2.456
13

Beeldend kunstenaar

Klaas van Gorkum is kunstenaar, en werkt sinds 2001 samen met de Baskische kunstenares Iratxe Jaio. In hun projecten onderzoeken zij maatschappelijke en politieke kwesties met betrekking tot het dagelijkse leven. In 2010 schreven ze een maandelijkse artikel over kunst en politiek voor Mugalari, het cultureel supplement van de Baskische krant Gara.

Wilders had het laatste woord

“Ik mag het eigenlijk niet zeggen”

De politicus Geert Wilders wist het zelf al, toen hij op het podium stond in dat Haagse café op 19 maart 2014. Achter hem was een vlag opgehangen, en aan zijn linkerkant hingen drie ballonnetjes, ook in de kleuren rood-wit-blauw. Op de katheder vóór hem stond een rij microfoons reikhalzend te wachten op zijn woorden die ze vliegensvlug het land in zouden zenden. Maar zijn ogen waren gericht op de menigte die zich onder hem had verzameld. Dit was zijn volk. En die had niet veel aansporing nodig om het dan zelf maar te roepen: “Minder, minder, minder!”

Er zullen er niet veel Marokkanen tussen hebben gestaan.

Screenshot NOS / YouTube
Screenshot NOS / YouTube

Met die woorden is een proces in gang gezet dat achteraf bezien maar naar één hoogtepunt leek te kunnen voeren: het moment waarop de politicus, dit keer als beklaagde, het woord weer tot zich nam en in zijn slotverklaring de rechtsgang zelf in staat van beschuldiging stelde:

“Dit proces, meneer de President, stinkt echt van alle kanten. Het zou Turkije of Iran waar de oppositie ook voor de rechter wordt gesleept, niet misstaan. Het is een charade, een blamage voor Nederland, een aanfluiting voor onze rechtstaat.”

De wijlen Franse advocaat Jacques Vergès, notoir om zijn verdediging van zogenaamde terroristen en oorlogsmisdadigers, zou dit hebben herkend als een variant op zijn geduchte “defense de rupture”. Een strategie die in 1987 uitgebreid onder de aandacht kwam tijdens zijn verdediging van Klaus Barbie, een oude Nazi die terecht stond voor de martelingen en moorden gepleegd als lid van de Gestapo in Lyon. In plaats van zich te richten op strafvermindering, of op het bewijzen van Barbie’s onschuld, bestond zijn verweer uit het aanvechten van de rechtmatigheid en de moraal van de staat die tot vervolging was overgegaan.

Deze aanpak kan in zekere zin worden beschouwd als een vorm van “immanente kritiek”, omdat er geen beroep wordt gedaan op een externe norm of uitzonderingspositie. De jurist onderschrijft immers de aanspraken die de rechtspraak maakt op de normen en waarden van de democratische rechtsstaat, zoals het gelijkheidsbeginsel, de vrijheid van meningsuiting, en het recht op zelfbeschikking. Om vervolgens onverbiddelijk, en van binnenuit, de tegenstrijdigheden en hypocrisie van het overkoepelend instituut bloot te leggen, tot zij wel moet bezwijken onder de last van haar eigen morele principes.

In dramatische toespraken, gericht tot zowel de rechtbank als tot de pers daarbuiten, verschoof Vergès consequent de aandacht naar de betrokkenheid van de Franse collaborateurs bij het uitvoeren van de Endlösung, en naar hun eigen wrede erfenis van marteling en counterterrorisme tijdens de Algerijnse Oorlog.

De raadsman kon zijn cliënt, die tot een levenslange gevangenisstraf werd veroordeeld, er niet mee vrijpleiten. Maar hij slaagde er wel in om de dominante verhaallijn van het proces te ontwrichten, die volgens verwachting had moeten leiden tot een triomf voor het Openbaar Ministerie en een eerbetoon aan het lijden en heldhaftig verzet van de Fransen onder Duitse bezetting. Met zijn aanklacht tegen het westers imperialisme speelde Vergès het klaar om het historisch en didactisch karakter van het proces te herschrijven, en de Fransen te confronteren met een deel van hun verleden dat ze tot dusver hadden verdrongen.

Ook Wilders heeft zijn veroordeling uiteindelijk niet kunnen ontlopen. Maar het zal niemand zijn ontgaan dat het vonnis zelf ondergeschikt is geraakt aan de symbolische waarde van het betoog dat hij als gedaagde in de rechtbank heeft gehouden.

Vergès hield ervan om justitie te vergelijken met theater. “Een rechtszaak is een plek van metamorfose,” placht hij wel eens te zeggen, “Jeanne d’Arc zou geen heilige zijn geweest zonder haar proces.”

Door: Klaas van Gorkum en Iratxe Jaio

Geef een reactie

Laatste reacties (13)