1.693
18

ex-voorz. Natuurbeschermingscomm. KNNV

kritisch beschouwer van het Veluws faunabeheer en voormalig voorzitter van de Natuurbeschermingscommissie KNNV, vereniging voor veldbiologie

Zonder dirigent speelt de natuur vals

Incomplete doe-het-zelf-natuur gaat net iets te ver

Staatssecretaris Dijksma oordeelde inzake de Oostvaardersplassen (OVP) ‘dat deze beheersvorm een werkbaar instrument is gebleken’. Toch is er forse en deels terechte kritiek. Ruim tien jaar gaan algemene natuurwaarden er zorgelijk achteruit. Nu ook inmiddels in de Amsterdamse Waterleidingduinen (AWD)

Hoofdoorzaak in beide terreinen is vooral dat bloemplanten hun bloei niet langer voltooien. Dus fors minder nectar voor de ooit rijke populaties vlinders en andere insecten. Dat treft ook broedvogels. De begrazing schept nog wel de vereisten voor biodiversiteit, maar schakelt die bepalende voedende fase uit.

Dirigeren om te limiteren
In de beide gebieden gaat de fijnafstemming zorgelijk mis. Regie lijkt te ontbreken. Men noemt dan direct de rol van wolf of andere predator om de gretige grazers flink te decimeren. Juist dat zou weer het einde van de waardevolle vegetatie betekenen. Jagers schieten ‘hun orkest’ jaarlijks aan flarden. Het zit hem niet in de rol van predatoren als verslinder van prooien, maar het juist doseren van vooral graasgedrag. In zijn onderzoek ‘Effecten van wolven op het foerageergedrag van hoefdieren en bosverjonging in het Bialowieza oerbos’ schetst landgenoot Dries Kuijper de reductie van grazen en vraat door Poolse edelherten, via wolven met hun (ook vermoede) aanwezigheid. Direct bij verblijfplaatsen van wolven 20% en erbuiten 8%.

Aandeel in de aanwas van grazers
Tot 2010 werden van de Oostvaardersplassen zowel aanwas als sterfte verantwoord. Toen bleek de aanwas de sterfte steeds zo’n 15% te overtreffen. Dat gemiddelde stemt wonderwel overeen met dat aandeel steeds wisselende afgeschermde vegetatie. Bereikbaar voedsel bepaalt de aantallen grazers en de aantallen grazers de aantal predatoren als wolven. Grazers blijken de afscherming wel in de omvang van hun jaarlijkse aanwas mee te nemen. Vooral het continue grazen tast de natuurkwaliteiten aan. Inmiddels valt in de OVP nog nauwelijks een grasspriet of eetbare plant van vijf centimeter te ontdekken. Als grazer met de tong zijn de Heckrunderen in het nadeel, zoals ook de afname van hun aantallen weergeeft.

Oostvaardersplassen als fenomeen
Een ander opmerkelijk extra is een juiste interactie tussen vooral herten en vegetatie, die blijkt na 10 jaar tot drie- à viervoudige voedingswaarde te leiden. Het artikel ‘Het geheim van de Oostvaardersplassen zit in deze pol‘ in Trouw beschrijft het: ‘Die superproductiviteit lijkt te worden veroorzaakt door de kringloop van de grazers, mest, wormen, voeding en planten die weer door de grazers worden gegeten’.



Zowel de edelherten in de OVP als de damherten in de AWD blijken met wederzijds opjutten met de vegetatie in tien jaar tot de ‘wonderbare hertenvermenigvuldiging’ te leiden. Vrijwel zeker vinden op de historische akkers in het binnenduin van de Amsterdamse Waterleidingduinen vergelijkbare processen plaats als in de Oostvaardersplassen.

Ook Veluwse ‘wonderbare herten-vermenigvuldiging’ 
De Veluwe kent een vergelijkbare uitzondering. De recent overleden eigenaar Repelaer vormde zijn landgoedkern ‘Deelerwoud’ biologisch-dynamisch om tot een combinatie van begrazing door vleesvee en ook Veluws wild. Ook daar moet de interactie tussen grazers en vegetatie ook tot het fenomeen hebben geleid. Al ruim een decennium overtreft de landgoed-kern in aantallen edelherten het Veluws faunabeleid met een drie- à viervoud. Dat als predatoren wisselend afschermen van het bereikbaar voedsel heeft nuttige gevolgen:

1. Wisselend afschermen van een zesde voedsel vermindert de aantallen grazers met een zesde.
2. Juiste afwisseling en doseren in afschermen geeft bloemplanten de kans voor volledige bloei en zaadzetting. En ook zaailingen van bomen en struiken om te volgroeien.
3. Met jaarrond afschermen komt ook steeds een zesde aan volgroeid voedsel beschikbaar nèt voor de inval van de winterkou. Dat draagt bij aan verminderen en afvlakken van de wintersterftes onder de grazers.


Marcel Vossestein, oud-voorzitter van de Natuurbeschermingscommissie van de KNNV, vereniging voor veldbiologie


Ondersteunende grafieken:
* De meest aansprekende conclusie uit ‘Effecten van wolven op het foerageergedrag van hoefdieren en bosverjonging in het Bialowieza oerbos’ van Dries Kuijper, waaraan in afgestemde wijze bronmelding is toegevoegd.
* De ontwikkeling in de OVP uit de managementrapportage 2014 van Staatsbosbeheer in vergelijking met de ontwikkeling in de AWD uit de recente rapportage ‘Damherten in de Amsterdamse Waterleidingduinen, een overzicht’ van terreinbeheerder Waternet.  
* Grafisch inzichtelijk gemaakte ontwikkeling in praktijk, beleid en naar ecologie van het Veluwse beheer van edelherten in drie opvolgende faunabeheerplannen.

Geef een reactie

Laatste reacties (18)