2.843
15

Journalist

Abdelkarim El-Fassi (1985) studeert Nieuwe Media aan de Universiteit van Amsterdam en is naast filmmaker, columnist voor KRO Hemelbestormers en vaste schrijver voor wijblijvenhier.nl

Zie hoe de Marokkaanse vrouw trotseert

In plaats van al die zielige vertellingen, moeten we die positieve verhalen blijven benadrukken. Wel zo eerlijk

Nora Kasmi is een alleenstaande moeder die in de Volkskrant van 25/05 jl. Marokkaanse vrouwen oproept om zich los te wrikken uit de beklemmende sociale wurggreep die in de Nederlandse volksmond ook wel doorgaat voor: de Marokkaanse cultuur. Ze ervaart naar eigen zeggen dagelijks culturele stokslagen, ondanks het gegeven dat ze een succesvolle carrière als communicatiespecialist heeft opgebouwd.

Prins op de witte ezel
Nou ben ik de laatste die zal ontkennen – of bagatelliseren – dat er geen sociale druk is in de Marokkaanse gemeenschap. Die is er. Minder dan vroeger én meer dan in de toekomst. Ook mij wordt op trouwfeestjes geregeld gevraagd waarom ik mijn witte ezel nog steeds niet van stal heb gehaald. Ik haal dan meestal mijn schouders op en antwoord doorgaans – enigszins hoogdravend – dat mijn tijd nog niet gekomen is. En dat ze zo spoedig mogelijk een uitnodiging ontvangen om me te mogen condoleren. Tenminste, als ze bereid zijn om in plaats van een afgeprijsde staafmixer een goed gevulde envelop mee te nemen. Lijkt me logisch.

Cynisch applaus 
Toen we het stuk van Nora lazen, volgde er in huize El-Fassi een cynisch applaus. ‘Hebben we er weer een, laat me raden: Volkskrant’, riep een alleenstaande hoogopgeleide Marokkaanse vriendin van me. Alsof ze niet stond te wachten op de kronieken van een getraumatiseerde ervaringsdeskundige. Maar in tegenstelling tot die vriendin van me, smult opiniërend Nederland blijkbaar nog steeds van vooroordeel bevestigende verhalen over Marokkanen. ‘Marokkaanse vrouwen zijn zielig’. ‘Marokkaanse mannen onderdrukken hun vrouwen’. Marokkanen zijn crimineel’. ‘Marokkanen zijn racistisch’. Die verhalen. Bij de Volkskrant schijnen ze daar een patent op te hebben. Die verhalen doen het goed; niet omdat ze de werkelijkheid zo’n representatieve eer aan doen. Maar omdat het beeld van de inferieure Marokkaanse medelander nog steeds graag gelezen wordt. Het beeld is zelfs zo populair dat veel succesvolle Nieuwe Nederlanders niet meer als Marokkaan door het leven willen gaan. Want succesvol- én openlijk trots zijn op je roots: gaat blijkbaar niet samen. Dat moet ook Nora Kasmi gedacht hebben.

Mannetje staan 
Gelukkig hebben de meeste Marokkaanse vrouwen niet eens de behoefte om het zielig gevonden worden en plein public te bespreken. Of juist te verwerpen. Als ik om me heen kijk, zie ik vooral veel Marokkaanse vrouwen die hun energie steken in het helpen van kwetsbare groepen. Weeskinderen. Daklozen. Asielzoekers. Mensen zonder schoon drinkwater. Elders, ver buiten het gezichtsveld van opiniesites. Ze zijn bezig met ‘zijn’. Met organiseren. Met reizen. Met hun mannetje staan. Nee niet slaan: staan. Al kan ik me best voorstellen dat er ook vrouwen zijn die hun mannen wél slaan. 

Asociale wurggreep
Ik zal het verhaal van Nora Kasmi niet onnodig ridiculiseren. Dat recht heb ik niet. Het zijn immers haar gevoelens, haar ervaringen. En die zijn echt. Wat ik wel jammer vind is dat het type Nora blijkbaar in de illusie leeft dat ze uniek is. Dat haar verhaal verteld moet worden, omdat niemand anders dat doet. Of dat ze een van de weinige trotse alleenstaande moeders is die prima zonder echtgenoot door het leven kan. Hallo: ruim 1/3 van alle huwelijken in Nederland mislukt. En autochtonen worden niet gespaard. En dat haar op trouwfeestjes wordt gevraagd of er zich al een hartendief heeft voorgedaan is ook niet noemenswaardig. Ook alleenstaande autochtone vrouwen voelen zich waarschijnlijk beklemd door de asociale wurggreep die door de commerciële televisie wordt voorgeschoteld: ‘Want als het gedrocht Barbie al aan de man komt, wat moet er dan van mij terecht komen?’, moeten vele Connie’s denken als ze met de beelden van de getrouwde Haagsche zonnebankgodin worden geconfronteerd.

Geen uitzondering 
Enfin. Nora is geen uitzondering op de regel. Ze leeft waarschijnlijk in de veronderstelling dat ze een van de weinigen is die de tentakels van een ‘beklemmende’ cultuur met succes van haar af heeft geslagen. Ik zal haar hierbij uit die droom helpen. Uniek is ze niet. Gelukkig maar. Heel veel Marokkaanse vrouwen zijn sterk. Succesvol. Ondernemend. Communicatiespecialist. Inspirerend. Ze stellen het huwelijk uit. Willen nog geen kinderen. Of juist wel. En nemen er zes. Of twee. Ze domineren. Ze zijn rolmodellen, zonder dat expliciet te benoemen op opiniesites.

De Marokkaanse cultuur omarmen 
Je mag het best weten, ik heb er voor gekozen om op te kijken tegen Marokkaanse vrouwen. Dat is een bewuste keuze, omdat er ook genoeg minder leuke verhalen zijn. Maar waar niet? En in plaats van al die zielige vertellingen, moeten we die positieve verhalen blijven benadrukken. Wel zo eerlijk. Die geven mensen hoop en zijn minstens zo echt. Marokkaanse vrouwen doen het op maatschappelijk gebied goed. Het zijn veelal positieve verhalen over Marokkaanse vrouwen die de Marokkaanse cultuur niet hebben losgelaten, maar juist omarmd hebben. Positieve verhalen van Marokkaanse vrouwen die niet ondanks, maar dankzij de Marokkaanse cultuur presteren. Ook dat mag verteld worden.

Handjevol inspirerende Marokkaanse vrouwen 
Ik wil daarom van deze gelegenheid gebruik maken om een handjevol Marokkaanse vrouwen – die mij geïnspireerd hebben – op een voetstuk te zetten. Allereerst mijn moeder, omdat ik haar als 12-jarige beloofd heb om op mijn 26e te trouwen en ze – ondanks die gebroken belofte – nog steeds verrukkelijke harira voor me maakt. Mijn oudste zus Aicha, omdat ik haar als mijn tweede moeder beschouw én als ze mijn hulp een keer nodig heeft: mij terecht een schuldgevoel mag aanpraten. Mijn andere zus Zoulikha, omdat ze de ballen heeft gehad om huis en haard te verruilen voor Qatar en daar een succesvolmediabedrijf loopt te runnen. Mijn jongste zus Asma: omdat ze mijn beste vriend is, mijn steun en toeverlaat, en dit jaar afstuderende is aan de UvA. De sterke Jaoualia, die op haar elfde naar Nederland kwam, hoogopgeleid is, dankbaar werk doet én het aandurfde om 47 ongeschikte huwelijkskandidaten het gat van de deur te wijzen.

Alia, omdat ze een veelzijdige topper is en met vrienden (waaronder ook mannen) voor haar stichtingWshare onlangs 18.000 euro heeft ingezameld. Bovendien helpt ze in haar vrije tijd vrouwen aan de man. En vice versa. Hoda, omdat ze haar dromen durft te verwezenlijken en nu een eigen magazine runt met positieve verhalen over Marokkaanse vrouwen. Hassnae Bouazza, omdat ze gezegend is met een vlijmscherpe pen. En deze durfde te gebruiken toen niemand anders dat deed. Fatima, de opbouwwerkster in een door Marokkanen gedomineerde wijk. En met wie je overigens niet moet sollen. Karima, die met een peloton Marokkaanse meiden een stichting voor weeshuiskinderen runt. Leyla, de Turkse die ik eigenlijk heel Marokkaans vind, ex-bestuurslid van een moskee en nu voorzitter van de islamitische vrouwenstichting Al-Nisa. Tenslotte Ikram, de op één na beste, grappigste en intelligentste moeder ter wereld. En trotse eigenaar van exemplaar: Adam. En zo zijn er nog honderden vrouwen die ik niet genoemd heb of waarvan ik de namen niet ken. Excuses daarvoor.

Marokkaanse vrouwen verdienen meer dan ooit ons respect. Het zijn winnaars. Met medelijden doen we ze tekort. Het wordt tijd dat we het vooroordeel passeren. Dus open je ogen en zie. Zie hoe de Marokkaanse vrouw trotseert.

Volg Abdelkarim ook op Twitter

Dit artikel verscheen eerder op Wijblijvenhier.nl

Geef een reactie

Laatste reacties (15)