908
3

Elfie Tromp (27) schrijft, presenteert en maakt theater. Onlangs verscheen haar debuutroman Goeroe bij uitgeverij Lebowski/Top Notch en won zij de VPRO Bagagedrager, de stimuleringsprijs voor jonge reisjournalisten.

Zakdoekje leggen

Kort verhaal

We krijgen een roze glitterkaart met de post. Op de voorkant staat Assepoester in prinsessenjurk.

Hallo …Rob en Elfie…
Ik word …1… jaar!
Kom je ook op mijn prinsessenfeestje?
Groetjes van Danique’Ik kan denk ik niet,’ probeer ik.

     ‘Het is het kind van mijn broer,’ zegt Rob

    ‘Stiefbroer,’ verbeter ik hem.
    ‘Maar hij hoort er helemaal bij.’
    En daarmee is het besloten. We gaan.
    Ik zie het nut van peuterverjaardagen niet in. Al die moeite en het kind zal het zich toch niet herinneren. Het maakt voor Danique niet uit of ik erbij ben. De laatste keer dat ik haar zag, smeerde ze pastasaus in haar haar.

We komen precies op tijd aan.

    Nick, Robs stiefbroer, doet de deur open.
    ‘Ha, broer,’ zegt hij en hij slaat amicaal op Robs schouder.
    Ik snap niet waarom zij elkaar altijd zo expliciet ‘broer’ moeten noemen. Alsof ze zichzelf ervan moeten overtuigen dat het zo is.
    ‘Kijk.’ Nick tilt zijn shirt op. ‘Heb ik laten zetten voor mijn kleine schat.’
    Halverwege zijn buik, daar waar het begint uit te dijen, staat in sierlijke letters Danique getatoeëerd. Daaronder de geboortedatum en tijd.
    ‘Mooi, man,’ zegt Rob.
    Nicks vrouw had dezelfde informatie, plus het geboortegewicht, al een week na de bevalling op haar buik laten vereeuwigen.
    ‘Waarom nu?’ vraag ik.
    ‘Waarom niet?’ zegt Nick.
    Daar kan ik niks tegenin brengen.

Nick geeft ons een tour door het huis.
    In de gang hangt een grote Mickey Mouse-poster met vergeeld plakband aan de hoeken.
    Boven het bed in de slaapkamer hangt een levensgrote foto van Danique, vers geboren, besmeurd met witte en rode derrie. Ze huilt. Nick en zijn vrouw hebben hun hoofd op haar buikje gelegd en kijken lachend naar de camera. Ze dragen mondkapjes. Is dit nu pril geluk? Ze zien eruit als twee gestoorde artsen die zodadelijk zullen bewijzen dat mensenbaby’s wel degelijk zonder darmstelsel kunnen overleven. 

    Naast de eettafel staat een vitrinekast met dartpijltjes en prijzen.
    De tuin en woonkamer zitten al vol met familie, kinderen en buren. Oma snijdt de taart in stukken. Ook zij heeft een tatoeage laten zetten. Op haar enkel, tussen de spataderen, staat de letter D.
    ‘Wat willen jullie drinken?’ vraagt ze ons.
    ‘Een rosé zou lekker zijn,’ zeg ik.
    Oma trekt een getekende wenkbrauw op. ‘Het is een kinderfeestje, hoor. We hebben Fanta en bier.’
    Ze geeft me een bekertje Fanta.
    Danique scheurt de verpakking van ons cadeau. Het is een plastic tiara. Ze slaat hem kapot op de tegels en krijgt dan een stuk taart.
    We vinden een plekje in de cirkel.
    ‘Ze ken al het verschil tussen plassie en poepie,’ zegt Daniques moeder. ‘Ze is echt heel slim.’
    Slagroomtaart wordt op kartonnen bordjes rondgedeeld.
    Nick stapt in het midden van de cirkel. ‘En nou gaan we zingen.’ Hij begint en klapt de maat. Oma en buurvrouw vallen in. De rest volgt schoorvoetend.
    Danique komt op het geluid af. Ze krijst enthousiast. Ze hebben dit geoefend, besef ik. Dat moet wel. Hoe kan dat kind anders weten hoe ‘Er is er een jarig’ klinkt?
    Daniques opa komt met de videocamera in de cirkel staan. Langzaam draait hij rond en filmt een voor een alle aanwezigen.
    Hij is nog maar vier mensen van mij verwijderd. Ik kijk naar mijn vriend, die uit volle borst meezingt.

Drie. Ik houd niet van zingen. Twee. Ik wil nooit kinderen. Een. Ik haat familie en de camera is op mij gericht. Ik word vereeuwigd, terwijl ik ‘Lang zal ze leven’ playback.
    Daarna moeten we koekhappen. Oma gaat door haar rug.
    Langzaam kakt het feestje in. Bij de rondrennende kinderen is de kleurstof uitgewerkt en de volwassenen hangen wat lamlendig in de witte tuinstoelen. De buren en vrienden nemen afscheid.
    Het is tijd voor Daniques dutje. We mogen blijven, mits we fluisteren. Ik kijk smekend naar Rob, maar die knijpt in mijn schouder en zegt: ‘Gezellig, hè?’
    De familie staart elkaar aan. Ik drink mijn bekertje Fanta leeg.    
    ‘Ik weet wat,’ fluistert Rob. ‘Zakdoekje leggen!’
    Nick springt op, haalt een snotlap uit zijn achterzak en zwaait ermee door de lucht. ‘Goed idee, broer!’
    Ik verexcuseer me en ga naar de wc. Boven de pot hangt een foto van de blauw dooraderde uiertiet van Daniques moeder. Aan de tepel hangt het monster.

    Ik kots de wc onder. Klodders slagroomtaart in lauwe Fanta. Ik leun nog een tijdje met mijn hoofd tegen de Forever Friends-verjaardagskalender.
    Als ik de kamer in stap, zie ik vijf volwassenen stilletjes zakdoekje leggen.
    ‘Ik voel me niet zo lekker,’ zeg ik, blij dat ik een reden heb om weg te gaan.
    Buiten kijkt Rob me kwaad aan. ‘Jij weet altijd alles te verpesten. Ik had net de zakdoek gekregen.’
     ‘Het spijt me,’ zeg ik. Het zuur brandt in mijn keel. ‘Het spijt me echt.’

1 juli verschijnt het zomerboek van Lebowski Achievers. Een boek vol korte verhalen van o.a. Dennis Storms, Arie Boomsma, Özcan Akyol, James Worthy en Elfie Tromp. Woensdag 5 juni is de pre-launch.

Volg Elfie Tromp ook op Twitter

Geef een reactie

Laatste reacties (3)