2.424
86

Ondernemer/ Publicist

Michael Blok is geboren in 1970 in de regio Den Haag. Hij woont sinds 1988 in Amsterdam, met tussenpozen in Londen en Parijs. Hij studeerde economie en bedrijfskunde, en begon zijn carrière als zakenbankier bij Morgan Stanley. Later was hij strategieconsultant bij McKinsey, en in 2004 richtte hij met 3 collega's The Anders & Winst Company op, een adviesbureau op het gebied van duurzaam en strategisch zakendoen. Van 2007 t/m 2010 was hij voorzitter van GroenLinks in Amsterdam-Oost. Sinds begin 2011 is hij actief binnen het Platform Stop Racisme en Uitsluiting en publiceert hij regelmatig over het minderhedenonvriendelijke klimaat in Nederland.

‘Zonder 9/11 geen Fortuyn’

De media herschrijven de geschiedenis met de berichtgeving over 9/11

Vandaag herdenken we 9/11. Het verhaal dat ons de afgelopen week werd verteld over oorzaak en gevolg is dat de moslimaanslagen als een donderslag bij heldere hemel aankwamen, dat ze bedoeld waren als een aanslag op onze vrijheid, en dat islamkritiek daar een reactie op was. “Zonder 9/11 geen Pim Fortuyn, Mohammed B. of debat over de multiculturele samenleving” kopte de NRC gisteren bijvoorbeeld. Helaas klopt het verhaal niet, en kan het alleen maar voortleven dankzij luie journalisten met een kort geheugen.

Uw dienaar betoogde al eerder dat de aanslagen er juist aan zaten te komen. Maar ook de opkomst van islamofobie staat grotendeels los van 9/11. 

“Freedom was attacked today”. In de golf van nationalisme die Amerika overspoelde na 9/11 ontstond vrijwel ogenblikkelijk het standaardverhaal  (“narratief”) dat de media ook nu nog herhalen. De Verenigde Staten werden aangevallen omdat moslims een hekel zouden hebben aan onze vrijheden. Dat maakte de weg vrij voor de gedachte dat wij onszelf moesten beschermen door die moslims vrij te maken, wat een belangrijk excuus was voor de oorlogen die volgden. Tot op de dag van vandaag wordt dit narratief herhaald, zelfs door een intelligente politicus als D66-Tweede Kamerlid Boris van der Ham.

Het verhaal heeft echter een te gespannen relatie met de feiten. Het klonk al raar dat mensen elkaar zouden vermoorden (en al helemaal zichzelf) omdat een land aan de andere kant van de aardbol een staatsbestel heeft dat je niet bevalt. Het narratief negeerde de geschiedenis van geweld tegen Amerika door moslims, van de oorsprong in de Afghaanse verzetsbeweging, via de eerste aanvallen op militaire
doelen (zoals de 300 doden in de Amerikaanse barak in Libanon in 1983), naar semi-militaire doelen zoals ambassades (Kenia en Tanzania), en uiteindelijk ook civiele doelen. En men weigerde te luisteren naar Osama bin Laden, die geen gelegenheid voorbij liet gaan om uit te leggen dat hij Amerika wilde treffen om Amerikaanse troepen weg te krijgen uit moslimlanden. In 2004 bood hij dan ook een wapenstilstand aan aan Europese landen die troepen zouden terugtrekken uit Irak en Afghanistan.

Vrijwel alle moslimlanden zijn in de afgelopen eeuwen flink lastig gevallen door het Westen. Eerst kwam de kolonisatie, toen de steun aan dictators (waaronder Saddam Hussein), en meermaals ook een bloedige oorlog. En er is de eeuwige doorn in het oog van het gebrek aan steun aan de Palestijnen. De aanslagen van 9/11 hadden dus minder te maken met te veel vrijheid hier, dan met het feit dat het Westen de vrijheid van moslims wegneemt. Al Qaeda heeft daarmee een “normale” politieke agenda, hoewel de methodes zeker niet normaal zijn. Ronald Reagan zei het mooi toen Osama bin Laden nog onze vriend was: “de vrijheidsstrijders van Afganistan verdedigen de principes van onafhankelijkheid en vrijheid die de basis vormen van wereldwijde veiligheid en stabiliteit”.

Natuurlijk was het voor de regering-Bush en commentatoren makkelijker om nog meer soldaten te sturen om moslims te “bevrijden” dan te kiezen voor de andere optie, het terugbrengen van de Amerikaanse bemoeienis met het olierijke Midden-Oosten. En zo werden Afghanistan, Irak, Abu Ghraib en Guantanamo mogelijk. Aan het einde van de ambtstermijn van Bush haatte bijna iedereen het Westen, lag de internationale rechtsorde in puin en was de staatsschuld tot een niveau opgelopen dat niet los kan worden gezien van de financiële crisis van 2008. Allemaal fantastisch kostbare gevolgen van het laten voortbestaan van een onzinverhaal.

Ook in Nederland is een narratief ontstaan over de gevolgen van 9/11 dat onszelf tekort doet. Dat narratief stelt kort gezegd dat de harde kritiek op moslims die het Nederlandse openbare debat kenmerkt voor een groot deel het terechte gevolg is op moslimgeweld. De meeste mensen in Nederland denken dat Pim Fortuyn en Ayaan Hirsi Ali populair en radicaal werden door 9/11 en andere extreme gedragingen van moslims. De moord op Theo van Gogh komt in dit verhaal zomaar uit de lucht vallen als een gevolg van de rare denkbeelden en vooral de lange tenen van moslims.

Maar dat is de wereld op zijn kop. In de jaren ’90 was onder invloed van bijvoorbeeld Frits Bolkestein al een hard debatklimaat ontstaan over minderheden. Fortuyn mengde zich daar al ruim voor de millenniumwisseling ook in met steeds radicalere commentaren. In 2000 publiceerde Paul Scheffer “het multiculturele drama” en werd de verregaande nieuwe vreemdelingenwet voorbereid vanuit de gedachte dat de immigratie flink moest worden beperkt. De Nederlandse moslimgemeenschap gedroeg zich al die tijd juist zeer beheerst. Toen kwam 9/11, snel gevolgd door een golf van geweld tegen Nederlandse moslimdoelen; ook die werden niet met geweld beantwoord door de moslimgemeenschap. Pas na de provocerende film Submission volgde een gewelddadige reactie in de vorm van de moord op Theo van Gogh en de bedreiging van Hirsi Ali. Sindsdien is er vanuit moslimhoek geen geweld meer vernomen, ondanks de film Fitna, constante provocaties in de media en een regering die openlijk discriminerende maatregelen neemt tegen moslims.

Het geweld van moslims is dus op zijn minst gedeeltelijk een verhaal van “wie wind zaait moet er rekening mee houden dat hij storm zal oogsten”. We kunnen na 20 jaar minderhedendebat ook vaststellen dat er veel meer schade is aangericht door moslimhaters dan door moslims (om een andere President te citeren: “we have nothing to fear but fear itself”). En wereldwijd zijn er honderden keren meer slachtoffers gevallen door de reactie op 9/11 dan door de aanslagen zelf. Die simpele vaststellingen zou luie journalisten en politici moeten inspireren tot een narratief over 9/11 dat beter past bij de feiten, en dat ook zelfkritiek bevat. Dan kunnen de schokkende gebeurtenissen van 11 september 2001 de plaats in de geschiedenis krijgen die het verdient: als een enorme verzameling persoonlijke drama’s die door de reactie van politici grote gevolgen had.

Geef een reactie

Laatste reacties (86)