Laatste update 10 november 2017, 16:11
15.187
10

Documentairemaker

Sunny Bergman studeerde filosofie en politicologie. Ze is documentairemaker en schrijver. Sinds 1995 maakt ze films voor de VPRO, zoals 'Beperkt Houdbaar' en 'The Sunny side of sex'. Ook maakte en schreef ze de film en het boek Sletvrees.

‘Weet jij dan niet dat ik je acteercarrière kapot kan maken?’

Een van mijn laatste audities was voor een film over het uitgaansleven. Er waren grote groepen meisjes voor uitgenodigd aan wie drie verschillende kleuren fiches uitgedeeld werden.

Naar aanleiding het seksueel geweld van Harvey Weinstein en het seksisme in deze wereld, hier een stuk over mijn eigen ervaringen als jonge actrice. Geen seksueel geweld, wel seksisme en verbale intimidatie van bijvoorbeeld producent John de Mol – voor mij destijds reden om mijn beginnende acteercarrière te laten voor wat die was en zelf regisseur te worden.

“Ik speelde mee in een speelfilm en in dramaseries. Acteren is een vrij precieze bezigheid, je moet onthouden waar je stopt met lopen, welke blikrichting je aanhoudt en hoe je het shot weer uit loopt. Doordat ik er jong uitzag, was ik populair: ik speelde jongere kinderen, maar had de leeftijd om de technische opdrachten van de regisseur goed uit te voeren. Tegen het einde van mijn middelbareschooltijd zette mijn acteercarrière echter een dalende lijn in. Na een hoofdrol in een speelfilm waarin ik de dochter van Renée Soutendijk speelde en een bijrol als verkrachte zwakzinnige tiener in een kwaliteitstelevisieserie, kreeg ik een gastrol in de soap Goede tijden slechte tijden. Ik eindigde dood, mijn bebloede hoofd als cliffhanger. Daarna bereikte ik de onderkant van de acteerpiramide: ik speelde in bedrijfsfilmpjes. Ik was negentien en te oud voor kinderrollen en belandde in het onuitputtelijke reservoir jonge vrouwen, van wie er velen mooier waren. Vriendinnen die wilden doorbreken als actrice waren eindeloos bezig castingfoto’s te laten maken, audities af te lopen en te flirten met belangrijke producenten, die ik toch vooral stokoud en klef vond.

Een van mijn laatste audities was voor een film over het uitgaansleven. Er waren grote groepen meisjes voor uitgenodigd aan wie drie verschillende kleuren fiches uitgedeeld werden. Degenen die rood ontvingen moesten meteen weg, meisjes met een oranje fiche mochten eventueel door naar de volgende ronde en de gelukkigen die groen ontvingen mochten op audiëntie komen bij de regisseur. Ik was bekend bij de castingdirector en mocht door. Tijdens de auditie moest ik doen alsof ik paddenstoelen had genomen, samen met twee andere meisjes. Ik deed mijn best het hallucineren zo getrouw mogelijk na te spelen.

‘Dames!’ onderbrak de castingdirector ons. ‘We hebben het wel gezien. We willen eigenlijk nog even kijken wat voor vlees we in de kuip hebben.’

Bulderende lach, en oogcontact met de regisseur.

‘Jullie hebben niet allemaal strakke topjes aangetrokken. Trek de truitjes eens even strak.’

Vervolgens faalt mijn geheugen. Misschien heb ik een cynische en hopelijk vernietigende opmerking gemaakt. Maar het kan ook dat ik pas later, terwijl ik druk fulminerend de scène in mijn hoofd herkauwde, allerlei snedige antwoorden bedacht. Hoe dan ook, de rol heb ik niet gekregen.

Vervolgens kreeg ik een piepkleine gastrol in de comedyserie In de Vlaamsche pot. Voor een jongerenblad beschreef ik een draaidag vanuit het perspectief van een groepje figuranten, die gevraagd waren als ‘mooie meisjes’. Hun bh’s werden opgevuld door de stylistes. In de regiekamer, waar ik werd rondgeleid, werden verlekkerde grappen gemaakt over de meisjes. Aan het einde van de dag vroeg de regieassistente aan een van hen een telefoonnummer. ‘Voor de regisseur,’ zei ze. Het figurantenmeisje was hoopvol, misschien was dit haar grote kans. Ik wist dat de regieassistente bij wijze van grap haar nummer aan de regisseur gaf, omdat hij haar een ‘lekker wijf ’ vond, dat had hij tijdens de lunch geroepen. Ik vond het zielig voor het meisje, en schreef dit op in mijn artikel.

Ik moest het stuk voor publicatie laten lezen aan de producent van de serie, John de Mol. Na lezing belde John me op. ‘Jongedame,’ brieste hij door de telefoon, ‘je hebt mijn goede vertrouwen geschonden. Ik zou er maar eens goed over nadenken of je dat stukje gaat publiceren. Als jij besluit dat toch te doen, zal ik er persoonlijk voor zorgen dat je nergens meer aan het werk komt als actrice. Begrijp je dat? Weet jij dan niet dat ik je acteercarrière kapot kan maken?’

Ik besloot mijn zogenaamde acteercarrière aan de wilgen te hangen en heb gepubliceerd.”

(Uit Sletvrees, het boek dat ik schreef in 2013)

ps Mijn vader Richard Bergman was degene die zich wist te herinneren dat het John de Mol was die me toen intimideerde. En inderdaad, hij was de uitvoerende producent van deze serie.

ps2 broer Tymen Bergman naast mij op rechts, hij speelde ook in Een Maand Later.

Update redactie 10-11-2017 John de Mol liet BNNVARA weten dat hij bestrijdt dat het gesprek met Bergman ooit heeft plaatsgevonden, laat staan dat hij de uitspraken heeft gedaan die hem door Bergman worden toegeschreven.

Geef een reactie

Laatste reacties (10)