7.998
66

Twitteraar en meninkjeshebber

Schrijft normaal gesproken over American Football maar vindt progressieve zaken ook belangrijk.

De witte vlek van blanke opiniemakers

Hoe Sylvia Witteman en Marianne Zwagerman de bezwaren van zwarte mensen negeren en het woordenboek herschrijven

Castpresentatie bioscoopfilm SoofSylvia Witteman vindt het niet leuk om “wit” genoemd te worden, schrijft de Volkskrant-columniste. Ze heeft er geen problemen mee om het n-woord te laten varen, en wil mensen zelfs nog “zwarten” gaan noemen (de voorkeur is “zwarte mensen”, met nadruk op mensen). Wat een ruimhartig mens.

Toch wil ze graag vasthouden aan “blank” voor ons witte mensen, want, zo zegt ze, onze huidskleur is niet wit, maar blijkbaar wel blank. Ze verzint maar meteen een betekenis die nooit in mijn of haar leven in een woordenboek heeft gestaan. “Blank” is nu blijkbaar “een woord voor een kleur die een tikje warmer is dan wit”.

Beige
Klinkklare onzin: we hebben woorden voor die kleur, en dat zijn woorden als beige, creme, of
gebroken wit. Niemand noemt mijn gestucte muren “blank”, zelfs de Van Dale niet. Ons aller woordenboek zegt over “blank”: helderwit, niet bevlekt, niet gekleurd (“het blanke ras”) of onder water staand. Aangezien we het niet over kelders hebben en mensen niet helderwit zijn, kunnen we toch wel van de middelste twee betekenissen uitgaan, die geen van beide iets over een warmere vorm van wit zeggen.

De betekenis van blank buiten het gebied van ras is misschien iets duidelijker in talen waarin er geen raciale betekenis aan het woord is gegeven. Zie bijvoorbeeld blank canvas en blank slate in het Engels, waar blank vertaalt naar onbeschreven. Maar ook in het Nederlands weten we dit nog: blank hout is ongeverfd hout en blanke lak is transparent, niet beige. Witteman noemt nota bene zelf het voorbeeld van blank hout, maar denkt dat het over een warm witte kleur gaat. Ik wil graag weten waar zij haar wonderlijke witte blankhout koopt, want dat zal toch wel wat waard zijn.

Onbevlekt
Met deze betekenissen wordt meteen het probleem duidelijk: wij witte mensen zijn helemaal niet onbevlekt, onbeschreven, transparant of ongekleurd. Wij zijn niet neutraal. Wij hebben een huidskleur en een raciale positionering, ook al willen we in onze witte onschuld,
om met Gloria Wekker te spreken, nog zo graag doen van niet.

Zoals zo veel Nederlanders voor haar, verzint Witteman een fabeltje om vast te houden aan een oude realiteit die snel verandert. We zagen en zien het bij Zwarte Piet: de schoorsteenmythe moffelde de raciale betekenis van zijn huidskleur weg (over kroeshaar en rode lippen praten we niet). De afgelopen jaren verzinnen mensen steeds weer nieuwe onzin om de onschuld van hun favoriete racistische karikatuur vast te houden, van mythes over kindslaven bevrijd in Myra, tot Zwarte Piet als Saraceen. Maakt niet of het iets met de historische realiteit te maken heeft, zo lang het maar lekker bekt en onze onschuld in stand houdt.

Witte onschuld
Het doet mij denken aan Marianne Zwagerman, die dit weekend beweerde het n-woord te gebruiken omdat ze geen alternatief kende voor de groep mannen tot wie ze zich aangetrokken voelde, de witte onschuld zelve spelend. De geschiedenis en bijklank van witte vrouwen die seksueel geïnteresseerd zijn in zwarte mannen is verre van onschuldig, maar dat antiracisten van kleur al sinds jaar en dag alternatieve termen gebruiken, met “zwarte mensen” als meest-voorkomende, is haar blijkbaar volledig ontgaan. Ze had het aan mensen die bezwaar maken tegen het n-woord kunnen vragen, of eens
een stuk lezen van de mensen die zij zo aantrekkelijk vindt, maar blijkbaar vindt ze de gedachten van zwarte mannen toch niet interessant. Liever ontkent ze de realiteit dat er wel alternatieven zijn, en blijft ze daarom een racistische term gebruiken.

De realiteit maakt voor zowel Witteman als Zwagerman blijkbaar niet zo veel uit: ze verzinnen wel een reden om ongestraft te doen wat ze willen. Die macht hebben ze. Ironisch genoeg betekent dit voor de één het n-woord achterlaten, maar weigeren om “wit mens” te accepteren, en voor de ander exact het tegenovergestelde.

Negeren
Voor beiden betekent het in ieder geval het negeren van bezwaren van zwarte mensen, en Witteman gaat zelfs zo ver om de bron van die bezwaren uit de geschiedenis te schrijven. Ondanks het feit dat de opkomst van “wit” pas na herhaaldelijke en langdurige bezwaren vanuit de antiracistische beweging gebeurt, en ondanks het feit dat ieder artikel dat over wit versus blank gaat, het over racistische ladingen heeft, durft Witteman nog te beweren dat het vast door “het toegenomen gebruik van verbasterd Engels” komt.

Dat Witteman helemaal niet naar antiracisten luistert, valt ook te zien aan hoe zij racisme begrijpt: amper. Dat ‘Wit’ en ‘Zwart’ niet refereren aan de letterlijke kleur van iemands huid, die is ook binnen raciale groepen zeer verschillend, maar aan de betekenis die het concept ras krijgt door de manier waarop de samenleving ermee omgaat, ontgaat haar volledig. Dat is absoluut niet uniek: het intellectuele niveau in ‘s-lands kranten over racisme is bedroevend laag, en niemand lijkt de moeite te nemen om zich in te lezen in het onderwerp alvorens column na ongeïnformeerde column erover te schrijven.

Ras
Dus om af te sluiten, een snelle les voor de witte mens die graag ras en racisme wil leren begrijpen: ras is
niet biologisch relevant. Iemands (vermeende) ras beïnvloedt wel de manier waarop de maatschappij met mensen omgaat, door vooroordelen, denkbeelden, onbewuste bias en andere mechanismen. De maatschappelijk realiteit geeft dus betekenis aan ras en vult in hoe hij belangrijk wordt in onze samenleving: het is een sociaal construct. Ras is sterk gerelateerd aan maar niet identiek aan de tint van iemands huid. Ras heeft ook historische betekenissen en connotaties, vage grenzen die met de tijd en in verschillende contexten verschuiven, en kan ook een politieke identiteit zijn die bewust wordt opgenomen of verworpen door mensen.

Ingewikkeld? Ja. Dat is altijd zo bij maatschappelijke onderwerpen. Daarom zou het mensen die erover willen schrijven sieren om eens wat verdiepend materiaal te lezen. Ik raad White Innocence van Gloria Wekker en Racecraft van Karen en Barbara Fields aan. Want zelfs als je het niet met mensen eens bent, zou je op zijn minst moeten weten wat hun denkbeelden zijn alvorens je ze gaat bekritiseren, toch?

Geef een reactie

Laatste reacties (66)