1.263
22

Emeritus hoogleraar Gezondheidszorg

Ivan Wolffers (1948) studeerde af als arts. Sindsdien schrijft hij over medische onderwerpen, variërend van medicijnen tot zijn eigen prostaatkanker. Hij promoveerde in de medische antropologie en werd in 1989 benoemd tot buitengewoon hoogleraar aan de Vrije Universiteit in Amsterdam waar hij tot zijn emeritaat in 2014 Gezondheidszorg en Cultuur doceerde.

Zou het uitmaken als we de testosteron uit de wereld halen?

Over een goede balans tussen egoïsme en altruïsme

Vrede op aarde, in de mensen een welbehagen. Engelengezang. Halleluja, hallelujah. Op een site van psychologen zag ik een column van ene dokter Simon.

“Via wetenschappelijk onderzoek hebben we de geheimen van het reizen door de ruimte, de volgorde van het menselijke genoom, de genezing van heel wat ziektes en de leeftijd van het universum ontrafeld. Maar ik denk dat er gebrek is aan echte wetenschappelijke onderzoeken naar de dynamiek van vreedzaam samenleven.”

Ik had hem terug willen schrijven en enigszins cynisch willen opmerken dat er geen grote sponsor voor zulk onderzoek te vinden is. Voor onderzoek naar oorlog is dat er denk ik wel. Ik tik ‘scientific research war’ op Google in en in 0,26 seconden heb ik 484.000.000 verwijzingen, variërend van het ontwikkelen van slimme bommen tot analyses van wie er precies van oorlog profiteren en hoe men oorlogen in stand houdt.

De meeste theorieën zien oorlogen als het gevolg van de competitie om de schaarse voorzieningen en om de veiligheid van populaties te garanderen. Ik vraag me echter af wat er op het persoonlijk niveau bij mensen gebeurt zodat ze in een oorlog mee gaan doen, strijdliederen zingen en enthousiast opmarcheren tegen de vijand die ze nooit hebben gezien.

Ik ben geneigd om dat als arts biologisch te beschouwen. Evolutionair gezien zorgt onze aanleg voor een goede balans tussen egoïsme en altruïsme. Beide hebben we nodig om te overleven en afhankelijk van de omgeving zal of het een of het ander benadrukt worden. Die omgeving creëren we zelf, samen. We zijn voorzien van alle hormonen die ons in staat stellen in groepen samen te werken. Oxytocine voor het gevoel van saamhorigheid dat echter jegens buitenstaanders vijandigheid kan veroorzaken. Cortisol en andere stresshormonen die ons tot acties aanzet, vaak zonder al te lang na te denken over de gevolgen ervan. En leiderschap heeft weer te maken met onder andere testosteron. Door testosteron zullen mannen wedijveren en de grenzen van de agressie opzoeken, terwijl vrouwen degenen met het meeste testosteron omringen. Clichés? Een beetje maar het zijn tegelijkertijd oeroude hormonale reacties.

Vaak zorgt testosteron voor goede leiders, maar geef een man een geweer in handen en zijn testosteron wordt beduidend hoger. En wat dan?

Zou het uitmaken als we de testosteron uit de wereld halen? Alleen nog vrouwen in de politiek?  Laten we een lijstje maken van politici waar de testosteron uit zouden willen halen, mensen zoals Putin, Abu Bakr al-Baghdadi, wat Republikeinen in de Verenigde Staten die expres proberen sociale harmonie te verstoren en misschien kunnen we er ook nog een paar in eigen land vinden. Of krijgen we nu al onmiddellijk ruzie en is het toch niet zo’n goed idee? Betekent democratie niet een manier om tot harmonieus samenleven te komen, maar een model waarin we vechten tot degene die de meeste mensen achter zich krijgt gelijk heeft?

Het is duidelijk: dokter Simon heeft gelijk en er is veel onderzoek nodig, want anders begin je al snel te raaskallen en raak je de weg kwijt.


Het laatste boek van Ivan Wolffers is ‘Als de tijd voor altijd stil zou staan

Volg Ivan Wolffers ook op Twitter
Ivan schrijft voor Joop elke dag een Gezond Weetje van de Dag: 
klik hier voor een overzicht


Laatste publicatie van IvanWolffers

  • Broer van God

    Oktober 2017


Geef een reactie

Laatste reacties (22)