6.223
72

filosoof

Stine Jensen studeerde literatuurwetenschap en filosofie in Groningen, waarna ze verder ging aan de Universiteit van Maastricht en promoveerde op Waarom vrouwen van apen houden. Een liefdesgeschiedenis in cultuur en wetenschap, over vrouwen en apen in film, literatuur, verhalen, reclames en wetenschap, van Tarzan tot King Kong. Van het boek verschenen vertalingen in het Chinees en in het Frans. Ze schrijft regelmatig voor NRC Handelsblad. Van september 2007 tot 2009 was ze vaste columnist in het boekenkatern van NRC Handelsblad, en nu opinieert ze regelmatig op de pagina's van de opiniebijlage. Ook schuift zij regelmatig aan bij het radioprogramma OBA Live om mee te debatteren over actuele kwesties in cultuur en politiek. Stine maakte het televisieprogramma 'Dus ik ben' (HUMAN) gebaseerd op de gelijknamige bestseller. In 2012 verscheen de opvolger 'Dus ik ben weer'.

Weg met het dualisme van lichaam en geest

Terwijl het Westen een scheiding maakt tussen lichaam en geest, materie en bewustzijn, mens en natuur, en gebaseerd is op argumenteren, analyseren en de ratio, prefereert het oosterse denken de onmiddellijke ervaring en de intuïtie

Jaarlijks stelt John Brockman, oprichter van het vermaarde discussieplatform Edge.org, één vraag aan een selectie van de meest interessante wetenschappers, auteurs en kunstenaars ter wereld. Dit keer vroeg hij: ‘Welk wetenschappelijk idee is rijp voor de prullenmand?’ De 175 antwoorden werden gebundeld in Wetenschappelijk onkruid en op Joop lees je er de komende weken alvast een aantal van.

Descartes is dood, het dualisme hardnekkig. Het denken in tegenstellingen, binaire opposities, beïnvloedt nog altijd sterk hoe wij onszelf zien en de samenleving inrichten. Denk bijvoorbeeld aan de manier waarop wij innerlijke conflicten ervaren en beschrijven: ons gevoel wil het een, maar het verstand het ander. Of de manier waarop wij het onderwijs inrichten, volledig gebaseerd op het rationalisme. Hoe ‘hoger’ het onderwijs, hoe meer het gericht is op het bovenste deel van ons lichaam – het hoofd. Het lichaam trainen we ook, maar marginaler, vanaf de ‘lagere’ school met een uurtje gymnastiek. Dualistisch denken creëert hiërarchie, figuurlijk en letterlijk. Wie ‘omhoog’ klimt in de samenleving, huist ook letterlijk hoger in de gebouwen: managers zitten op de bovenste etage met het uitzicht op de wereld, de premier in een torentje.

Net als Descartes in zijn tijd, die de geest en de materie tot twee verschillende substanties verklaarde, maar ook bleef zoeken naar het ontmoetingscentrum (de pijnappelklier in zijn geval), zoeken wij naarstig naar de samenhang tussen lichaam en geest. Hoe wij ons geestelijk voelen, bepaalt ook ons lichamelijk welzijn en onze lichamelijke conditie bepaalt ons mentale welzijn, dat ontkent niemand meer. Samengestelde woorden als ‘psychosomatisch’ (psychische klachten die zich lichamelijk manifesteren) herinneren ons aan deze zoektocht, en aan de dualistische erfenis.

Inmiddels zijn er vele wetenschapsfilosofische kritieken op het dualisme geformuleerd. De kritische filosofie kwam met het deconstructivisme en het postmodernisme (het denken in veelheid en het perspectivisme). Andere wetenschapsfilosofen antwoordden met de radicale keuze voor de materie in het fysicalisme: er is niets buiten de fysieke natuurwetenschappelijke wereld.


Maar deze kritische reacties leverden niet een positief alternatief op of een concrete aanwijzing voor hoe beter te leven. En wellicht waait er daarom al een tijdje een stevige oosterse wind: het non-dualisme of het metafysische monisme vormt een aantrekkelijk alternatief. Voorbij de dualiteit! Terwijl het Westen een scheiding maakt tussen lichaam en geest, materie en bewustzijn, mens en natuur, en mens en God, en gebaseerd is op argumenteren, analyseren en de ratio, prefereert het oosterse denken de onmiddellijke ervaring, de intuïtie en het inzicht, en het cyclisch denken in plaats van progressief of lineair. In zijn boek The Easternization of the West noemt de Britse socioloog Colin Campbell deze ‘veroostersing’ net zo belangrijk als de Verlichting en de Renaissance – omdat ze een kanteling in het dualistische denken markeert, een zoektocht naar een alternatief.

En inderdaad, wie de thermometer diep in de billen van de westerse tijdgeest steekt, kan vaststellen dat het holistische denken aan populariteit wint op allerlei terreinen in de samenleving, in de politiek (meer dierenbewustzijn), in de natuurwetenschap (kwantumtheorie) en in het alledaagse leven (mindfulness, yoga en flow). De pogingen om rationaliteit een toontje lager te laten zingen zijn dan ook meer dan een lifestyle, stelt Campbell.

Maar de term non-dualisme doet hetzelfde als de term psychosomatisch: hij introduceert paradoxaal precies de oppositie die hij bekritiseert en introduceert een hiërarchie waarbij non-dualiteit boven dualiteit wordt geplaatst. En daarom zoeken we verder, ook naar vocabulaire. Is ‘gradualisme’, het denken in gradaties, om zo af te geraken van het dialectische denken, niet beter?


Misschien is de meest geslaagde poging om te denken in termen van samenhang en verbinding in plaats van oppositie en tegenstellingen, tot nu toe de poging van de neurowetenschapper Sam Harris. Hij noemt zichzelf een ‘spirituele atheïst’, en verbindt spiritualiteit met nuchterheid en wetenschap. Woorden als ‘holisme’ of ‘non-dualisme’ vermijdt hij. In zijn boek Waking Up houdt hij een pleidooi voor meditatie gebaseerd op de laatste inzichten uit de hersenwetenschap. Hij stelt dat er niet zoiets is als een stabiel ‘ik’, maar stelt dat het bewustzijn intrinsiek ‘zelfloos’ is – iets wat experimenten uit de neurowetenschap en filosofisch onderzoek inmiddels onderschrijven.

De waarheid over bewustzijn en ademhalingstechnieken die ons beter doen leven en voelen zijn daarbij niet intrinsiek ‘oosters’ of ‘westers’ (weer een dualisme), stelt hij, want de waarheid behoort niet toe aan een territorium.

We mogen het dualisme van Descartes dan ten grave dragen, maar bedanken hem hartelijk voor zijn Meditaties. Die pakken we in letterlijke zin op, met ons hele denklichaam en onze ademhaling – op zoek naar een leefbare, gelukkige samenleving. En een waarheid die ons beter doet leven, ervaren en voelen.

 Dit stuk is afkomstig uit de bundel Wetenschappelijk onkruid.

Geef een reactie

Laatste reacties (72)