2.675
47

Historicus en popproducer

Xavier François Baudet (Groningen 1975) is muziekproducent en schrijver van artikelen over politiek en popcultuur. Hij studeerde Amerikaanse- en Sociale Geschiedenis aan de Universiteit Leiden en schreef zijn scriptie over de wisselwerking tussen de Amerikaanse Burgerrechtenbeweging en de doorbraak van Rock ’n Roll. Zijn bijzondere interesse hebben The Beatles, Zeppelins, Kennedy, de EU en de Amerikaanse verkiezingen. Als producer was hij onder meer betrokken bij het album The Hunt van de art-rock formatie Glossy Jesus.

Woorden met een negatieve connotatie moet je niet afschaffen

Aan de oorzaak van die bijklank kun je als overheid wél iets doen

cc-foto: Franklin Heijnen

Het woord ’allochtoon’ heeft in de loop der jaren een negatieve bijklank gekregen. Om die reden haalt de overheid het woord per direct uit haar officiële vocabulaire. Een grote denkfout.

Volgens mij is het een verkeerde reactie om woorden te willen afschaffen met het argument dat ze een negatieve bijklank hebben gekregen. Dat laatste is namelijk te subjectief. Dat wil zeggen: anders dan bij het woord ‘poep’ of het woord ‘kanker’ is er geen uitgesproken negatieve connotatie verbonden aan het woord allochtoon. Maar dat verandert op het moment dat een overgrote meerderheid zo’n woord negatief gebruikt. En de overheid versterkt dat door het woord niet langer te willen gebruiken. Andersom komt overigens ook voor: ik heb begrepen dat “vies” in Antilliaans straatjargon ‘mooi’ of zelfs ‘lekker’ betekent. Dat is nu geen aanleiding het woord te veranderen, maar het zou kunnen als een meerderheid ‘vies’ anders gaat uitleggen.

Als overheid kun je er voor kiezen een trend te volgen of er juist tegenin te gaan. Dat laatste levert consultants minder op want het vereist geen grootschalige omschakeling en alleen daarom al is de status quo niet zo populair bij de top van het nationaal management. Logisch, want dingen veranderen is hun beroep. Maar wie een woord verandert omdat mensen dat woord negatief gaan gebruiken maakt een denkfout: Je verandert de lading niet door het woord te veranderen. Ook de opvolger van het woord allochtoon zal spoedig een negatieve klank krijgen als mensen negatief praten over het fenomeen waarvoor we dat woord gebruiken. Het woord ‘gesticht’ werd ooit geïntroduceerd omdat ‘gekkenhuis’ te beladen was. Maar het woord gesticht is inmiddels synoniem met gekkenhuis. De negatieve associaties die de samenleving had (heeft?) met geesteszieken bleken sterker dan de oorspronkelijke neutraliteit van het woord gesticht. Het woord ‘geestesziek’ maakte plaats voor ‘psychiatrisch’. Maar ook dat woord wordt gebruikt om kritiek te uiten op afwijkend gedrag, bijvoorbeeld dat van Max Verstappen, dat we als onsympathiek ervaren, maar dat niet noodzakelijkerwijs duidt op een probleem in de hersenen.

Uiteraard zien we deze trend niet alleen in Nederland. In Engeland is het woord ‘deaf’ schijnbaar te negatief en is daarom ‘audibly-challenged’ geïntroduceerd : ‘auditief uitgedaagd’. Het woord uitdaging heeft namelijk een positievere connotatie dan ‘doof’. De vraag is echter of de dove er zelf ook maar iets aan heeft. En legt het woord ‘uitdaging’ de verantwoordelijkheid niet wat veel bij de dove zelf? Alsof hij een uitdaging niet aandurfde toen hij zijn opvatting over de Matthäus Passion voor zich hield. Wel biedt het ons inspiratie voor de opvolger van het woord allochtoon: Etnisch Uitgedaagd.

“Dit is geen politieke correctheid. We passen ons aan aan de gevoelens in de samenleving” zegt Jan latten van het CBS. Hij vergist zich. Dit leeft niet in dé samenleving, maar bij een subcultuur binnen die samenleving die ook de namen van schilderijen en hele passages in boeken wil veranderen omdat ze bijvoorbeeld het woord ‘Moor’ of ‘Eskimo’ beledigend vinden. (Strikt genomen hebben die mensen natuurlijk gelijk zodra er ook maar één persoon opstaat die zich beledigd voelt door het woord Moor of Eskimo. Maar in het Arabië van de 15e eeuw en in het hedendaagse Groenland hebben ze wel wat beters te doen dan zich te bekommeren om de zorgen van Nederlandse museumdirecties).

Het woord ‘allochtoon’ is een neutraal begrip. De beste manier om tegen te gaan dat dat woord een negatieve bijklank krijgt is door het zelf ongestoord (sorry voor diegenen die het woord ‘gestoord’ niet meer vinden kunnen) in z’n neutrale betekenis te blijven gebruiken. Wie denkt dat de lading van een woord positiever wordt door er een ander label op te plakken heeft Orwell’s 1984 gelezen en precies níet begrepen waar dat boek tegen waarschuwt.

Tot slot: het anders willen benoemen van de groep mensen die we nu kennen als allochtonen omdat dat woord een negatieve bijklank zou hebben plaatst die mensen in het hokje ‘zielige hulpbehoevenden’. Het wáre stigmatiseren bestaat daaruit, en niet uit de specifieke benaming die we ze toekennen. De moeite die sommigen doen om een groep zielig te verklaren en van die zieligheid te genezen met een nieuw labeltje zorgt voor rancune. Zowel bij de allochtoon die hier niet echt door wordt geholpen als de autochtoon die zich afvraagt waarom hij dat soort aandacht niet krijgt.

Misschien moeten we wat minder bezig zijn met symboolpolitiek en wat meer met arbeidsmarktproblematiek. Anoniem solliciteren, terugdringen van de flex-cultuur, investeringen in de buurten en wijken door grootschalige instellingen op te delen in kleinschalige buurthuizen, ziekenhuizen, scholen et cetera. Als je wilt dat mensen integreren heb je een samenleving nodig om ín te greren. Dat weten we allemaal al jaren. Laten we er eens wat mee gaan doen.

Geef een reactie

Laatste reacties (47)