hij studeerde aan de Universiteit van Utrecht en woont in Den Haag. Hij publiceert met regelmaat in dag- en weekbladen. Hij schreef De Perzische paradox: verhalen uit de islamitische republiek Iran (2006), uitgegeven door De Arbeiderspers. Op negentienjarige leeftijd vluchtte hij uit Iran, omdat hij weigerde deel te nemen aan de oorlog tegen Irak. Als socioloog, publicist en programmamaker is hij in het bijzonder geïnteresseerd in de culturele en sociale aspecten van de multiculturele samenleving en de politieke ontwikkelingen in het Midden-Oosten. 
Shervin Nekuee, die zijn sporen verdiende zowel in activistische als academische kringen, is curator en programmamaker van het Winternachten internationaal literatuur festival den Haag. Daarnaast is hij artistiek leider van het Mystic Festival Rotterdam, een festival met poëzie, muziek, storytelling en dansrituelen uit de mystieke islam en verwante mystieke tradities uit de hele wereld. Nekuee is verbonden aan het Grote Midden Oosten Platform dat de kennis en ervaring van in Nederland wonende Midden-Oosten deskundigen bij elkaar brengt voor trainingen, analyses en publicaties.

We moeten op zoek gaan naar wat de pandemie eigenlijk betekent

Zolang er niemand is die zich afvraagt: hoeveel prikken hebben we er nog voor over, hoeveel burgerrechten willen we nog afstaan en hoever willen we gaan in buitensluiten van de burgers die niet op die koers willen blijven, zolang zal de huidige trein blijven doordenderen

Franz von Matsch: De triomf van Achilles (1892)

Het was tijdens een van de vele persconferenties van onze minister-president en minister van Volksgezondheid, ik meen dat het de aankondiging was van de tweede lockdown. Beiden waren dit keer in een extra donker pak ingestoken, een blauw dat sterk naar zwart neigde. Alsof de stylist hen ervan had overtuigd dat bij zulk een sombere boodschap extra sobere kledingexpressie noodzakelijk was. Ze deden me denken aan twee begrafenisondernemers. Feilloos in dracht en mimiek en woordenkeuze, passend bij het momentum. En ja, wij allen werden tijdelijk begraven. We moesten voor een niet te overzienbare tijd afstand doen van wat wezenlijk is aan het menszijn: de roedel. En ja, een deel van onze roedel was aan het vechten voor het leven en een deel van – vooral onze ouderen – zou het wellicht in groten getale niet gaan halen. Het was inderdaad gepast, de outfit van deze bewindspersonen en de ernst in hun beklemtoning.

Toch was er ook een grote leegte, een groot gemis. Alsof er veel aandacht was besteed aan de mise-en-scène van een
Griekse tragedie, de sfeervolle stereotypische bijrollen werden prima vervuld maar de hoofdrolspeler ontbrak. Waar was de zwanenzang van Achilles, waar bleef Paris’ mijmering en vooral, waar was het lied van het verlangen naar terugkeer van Odysseus? Alsof we getuigen waren van een passiespel zonder Christus.

Want bij een echte begrafenis zijn het nooit de begrafenisondernemers die de afscheidsrite van een authentieke betekenis voorzien. Het zijn de naasten van de verlorene. Reciterend uit de Bijbel, de Koran of een andere levensbeschouwelijke boek, of met de voordracht van poëzie of proza uit de wereldliteratuur of gewoon in eigen woorden, delen zij met de aanwezigen een gedachte, een beeldspraak, een gevoel. Ze laten hun hart spreken en spreken tot de harten van het gezelschap. Zo ontstaat een diep esthetisch moment van wij-gevoel. Dit hoofdstuk van begrafenis wordt nooit en te nimmer overgelaten aan de begrafenisondernemers, tenzij de overledene alleen op deze wereld is.

Op die avond voelde Nederland zich alleen op de wereld, overgelaten aan keurige begrafenisondernemers, goede managers die hun taak met eer en geweten en netjes willen vervullen. Gefocust op ‘de hoofdzaken’ en niet toegerust om de nodige esthetische hartverlangens van de miljoenen aanwezigen – kijkers – van juiste metaforen en betekenisgeving te voorzien. ‘Een mogelijke weg terug naar normaal’; verder reikte de belofte van onze politieke leiders in deze tijden niet. Alsof deze lange tocht naar Ithaka niets met ons had gedaan, en zou blijven doen. Alsof Ithaka hetzelfde zou zijn bij onze aankomst.

Tragedie van de huidige politiek
Ik ben sinds die avond scherper gaan kijken naar de maatschappelijke voorstelling die zich voor onze ogen aan het afspelen is. Op het Binnenhof speelt zich in de afgelopen maanden vooral een tragedie af, die steeds meer naar een zwarte komedie neigt: Als de laatste sprint wonderbaarlijk snel gaat, hebben we negen maanden na de verkiezingen, na negen maanden bovenwater drijvende schandalen en moties van wantrouwen en het in het zicht komen van het wanbeleid van de huidige coalitie, een nieuw kabinet met… de huidige coalitie. Een moetje dat – in het meest gefragmenteerde Nederlandse parlement ooit – voor de leeuwen wordt gegooid, met de ambitie om de veelkoppige oppositie te overleven. En meer, hen mee te krijgen bij het aanpakken van de grote maatschappelijke puinhoop die in het decennium onder leiderschap van hun voorman, zittend en beoogd premier Rutte is ontstaan door een zich terugtrekkende, visieloze overheid. Klimaat; woningmarkt; zorg; onderwijs, om maar een greep aan vraagstukken te benoemen die schreeuwen om het anders benaderen van onze samenleving, van betekenis voorzien en van daaruit tot een andere visie en beleid komen.

Inderdaad, er heerst een grote leegte op ons politieke toneel. En dat in tijden die schreeuwen om gedachten en beelden die ons als samenleving dieper kunnen raken; om de wereld van gisteren waarvan we afscheid aan het nemen zijn in vrede vaarwel te kunnen zeggen. En om het vuur van verlangen te laten ontwaken, de transformatie waar onze samenleving in al haar facetten om schreeuwt in gang te zetten, om in beweging te komen. Ons ontbeert een ark van betekenisgeving om deze vloed, en grotere vloeden die ons nog te wachten staan, te doorstaan.

Wellicht is onze zwakte in dezen direct verbonden met onze sterkte: het materialistische karakter van de moderniteit. De moderne mens denkt en handelt vanuit een materialistische zienswijze. Daarmee bedoel ik niets laatdunkends. Dat je soms moet vergaan om weer op te kunnen staan, staat in contrast met het mentale regime van moderniteit. Daardoor is onze vocabulaire en ons repertoire gekrompen en is het type hoofdrolspelers dat ons kan laten wenen met hun hymnes en ons de wedergeboorte kunnen laten ervaren met hun vuur, van het toneel verbannen. Wat over is gebleven is de hegemonie van een massacultuur, de oneindige consumptie-kermis en manager-politici die het doorgaan van de kermis regelen.

De tweede stille winter is op mars
Ondertussen. De snel toenemende Corona-cijfers zijn de voorbode van een tweede stille winter. Ook kan naar verwachting de griepepidemie dit jaar hard toeslaan nu dat we ons dankzij onze QR-codes en onder de aanmoediging van onze politici weer in grote aantallen hebben overgegeven aan het goede oude “normaal”. De hegemonie van de massacultuur, innig verweven met het commerciële en consumptieve economisch fundament van ons samenleving, laat zich niet zomaar opzij zetten door een of andere volksplaag.

Zo vervallen we de komende maanden in een herhaling van zetten. Zolang er niemand is die zich afvraagt: hoeveel prikken hebben we er nog voor over, hoeveel burgerrechten willen we nog afstaan en hoever willen we gaan in buitensluiten van de burgers die niet op die koers willen blijven, zolang zal de huidige trein blijven doordenderen.
Zolang niemand zich hardop durft af te vragen wat eigenlijk de symbolische boodschap is van het verschijnen van Corona op het toneel van menselijke geschiedenis, en hoe dat het wereldwijd zo snel kon toeslaan? Wat dat zegt over onze mondiale massacultuur, welke boodschap daar in besloten ligt?

Zolang we niet de metaforische code van het verschijnen van de Corona voor de mensheid durven te kraken zijn we overgeleverd aan nog meer ‘dansen met Jansen’-trucjes van onze politieke voormannen. Zolang we de natuurlijke krachten als boosdoener zien en niet als wellicht nog de enige overgebleven uiterlijke representatie van een innerlijke oproep tegen de wispelturige ‘rupsje nooit genoeg’ consumptiecultuur, blijven we ook in het derde jaar de symptomen bevechten van het rondrazende corona-virus en durven we niet naar de oorzaken te kijken.

Ik heb de wijsheid niet in pacht en ik heb ook geen alternatief, of zelfs maar een route naar een alternatief, in handen. Ik merk alleen dat wij doordenderen in een erg smalle en donkere tunnel en ik smacht naar meer licht, naar een horizon. Naar andere woorden en andere beelden om in te zien waar we in zijn beland en om in beweging te komen op zoek naar een waardigere en wijzere weg om als mens en als samenleving in het leven te staan. Het mantra “terug naar normaal” is voor mij vooral onheilspellend.

Ark van betekenis bouwen
Toen de tot dan toe gevierde filosoof Ad Verbrugge afgelopen februari waarschuwde voor de opkomst van een intensieve menshouderij en de verminking van menselijke vrijheid was hoon en spot zijn deel. Onder die massale verontwaardiging ligt wel degelijk een frustratie van confrontatie met een verschrikkelijk beeld dat wellicht ons voorland kan zijn, een pijnlijke herkenning. “Intensieve menshouderij” is zo’n beeld dat we wellicht in de aankomende stille winter nog eens beter in beschouwing moeten nemen. Misschien helpt het ontwaken van een gevoel van urgentie om anders onze wereld te overdenken en anders te gaan inrichten.

Een van meest diepzinnige, doch eenvoudige uitspraken over de menselijke psyche in opstand tegen de calculerende rede en kille moderniteit kwam in de vorige eeuw van Carl Gustav Jung: “When the mind doesn’t listen, the body becomes sick.” Menig vriend met een burn-out ervaring herkent zich in deze beeldspraak. Mijn persoonlijke afgeleide van de uitspraak van de grootmeester, maar dan over collectieve toestand dat we als de menselijke beschaving in zijn beland deze dagen luidt: When culture doesn’t listen, nature intervenes.

Wij zouden de almaar doordenderende trein van de consumptiezuchtige massacultuur spoedig achter ons moeten laten en als een gek aan een ark van betekenis gaan werken, die de natuur om ons heen en ons menszijn meer recht doet. Er zijn nieuwe vloeden onderweg.


Laatste publicatie van Shervin Nekuee

  • De Perzische Paradox

    Verhalen uit de Islamitische Republiek Iran

    2006


Geef een reactie

Laatste reacties (23)