589
1

Afrika journalist

Arne Doornebal (1983) werd als tienjarige voor het eerst meegenomen op familiebezoek in Afrika en volgt het continent sindsdien. Hij woonde tussen 2007 en 2013 in Oeganda en Zuid-Soedan en reisde als freelance journalist/fotograaf door de regio. Zat ooit 29 dagen op een boot op de Congo rivier; at onderweg een aap. Werkt nu bij BNR Nieuwsradio.

Wordt in Den Haag straks een ex-kindsoldaat berecht?

Laten we LRA kopstuk Dominic Ongwen in Scheveningen wegkwijnen? Of kan hij beter mee helpen zoeken naar Joseph Kony?

Als u temidden van alle aandacht voor de terreur in Parijs de arrestatie van Dominic Ongwen gemist heeft, zij u dat vergeven. Toch was de arrestatie van deze Oegandees, een kopstuk van Afrika’s langst actieve terreurgroep Verzetsleger van de Heer (LRA) van Joseph Kony, een belangrijke doorbraak. Het kan zomaar dat deze Ongwen, een voormalig kindsoldaat, binnenkort in Den Haag terecht staat.

Joseph Kony mag dan pas wereldwijde bekendheid gekregen hebben door de honderd miljoen Youtube-hits van de film #Kony2012, Oeganda kende hem al sinds het eind van de jaren ’80 toen hij zijn illustere beweging begon. Het LRA sneed de oren af van hen die niet wilden luisteren en lippen van hen die moesten zwijgen. Zeker twintigduizend mensen kwamen om, miljoenen vluchtten en tienduizenden kinderen werden ontvoerd in Oeganda, Zuid-Soedan, Congo en de Centraal-Afrikaanse republiek. Kinderen werden soldaat of seksslavin. Het LRA is al 8 jaar uit Oeganda weg, maar toch leeft vooral daar de vraag: wat moet er strafrechtelijk gezien met de leiders van het LRA gebeuren? 

De ex-vrouw van Joseph Kony leek me de uitgelezen persoon om te vragen wat er moest gebeuren met de man waar ze vanaf haar twaalfde jaar mee ‘getrouwd’ was – tegen wil en dank. “Laat hem naar Den Haag gaan om hem bij het ICC te berechten”, zei de 29-jarige Eveline met zachte stem, vlak nadat de #Kony2012 film was uitgekomen. Haar drie kinderen, Kony look-alikes, drentelden om ons heen in haar ronde huisje met rieten dak in het Oegandese stadje Gulu. 

De visie van Kony’s ex-vrouw Eveline was helder, maar op dat moment een minderheidsstandpunt in Noord-Oeganda – de plek waar Kony zijn rebellie begon. Talloze slachtoffers van Kony’s kinderleger vertelden me de afgelopen jaren dat ze liever vergiffenis dan berechting wilden voor Kony en zijn geronselde strijders.
Tenminste 14 duizend voormalige leden van Kony’s leger hebben amnestie gekregen onder een Oegandese wet uit het jaar 2000 die ervoor moest zorgen dat de rebellen ‘uit de bush’ kwamen en zich overgaven. In Noord-Oeganda moesten ze het Mato-Oput ritueel ondergaan; waarbij ze op een ei stapten en vervolgens een bittere worteldrank nuttigden samen met de mensen die ze iets aan gedaan hadden.

De mildheid van de Noord-Oegandezen tegen ex-rebellen stamt voort uit de gruwelijke werkwijze van Kony. Kinderen van soms nog geen tien jaar oud werden ’s nachts overvallen en met een hakbijl in de nek gedwongen om hun ouders te doden. Het was doden of zelf gedood worden. Uit schuldgevoel durfden deze kinderen nooit terug naar huis te keren, wetende dat ze gruwelijke moorden in hun eigen gemeenschap gepleegd hadden. Militaire actie tegen Kony’s kinderleger vond eveneens weinig steun; het was immers een leger van onschuldigen die tot monsters gemaakt waren.

In 2008 was er bijna een historische doorbraak. Drie dagen lang zat ik met een internationaal gezelschap van (VN) diplomaten en journalisten in een Zuid-Soedanees oerwoud te wachten op Joseph Kony, die volgens onderhandelaars een vredesakkoord zou komen sluiten. Er hingen een paar jeugdige rebellen rond in Arsenal T-shirts; journalisten poseerden trots met ze. Parlementsleden uit Noord-Oeganda praatten moederlijk op de jongens in. “Waarom komen jullie niet terug?” Maar iedereen in Kony’s leger wist dat een mislukte ontsnappingspoging onherroepelijk zou leiden tot een gruwelijke dood.

Kony kwam niet en liet in een verklaring weten bang zijn uitgeleverd te worden aan Den Haag. Nooit was het anti-ICC sentiment in Noord-Oeganda zo groot als rondom de mislukte vredesbesprekingen van 2006-2008, toen men het gevoel had dat het Westerse streven naar ‘gerechtigheid’ leidde tot het voort duren van de oorlog.

Vorige week meldden Oeganda en de VS opeens dat Dominic Ongwen is gearresteerd. Ongwen is één van de vijf LRA-kopstukken die in 2005 door het ICC werd aangeklaagd – de eerste zaak voor het prestigieuze Internationaal Strafhof in Den Haag. Twee van de vijf leiders zijn naar alle waarschijnlijkheid dood. Ongwen zit nu op de Amerikaans/Oegandese basis in Obo, in een ondoordringbaar gebied diep in de Centraal-Afrikaanse Republiek. Zonder strijd gaf hij zich over. “Hij had er genoeg van”, liet het Oegandese leger weten.

“Nu naar Den Haag”, riep Amnesty International direct na het nieuws. Maar of dat gebeurt is nog onzeker. Toen Oeganda de Kony-zaak in 2005 aan het Internationaal Strafhof doorspeelde, had het land zelf geen mogelijkheden om oorlogsmisdaden te berechten. Nu wel. Speciaal voor het LRA zette Oeganda een eigen oorlogsmisdaden tribunaal op, onder de bezielende leiding van openbaar aanklaagster Patricia Mutesi – die ooit rechten studeerde in Groningen.

In 2011 werd Thomas Kwoyelo gearresteerd, een LRA-kopstuk die slechts iets lager in rang was dan Ongwen – maar niet op de ICC lijst staat. Oeganda wilde hem jarenlang op laten sluiten maar stuitte op haar eigen amnestiewet. Kwoyelo moest net als die 14 duizend anderen amnestie krijgen en was bovendien zelf als kind ontvoerd en gedwongen te doden, betoogden zijn advocaten. Met succes.

Kwoyelo kreeg gelijk en moest in 2012 op last van de rechter worden vrijgelaten. Maar het Oegandese leger houdt hem desondanks nog altijd vast. Deze omstreden praktijk zal de voorstanders van een berechting in Den Haag niet overtuigen om het Oeganda zelf te laten doen. In 2012 werd een ander LRA kopstuk, Ceasar Acellam, opgepikt in Centraal Afrika. Hij leeft nu met zijn familie ‘onder bescherming’ van het Oegandese leger in zijn thuisstad in Noord-Oeganda, waar hij naar verluid helpt met het opsporen van Kony. Strafrechtelijk wordt er intussen weinig tegen hem ondernomen.

Het is opvallend dat een land een zaak wel kan aankaarten bij het internationaal strafhof ICC, maar dat vervolgens niet meer in kan trekken zoals Oeganda geprobeerd heeft. Ik denk dat het Internationaal Strafhof Oeganda Ongwen zelf moet laten berechten volgens de daar geldende wetten – voor het speciale oorlogstribunaal met Gronings tintje.

Want wordt de wereld er echt beter van als we Dominic Ongwen, een man die op 10-jarige leeftijd zelf werd ontvoerd en gedwongen mee vocht met het LRA, jarenlang weg laten kwijnen in een Scheveningse cel? Mij lijkt van niet. Oeganda moet zelf kiezen. Optie A is de straf. Optie B: Ongwen’s hulp inzetten bij het vinden van de hoofddader van deze terreurgroep: Joseph Kony zelf. Die keuze moeten ze in Kampala maken, niet in Den Haag.

Arne Doornebal. Was van 2007 tot 2013 correspondent in Oeganda.

Geef een reactie

Laatste reactie