1.026
44

Tweedekamerlid SP

Harry van Bommel (1962) is tweedekamerlid voor de SP. Sinds 1986 is hij lid van de partij. In 1990 werd hij voor de SP lid van de deelraad Amsterdam Oost en voorzitter van de afdeling Amsterdam Oost. In 1994 werd Van Bommel het eerste SP-gemeenteraadslid in Amsterdam. Sinds de entree van de SP in de Tweede Kamer is Van Bommel beleidsmedewerker Onderwijs en Defensie voor de nieuwe fractie. Hij werkte onder andere mee aan het spraakmakende rapport over (het gebrek aan) kansen voor jongeren "Alles Kids?".

Van Bommel studeerde politieke wetenschappen aan de Universiteit van Amsterdam (afgestudeerd in 1994) en doceerde hij enkele jaren Nederlands en Engels op een MBO-school.

Zal Timmermans scherp blijven?

Zal hij de geschiedenis ingaan als een waardig opvolger van Max van der Stoel, of als een eersteklas Limburgse moelian?

Vanavond en morgen bespreken we in de Tweede Kamer de begroting van het ministerie van Buitenlandse Zaken. Ik zal in mijn inbreng onder meer stilstaan bij het grote belang van mensenrechten, maar ook bij de ontwikkelingen in Afghanistan en rondom het Israëlisch-Palestijnse conflict.

Ik zal de minister van Buitenlandse Zaken herhaaldelijk herinneren aan opmerkingen van het Kamerlid Timmermans. Het lijkt erop dat die laatste vaak veel scherper was dan de minister nu is. Dat werd bijvoorbeeld duidelijk toen minister Timmermans tegen de verhoging van de Palestijnse vertegenwoordiging bij de VN was, terwijl Kamerlid Timmermans kort daarvoor nog voor was. Wil je meer weten? Lees dan mijn gehele inbreng hieronder. 

Dit is het eerste algemene debat dat we met de nieuwe minister van Buitenlandse Zaken voeren. De SP grijpt deze gelegenheid aan om te onderzoeken of er iets wezenlijks zal veranderen in het beleid. Daar is naar onze opvatting namelijk grote behoefte aan.

De laatste jaren heb ik veel kritiek geuit op de focus in het Nederlandse buitenlands beleid. Het handelsbelang kwam voorop te staan, mensenrechten verdwenen meer en meer naar de achtergrond. Diplomatie was er in de eerste plaats voor het behartigen van de economische belangen. Natuurlijk is Nederland in hoge mate afhankelijk van handel. Dat dit wordt bevorderd is dan ook meer dan logisch. Daarom pleit ik al enkele jaren voor de opening van een volwaardig consulaat in Iraaks Koerdistan. Maar mensenrechten mogen niet op een zijspoor. Helaas was dat bij het vorige kabinet soms wel het geval. Waar staat dit nieuwe kabinet? Wordt het oude beleid voortgezet of komen mensenrechten weer centraal te staan?

Mensenrechten
In het regeerakkoord staat terecht dat het buitenlands beleid de internationale rechtsorde en de mensenrechten moet bevorderen, maar er staat ook dat economische diplomatie een zware component blijft. In antwoord op de vraag naar de belangrijkste prioriteiten in het buitenlands beleid wordt economische diplomatie wel, maar mensenrechten niet genoemd. Dat is verontrustend. Verder wordt bij de werving van nieuwe beleidsmedewerkers voor het ministerie mensen met een economische achtergrond voorrang gegeven. Daarmee komt er een andere balans op het ministerie zelf. Gaat dit alles niet ten koste van de capaciteit voor het bevorderen van mensenrechten en rechtsorde en voor het opkomen voor mensenrechtenverdedigers?

De grootste Nederlandse betrokkenheid in het buitenland heeft al ruim tien jaar plaats in Afghanistan. Het continue, grootschalige geweld en de blijvende, grote onveiligheid in het land tonen onmiskenbaar aan dat de NAVO haar beloften over een beter Afghanistan niet kan waarmaken.

Vorige week kwam de VN met een rapport waaruit blijkt dat het geweld tegen vrouwen en meisjes blijft toenemen. In de provincie Kunduz werden vorige maand nog twee mannen gearresteerd omdat ze een meisje hadden onthoofd nadat haar vader een huwelijksaanzoek voor haar weigerde. Ook werden vier politieagenten tot zestien jaar veroordeeld wegens verkrachting van een 18-jarig meisje. Ik wil graag een reactie van de minister op dit rapport en vernemen hoe de door Nederland opgeleide politieagenten zich inzetten om geweld tegen vrouwen te voorkomen.

Lakmoesproef
De missie in Afghanistan is vaak een lakmoesproef voor de geloofwaardigheid van de NAVO, onder meer door de voormalige sg Jaap de Hoop Scheffer. Is de minister het met mij eens dat de NAVO overtuigend heeft gefaald voor deze lakmoesproef? En kan de minister een algeheel oordeel geven over de ruim elf jaar westerse militaire betrokkenheid bij Afghanistan? Hoe beoordeelt hij de resultaten hiervan?

We zullen in januari de missie uitgebreid bespreken maar ik wil er nu al één aspect uitlichten. Nederland maakt in Afghanistan gebruik van de diensten van particuliere militaire ondernemingen. Is er zicht op het aantal particuliere beveiligers en hun activiteiten? Komt het voor dat zij geweld gebruiken en wordt daar verantwoording over afgelegd?

Ondertussen kan de Nederlandse missie in Kunduz niet voldoen aan de eigen voorwaarden. Iedereen zag dat aankomen. Ik citeer graag het Kamerlid Timmermans die een fel tegenstander van de missie was en zei niet te geloven “dat die leidt tot meer vrede of tot een verbetering van de vrouwenrechten, want het doel van die missie is gewoon om anderen de strijd met de taliban te laten voeren”.

Het doet daarom raar aan dat de PvdA nu voor de volle 100% achter deze missie staat. Wat de SP betreft moet het devies zijn: inpakken en wegwezen. Vrouwenrechten staan overigens niet alleen in Afghanistan onder druk. Hoe staat het met de uitvoering van mijn motie over het bevorderen van wereldwijd verbod op steniging? Is de minister bereid een side event te organiseren bij CSW, de VN vrouwen conferentie die dit voorjaar plaatsheeft?

Israël
Voorzitter het vorige kabinet wilde een speciale relatie met Israël maar in het nieuwe regeerakkoord is die eenzijdige focus gelukkig verdwenen. Met zijn uitspraak dat de “uitbreiding van de nederzettingen de grootste bedreiging voor een twee-statenoplossing (is).” lijkt de minister te willen breken met de lijn van zijn voorganger. Maar praatjes vullen geen gaatjes. Wat gaat de minister concreet doen tegen de verdere uitbreiding van die illegale nederzettingen? Ik wil hem twee suggesties doen.

Ten eerste: stop de belastingaftrek voor donaties aan projecten in nederzettingen. Nog steeds hebben stichtingen als Christenen voor Israël en Shuva Israël Nederland de ANBI-status terwijl ze projecten in illegale nederzettingen steunen. Steun aan die projecten door belastingaftrek is in strijd met Veiligheidsraadresolutie 465 uit 1980 waarin alle staten worden opgeroepen Israël geen enkele assistentie te verlenen met betrekking tot de nederzettingen in bezet gebied. Noorwegen ging ons voor en trok de ANBI-status van dergelijke stichtingen in. Volg dat voorbeeld, zeg ik tegen de minister.

Een tweede concrete suggestie betreft producten uit de illegale nederzettingen die in Nederland worden verkocht. Dat gebeurt niet zelden onder het label “Made in Israël”. Zo wordt de consument misleid en krijgen de Israëlische exporteurs onterecht belastingvoordeel. Wat de SP betreft komt hier zo snel als mogelijk een eind aan. Dat kan simpelweg door de import van producten uit de nederzettingen te verbieden. Is de minister hiertoe bereid? Zo nee, is de minister dan in ieder geval bereid om, net als in Groot-Brittannië, Denemarken en Zuid-Afrika te zorgen dat er een einde wordt gemaakt aan deze consumentenmisleiding en ervoor te zorgen dat producten uit de bezette gebieden als producten uit de bezette gebieden worden gelabeld?

Het vorige kabinet wilde de relatie met Israël verdiepen door de oprichting van een Nederlands-Israëlische samenwerkingsraad. Daarmee liep het kabinet uit de Europese pas. Volgens de Jerusalem Post van gisteren overlegt de Israelische minister van Binnenlandse Zaken deze week met de gemeente Jeruzalem over de bouw van 6500 appartementen in Oost Jeruzalem. Een twee-statenoplossing wordt zo op de grond onmogelijk gemaakt. Tegen die achtergrond is de oprichting van een bilaterale samenwerkingsraad onaanvaardbaar. Deelt de minister die opvatting?

Koloniën
Een bijzondere relatie zal Nederland altijd hebben met onze voormalige koloniën Indonesië en Suriname. Over beide wil ik iets zeggen. Deze zomer vroegen drie historische instituten om een breed opgezet onderzoek naar het Nederlandse militaire geweld in Nederlands-Indië in de jaren 1945-1950. In reactie op dit verzoek beweerde het vorige kabinet dat de instituten over de benodigde onderzoeksbudgetten zouden beschikken. Dat blijkt niet te kloppen en dat onderzoek is wel gewenst.

Nog altijd zijn zeer essentiële vragen over deze zwarte bladzijden uit de Nederlandse geschiedenis onbeantwoord. Hoe stelselmatig werd door Nederlandse militairen excessief geweld toegepast? Welke oorlogsmisdaden zijn er begaan? En wie waren er eigenlijk verantwoordelijk voor deze ontsporingen? De SP vindt dat het belangrijk is dat de historische instituten een serieuze poging kunnen doen om deze vragen gezaghebbend te beantwoorden. Ook het Kamerlid Timmermans toonde zich in juni een voorstander van een breed internationaal onderzoek. Deelt de minister zijn en mijn opvatting en is hij bereid financiële middelen te zoeken voor dit onderzoek?

Met betrekking tot de koloniale oorlog in Nederlands-Indië speelt verder de kwestie van het eerherstel voor de drie moedige mariniers die het dienstbevel om een kampong in Oost Java in brand te steken weigerden. Het vernietigen van de kampong wat geen proportionele maatregel, maar vooral represaille. Hier werd een dienstbevel dat zou leiden tot een flagrante schending van het oorlogsrecht geweigerd. In plaats van een medaille voor getoonde moed werden de drie mariniers veroordeeld tot lange gevangenisstraffen. Deelt de minister mijn opvatting en die van het Kamerlid Timmermans dat deze mariniers postuum eerherstel dienen te krijgen?

Ten aanzien van Suriname hoop ik dat deze minister zich zakelijker zal opstellen dan de vorige. Naar schatting 12.000 Nederlanders hebben zich in Suriname gevestigd en grote Nederlandse bedrijven als Ballast Nedam, BAM, KLM en Heineken doen er goede zaken. Die Nederlandse belangen verdienen het om op ambassadeursniveau in Suriname aanwezig te zijn. Wanneer vertrekt de nieuwe ambassadeur, mevrouw Remmelzwaal, naar Suriname?

Een slepende kwestie betreft ook de Nederlandse betrokkenheid bij Suriname in de jaren ’80. Hoofdrolspelers als ambassadeur Vegelin en militair attaché Valk zijn inmiddels overleden en dossiers over die periode blijven gesloten. Dat blijft ons achtervolgen. Is de minister bereid alle dossiers uit de jaren ’80 voor onderzoek te openen?

Kernwapens
Vandaag bood IKV-Pax Christi Kamerleden symbolisch een namaak kernbom met het verzoek die terug te sturen aan de Amerikaanse eigenaren. Wat de SP betreft moet dat inderdaad gebeuren. Het kabinet is nog niet zover. Zelfs een eenvoudige verklaring over de vreselijke humanitaire gevolgen van kernwapengebruik, in oktober gelanceerd in de VN en onder andere ondertekend door de drie NAVO lidstaten Denemarken, IJsland en Noorwegen, kon niet rekenen op Nederlandse steun. Gaat dit met de nieuwe regering veranderen? Is de minister het eens met het Kamerlid Timmermans die zei: “Die tactische kernwapens zijn net zo nuttig als de tepels op een mannetjesvarken. Ze kunnen gewoon weg uit Europa. Onze veiligheid zal daardoor toenemen.”

Hoe zit het met de afgeblazen conferentie over een kernwapenvrij Midden-Oosten? Is de minister het met mij eens dat het de hoogste tijd hiervoor is? Klopt het dat de Verenigde Staten op aandringen van Israël de bijeenkomst heeft afgeblazen? Wat gaat de Nederlandse regering hieraan doen? Tenslotte: de Noorse minister van Buitenlandse Zaken organiseert in maart in Oslo een internationale regeringsconferentie over de humanitaire consequenties van nucleaire wapens. Is de minister bereid daaraan deel te nemen?

Tibet
Mensenrechten staan onder druk in veel landen met etnische of religieuze minderheden. Twee groepen verdienen bijzondere aandacht: de Tibetanen in China en de Koerden in Turkije. 

De snelle toename van zelfverbrandingen door Tibetaanse monniken – bijna honderd in een paar jaar tijd – zegt veel over de uitzichtloze positie van veel Tibetanen. Naar aanleiding van de zeer zorgwekkende escalatie van zelfverbrandingen concludeerde Human Rights Watch onlangs dat China geen serieuze pogingen doet om oplossingen te vinden voor de grieven van de Tibetanen. Dat wordt onderstreept doordat China de monniken die tot deze wanhoopsdaad overgaan steevast aanduidt als terroristen en criminelen.

In de begroting is vooral aandacht voor China als economische groeimarkt. Ik vraag de minister om minstens evenveel aandacht aan de schendingen van mensenrechten in China te besteden. Is de minister hiertoe bereid? Het huidige bezoek van de mensenrechtenambassadeur vat ik op als een goed teken.

De massale hongerstaking van maar liefst zevenhonderd Koerden in Turkse gevangenissen, die onlangs na meer dan twee maanden tot een einde kwam, maakt duidelijk dat de Koerdische kwestie ver van een oplossing verwijderd is. Dat is zeer problematisch omdat een zeer groot deel van de mensenrechtenschendingen in Turkije direct samenhangen met de Koerdische kwestie. De SP vindt het positief dat de minister kort geleden aangaf dat Nederland verbetering van de politieke, economische en sociaal-culturele positie van minderheden in Turkije, waaronder de Koerdische gemeenschap steunt. Hoe gaat de minister hier concreet aan werken?

Syrië
Afsluitend wil ik stilstaan bij het drama dat zich momenteel in Syrië voltrekt. Wij hebben al vaak gesproken over de burgeroorlog die daar nu woedt en die de samenleving aan flarden scheurt. De dagelijkse beelden van de ellende in Syrië zorgen voor een breed gedeeld gevoel van machteloosheid. In de samenleving, maar ook in de politiek. Wij hebben immers zo weinig invloed op de situatie daar.

Deze machteloosheid mag er nooit toe leiden dat Nederland en de EU niet alles proberen wat in hun macht ligt om de situatie positief te beïnvloeden. Humanitaire hulp moet hier absoluut prioriteit krijgen, maar daarnaast moeten wat de SP betreft twee uitgangspunten leidend zijn: het tegengaan van verdere escalatie van het conflict en het volledig inzetten op een diplomatieke oplossing.

Daarom moet niet worden meegewerkt aan het leveren van wapens aan welke partij dan ook. Erkent de minister nu eindelijk dat Saoedi-Arabië en Qatar wapens leveren aan de opstandelingen? Vindt hij dat wijs? Ten tweede moet meer worden ondernomen om een diplomatieke oplossing te bereiken zoals ook bepleit door oud-ambassadeur Koos van Dam, dé kenner van Syrië. Of acht de minister dat een gepasseerd station?

De SP zal deze minister beoordelen op zijn daden maar hem ook blijven herinneren aan zijn woorden. Hij zal zelf bepalen hoe hij de geschiedenis ingaat. Als een waardig opvolger van zijn voorbeeld Max van der Stoel, of als een eersteklas Limburgse moelian, in gewoon Nederlands een kletskous.

Dit artikel verscheen eerder op de weblog van Harry van Bommel. Volg hem ook op Twitter

Geef een reactie

Laatste reacties (44)