5.211
118

Historicus

Han van der Horst (1949) is historicus. Hij schreef onder meer The Low Sky: understanding the Dutch', Nederland: de vaderlandse geschiedenis van de prehistorie tot nu, Een bijzonder land, het grote verhaal van de Vaderlandse geschiedenis, Onze Premiers en Schep Vreugde in het Leven, Levenslessen uit de grote depressie. Op elke laatste zondag van de maand is hij om elf uur in de ochtend te horen als boekbespreker in het VPRO-radioprogramma over geschiedenis OVT.

Weg met de hobby-studies in het hoger onderwijs

Je hebt in de raad van bestuur meer aan een goede assyrioloog dan aan een of andere bedrijfskundige die op de universiteit is volgestopt met de managementmodes van gisteren

Wij leven in een tijd van permanente wetenschappelijke en technische revolutie, die alle verwachtingen ook op de middellange en korte termijn steeds weer overhoop gooit.

Een kwart eeuw geleden hadden studenten nog reële invloed op het reilen en zeilen van de universiteit. Colleges van bestuur konden niet regeren tegen een universiteits- of hogeschoolraad in. Daarin kozen de geledingen aan de instelling, de studenten, de docenten en het ondersteunend personeel elk een derde van de leden. Gewoon per stembus. Onderwijsminister Jo Ritzen – óók PvdA – maakte daar begin jaren negentig een einde aan. Sindsdien kunnen colleges van bestuur alleen nog maar geremd worden door raden van toezicht, die bestaan uit allerlei managementtypes afkomstig uit politiek en bedrijfsleven. Het resultaat is de huidige vervreemding tussen de werkvloer in het hoger onderwijs en de bestuurders met hun modieuze praatjes over competenties en aanverwant gebral.

Geouwehoer
Niet dat het voor die tijd allemaal koek en ei was. De belangstelling voor de universiteitsraadsverkiezingen was minimaal en het kostte grote moeite om voldoende belangstellenden te vinden voor de faculteitsraden en de vakgroepsbesturen die ook allemaal door de geledingen werden gekozen. De besluitvorming was stroperig, het geouwehoer maar al te vaak eindeloos. Toen Ritzen – de PvdA steeds maar weer dus – zijn machtsgreep pleegde, kraaide er geen haan naar. Nou ja, hier en daar misschien een enkele.

Megalomane egotrippers
Zo gingen de instellingen van hoger onderwijs het pad op van de woningbouwverenigingen, de zorginstellingen en voormalige overheidsbedrijven zoals de Postbank en het Bouwfonds Nederlandse Gemeentes: megalomane egotrippers konden op topposities ongeremd hun gang gaan, raden van toezicht en colleges van bestuur jutten elkaar op in plaats van dat er sprake was van een gezonde controle. Dat  leidde tot onberaden bezuinigingen, fusiegolven in het hbo en het in de markt zetten van allerlei nieuwmodische opleidingen – Europese Studies, vrijetijdsmanagement et cetera – die als multidisciplinair werden gepresenteerd maar in feite studenten op heel breed gebied alleen maar oppervlakkigheden boden. Naast de onberaden bezuinigingen zag men even onberaden investeringen. Tot in derivaten toe. De werkvloer werd ondertussen aan een groeiende hoeveelheid administratieve controles onderworpen. Verkeerd begrepen rendementsdenken was overal de leidraad.

Eerste succes
Daartegen komen studenten nu in opstand. Hun eerste succes hebben zij geboekt: het College van Bestuur aan de Universiteit van Amsterdam stelt het sluiten en mutileren uit van letterenstudies, die naar het inzicht van de grote geesten in het nu bezette bestuurscentrum het Maagdenhuis te weinig studenten trekken. Het is nadrukkelijk geen afstel. Over twee jaar komt de zaak weer op de agenda.

Ook biedt het College van Bestuur aan om een student in zijn gelederen op te nemen. Die heeft dan echter een adviserende stem. Een nieuwigheid is dit niet: aan de Universiteit van Groningen is men al enkele jaren gewend aan een student in het College van Bestuur.

De activisten in Amsterdam hebben dit voorstel afgewezen. Daarin hebben zij groot gelijk.

Dit land heeft naast de excuustruzen en de excuusallochtonen geen behoefte aan de categorie excuusstudenten. Een student met een adviserende stem zal met een mengsel van meewarigheid en welwillende aandacht worden afgeserveerd door de geroutineerde managers van het College van Bestuur.

Effectiever zou het zijn als de studenten en de werkvloer een stevige vertegenwoordiging wisten te krijgen in de Raden van Toezicht die nu zogenaamd uit buitenstaanders worden samengesteld maar als puntje bij paaltje komt hun leden recruteren uit het ons-kent-ons-circuit van de ambtelijk zakelijke elite die in ons land feitelijk de dienst uitmaken.

Dat hoeven niet per se studenten of medewerkers te zijn. Het zou misschien zelfs beter zijn als zulke student- en personeelsvertegenwoordigers buiten de eigen kring werden gevonden. Dat is helemaal niet vreemd of onhaalbaar. In Duitsland heeft elk bedrijf van enige omvang werknemersvertegenwoordigers in de raad van commissarissen. Ook die komen meestal van buiten maar houden het bedrijfsbelang in de gaten in de geest van het personeel. Het gaat erom dat in de raden van toezicht voldoende deskundige mensen komen die zich niets gelegen laten liggen aan de modieuze denkpatronen in de ons kent ons circuits van politiek, ambtenarij en bedrijfsleven.

Men zou natuurlijk ook de hervorming van Ritzen terug kunnen draaien om de oude universiteits- en hogeschoolraden weer in ere te herstellen. Het liep weliswaar geen storm op de stembussen maar dat is bij de hoogheemraadschappen evenmin het geval.

Primitieve vorm van marktdenken
Hoe dan ook, het moet afgelopen zijn met de  primitieve vorm van marktdenken die al decennia in de bestuursgebouwen als hoogste wijsheid geldt. Nu gaat dat zo van: Europa wordt steeds belangrijker. Dus laten wij maar het een en ander bij elkaar vegen en dat ‘Europese studies’ noemen. Of: er komt steeds meer werk op het gebied van voorlichting en pr. We gaan studierichtingen ‘communicatie’ in het leven roepen met allemaal taartpunten erin uit de sociale wetenschappen. Of: wij moeten voor afgestudeerden zorgen die straks werk kunnen krijgen. Daar zijn het de tijden niet meer naar.

Waarzegster op de kermis
Een jaar of tien geleden nog concludeerde een met de bloem van het bedrijfsleven opgetuigde commissie Bakker dat er nú een enorm gebrek zou zijn aan personeel voor de zorg zodat het heel verstandig was om daarin je toekomst te zoeken. Ook verwachtte men een gigantisch gebrek aan leerkrachten in het lager en middelbaar onderwijs. Die voorspellingen bleken evenveel waard als de uitspraken van een waarzegster op de kermis zoals de tallozen weten die nu op de blaren van de werkloosheid zitten omdat ze geluisterd hebben naar de aanbevelingen van overheidsadviseurs.

Tegenwoordig voorspelt men praktisch opgeleide techneuten weer een gouden toekomst. Hoe die eruit zal zien wanneer de 3d-printerrevolutie werkelijk op gang komt, weet geen mens. En evenmin hoeveel behoefte er in de toekomst nog zal zijn aan de types die nu denken dat zij een of andere kundestudie volgen die hen klaarstoomt om de manager van morgen te zijn. Je kunt er geen peil op trekken.

Wij leven in een tijd van permanente wetenschappelijke en technische revolutie, die alle verwachtingen ook op de middellange en korte termijn steeds weer overhoop gooit. Vandaar dat de termen ‘levenslang leren’ en ‘éducation permanente’ zoveel opgeld doen. Je kunt niet je leven lang teren op een studie die je in het eerste kwart van je leven voltooid hebt. Den Haag ontgaat dit getuige de besluiten om bijvoorbeeld een stevig prijskaartje te hangen aan wat met een denigrerende uitdrukking ‘studies stapelen’ wordt genoemd.

Tegelijkertijd beseft het bedrijfsleven op een paar uitzonderingen na niet dat opleidingen en ad hoc trainingen van het eigen personeel een steeds onmisbare component zullen worden van elke bedrijfsstrategie. Het moet op dat gebied zijn eigen verantwoordelijkheid nemen en niet steeds een beroep doen op de overheid. Dat zou oprechte vaderlanders als Halbe Zijlstra toch moeten toelachen maar dit terzijde.

Diepgang
Het is aan de universiteiten en hogescholen om de noodzakelijke diepgang te verschaffen om het functioneren mogelijk te maken  in zo’n samenleving waarin je steeds weer je eigen kennen en kunnen op soms drastisch andere wijze vorm moet geven.

Niet dat dit besef in de bestuursgebouwen van de universiteiten en hogescholen ontbreekt. Het heeft het gruwelijke woord ‘competenties’ gebaard. De bazen en baasjes zijn tot het slotsom gekomen dat je niet zoveel meer hoeft te weten of te kunnen. Alles veroudert immers snel en op het internet kun je tegenwoordig alles opzoeken. Kijk maar naar het permanente gegoogle van de secretaresse.

De vraag is echter wat je dan boven water krijgt. Ben je met een oppervlakkige brede opleiding wel in staat om dan het kaf van het koren te scheiden? Of is het dan noodzakelijk om juist de diepte in te gaan? Om wel Deens of Zweeds te studeren en juist géén Scandinaviëkunde? Om je te vormen tot socioloog of historicus of psycholoog OMDAT je hoopt een toekomst in de media te vinden? Om chemicus te zijn, astronoom of natuurkundige.

Onverwachte uitdagingen
Om vervolgens door de methodes, de technieken en de onderzoekstraditie van een klassiek samenhangend vak gevormd zijnde te bezien wat de samenleving je aan steeds weer onverwachte uitdagingen voor de voeten smijt: zo word je juist door specialisme breed inzetbaar. Dat komt omdat die diepgaande kennismaking met zo’n klassiek vak je immuun heeft gemaakt voor intellectuele modes en stromingen die wel eens een geneesmiddel zullen bieden voor alle kwalen op elk gebied en in de praktijk even efemeer blijken als oppervlakkig, net zoveel waarde hebben als de adviezen van de nieuwste dieetgoeroe.

Dat wil zeggen: als onze maatschappij serieus wordt ingesteld op levenslang leren en juist werkgevers hun verantwoordelijkheid nemen bij de organisatie van levenslang leren in eigen huis of via de branche-organisaties.

Stap één is dat universitaire bestuurders leren dat niet Deens of archeologie de hobbystudies zijn maar de kundes, die zij in het leven roepen omdat er zogenaamd een markt voor afgestudeerden is. Je hebt in de raad van bestuur meer aan een goede assyrioloog dan aan een of andere bedrijfskundige die op de universiteit is volgestopt met de managementmodes van gisteren. Weg met de hobbystudies, die reuzenmeren zonder diepgang, die rijsttafels zonder specerijen.


Beluister
dit opiniestuk hier 


Volg Han ook op Twitter

Het nieuwste boek van Han is De Mooiste Jaren van Nederland (1950-2000)


Laatste publicatie van Han van der Horst

  • Nepnieuws

    Een wereld van desinformatie

    Februari 2018


Geef een reactie

Laatste reacties (118)