2.695
60

Ondernemer

Oud-bestuurslid landelijk bestuur GroenLinks van maart 2013 tot november 2016. Daarvoor gemeenteraadslid voor GroenLinks in Apeldoorn (2006-2010) en trainer van lokale politici. Ondernemer in het "sociaal domein"; freelance interim-manager en managementtrainer. Thans lid van de Piratenpartij en de Vrijzinnige Partij.

Wuif de SIRE-campagne niet zomaar weg

Kern van het probleem lijkt mij de ontkenning van de behoeften van kinderen in de publieke, openbare ruimte en ook van een samenleving die overgeorganiseerd lijkt te zijn geraakt

SIRE start een campagne om aandacht te vragen voor meer ruimte voor jongetjes om “druk te mogen doen”. Jongens hebben immers een andere speelbehoefte dan meisjes. Onmiddellijk begint het op Social Media te ratelen. Meisjes zijn decennia lang “onderdrukt”. Zijn we het hiermee eens of oneens? Welke taak is er voor scholen weggelegd?

SIRE
Screenshot SIRE Twitter

Laten we er nu eens voor waken dat we niet louter naar de scholen wijzen en verder niets doen met de oproep van SIRE. Kern van het probleem lijkt mij de ontkenning van de behoeften van kinderen in de publieke, openbare ruimte en ook van een samenleving die overgeorganiseerd lijkt te zijn geraakt. Op het gevaar af voor oude lul versleten te worden of voor iemand met een hang naar het verleden: vroeger – ik was een sleutelkind, mijn moeder werkte – speelde je met klas- of leeftijdsgenootjes buiten op veldjes en in bosjes en haalde je een kop thee en een koekje bij de buurvrouw.

De openbare ruimte is door de jaren heen ingrijpend veranderd. Ze is netjes en “aangeharkt”. Spelen is een wipkip geworden op rubber tegels of kunstgras. Samen buiten in de buurt is vervangen door buitenschoolse opvang waarbij de mensen die er werken overigens hun stinkende best doen.

Ik hield alweer heel wat jaartjes gelden een pleidooi voor “natuurlijk spelen” met als titel: “Het kind heeft het recht een gat in de knie te vallen”. Er is simpelweg behoefte aan rommel in de publieke ruimte. Nee, geen zwerfafval! Wel kreupelhout, bosjes, een oud autowrak, klimbomen. Gras, zand, modder. Takken en stenen. Maar we zijn als de dood dat die laatste dan her en der door de ruit gaan. Want wat er “in mijn tijd” ook was, was die strenge, maar ook aardige wijkagent die zijn pappenheimers kende en op heel veel plaatsen tegelijk was om de buurt een beetje te reguleren. Niet teveel. precies genoeg.

En nee, ik wil niet terug naar vroeger. Maar aangeharkte speelveldjes met een wipkip, een duikelrekje en soms zelfs een veilig klimrek daagt onvoldoende uit tot spelen. Schoolpleinen zonder zandheuvels, wat boompjes, struiken en rommel dagen niet uit tot creativiteit in het spel. Ravotten is een basisbehoefte van een groot deel van de kinderen. Of het nu Pasi Sahlberg is of Sir Ken Robinson. Of dichter bij huis, mensen als Micha de Winter of Luc Stevens. Zij zullen u vertellen dat kinderen vooral moeten spelen en dat “het leren” dan gemakkelijker en soepeler gaat verlopen.

Daarnaast is er dat ongelooflijk ware gezegde: “It takes a village to raise a child”. In straten, buurten en wijken is verbinding en saamhorigheid nodig. Kinderen die samen optrekken en volwassenen die daar, ook wanneer het niet direct hun eigen kinderen betreft, iets over kunnen zeggen wanneer er dingen gebeuren die echt een tikje te gortig zijn.

Het probleem dat SIRE adresseert, is niet primair een “jongetjes-dingetje”. Wat je dan impliciet zegt is dat die veel te aangeharkte ruimte vrouwelijk is en dat het langs elkaar heen leven van mensen in straten en buurten in met name grote steden dat ook is. Terwijl vrouwen echt meer dan mannen die verbinding zoeken.

Ik ben niet op zoek naar de “spruitjeslucht” van de Jaren ’50 en ’60 van de vorige eeuw. Maar een hedendaags herinrichten en herbeleven van de openbare ruimte met meer hoekjes en plekken die niet volledig ingetekend en ingericht zijn, is al heel wat waard. Het vraagt ook wat van mensen in de buurt. Die moeten of en toe met elkaar de hark grijpen grijpen. Niet om alles netjes te maken, maar om het zwerfvuil weg te halen dat één van de echte plagen van deze samenleving vormt.

Bovenal zullen we de publieke ruimte moeten leren in te richten, kijkend door de ogen van kinderen. Dat gebeurt nu niet. Alles is saai en ordentelijk bedacht en ingericht door volwassenen die lijken te zijn vergeten hoe het was om kind te zijn.

Geef een reactie

Laatste reacties (60)