16.390
113

Emeritus hoogleraar Gezondheidszorg

Ivan Wolffers (1948) studeerde af als arts. Sindsdien schrijft hij over medische onderwerpen, variërend van medicijnen tot zijn eigen prostaatkanker. Hij promoveerde in de medische antropologie en werd in 1989 benoemd tot buitengewoon hoogleraar aan de Vrije Universiteit in Amsterdam waar hij tot zijn emeritaat in 2014 Gezondheidszorg en Cultuur doceerde.

Zwarte Piet is helemaal geen symbool

Het Sinterklaasfeest is een toneelstuk dat we elk jaar weer opvoeren, zoals er zoveel zijn

cc-foto: Roel Wijnants

Telkens zie ik in de Zwarte Piet-discussie het woord symbool opduiken. Het schijnt volgens sommigen symbool te staan voor iets ouds en gezelligs. Daarom zouden we er recht op hebben het te vieren zoals dat altijd gebeurde. Hoezo?

Zwarte Piet is helemaal geen symbool, maar een deelnemer aan het theater dat elk jaar gedurende drie weken in het openbare leven werd opgevoerd en dat culmineerde in een lawine aan geschenken aan elkaar en het vergeven van de zonden die de kinderen in onze gemeenschap hadden begaan. Een chocoladeletter en de tik met de roe die in werkelijkheid nooit uitgedeeld werd en vanaf 5 december waren alle kinderen niet meer stout maar zoet. Bij zo’n theateropvoering gaat het niet eens om wat gezegd of gezongen wordt. Het gooien van strooigoed is vergelijkbaar met de Potlach van de Indianen: de welstand die bij enkelen is opgepot wordt verdeeld en we snoepen tot we misselijk zijn.  Het neemt ontevredenheid weg omdat er toch iets eerlijks en rechtvaardigs in de wereld is: pepernoten.

Het Sinterklaasfeest is een toneelstuk dat we elk jaar weer opvoeren, zoals er zoveel zijn, van sportwedstrijden tot het glazen huis en van Koningsdag tot de Passion. Als je het over de cultuur hebt, moet je geen oude onzin opgraven en beweren dat het onze wortels betreft, maar zien hoe we die voorstellingen elk jaar weer opvoeren om te benadrukken wat we vinden van de relaties tussen mensen. Als je goed oplet dan zie je het veranderen, want niets is statisch in de wereld van media die elke scheet opblazen tot een orkaan.

Zwarte Piet is dus helemaal geen symbool, maar wat je in de sociale wetenschap een drager van betekenis noemt. Als in het verhaal van het 5 decemberfeest er één witte baas is die ook nog een hoge kerkelijke positie bezit en een hoop Afrikaanse knechten heeft, dan zie je in één blik hoe het wereldbeeld van de verteller eruit zien. Wie de baas is en wie zeker niet. Als dan ook de Afrikaanse knechten nog op karikaturale wijze geschminkt zijn met te grote dikke lippen, oorringen en ze beroerd Nederlands spreken, dan is ook nog duidelijk hoe er tegen mensen met Afrikaanse achtergrond wordt aangekeken. Kinderen die naar zulke voorstellingen kijken leren een wereldbeeld dat nooit getoetst is op wenselijkheid en die sporen dragen van een verleden waar veel op aan te merken valt. Het wordt niet voor niets door zoveel Nederlanders als stuitend ervaren.

Het is echter niet vreemd dat juist in Nederland een dergelijk verhaal zo vanzelfsprekend lijkt te zijn. De Nederlandse staat is rijk geworden door slavenhandel van Afrika naar Amerika en door het onderwerpen van volken aan de andere kant van de wereld om hun specerijen en later grondstoffen en energie gratis naar Nederland te brengen zodat ons land tot enorme bloei kwam. Nederland was een roofstaat omdat het geen enkel respect had voor de oorspronkelijke bewoners van die landen. Wie tegenstribbelde werd met geweld het zwijgen opgelegd.

Even een korte voetnoot daarbij: de Atjeh oorlog kostte meer dan 100.000  Atjeeërs het leven, meer dan 500.000 raakten gewond, ook lieten nog eens 25.000 Javaanse dwangarbeiders het leven, tegen 2000 in Europa geronselde soldaten en Indo’s. Tussen 1946 en 1949 woedde er nog een smerige koloniale oorlog in Indonesië waarbij meer dan 150.000 Indonesiërs overleden tegen 5000 Nederlandse militairen. Dat alles omdat Nederland een land wilde blijven controleren, maar slechts weinig respect voor de bevolking had. Het koloniale bestuur vond dat ‘inlanders’ niet het publieke zwembad in mochten, waar huwelijken tussen Nederlandse mannen en ‘inlandse’ vrouwen vaak  verboden waren en waar de kinderen uit een gemengd huwelijk waarvan de vader overleden was niet door de moeder mochten worden opgevoed. Dat konden ze niet, want ze waren niet blank. De Nederlandse afstamming (wit dus) werd vele malen waardevoller gevonden dan die van de plaatselijke bevolking.

De verhalen van ons koloniale verleden droegen daarom altijd de sporen van het normaal vinden van grote verschillen tussen mensen. Die verschillen liepen via een zichtbare lijn: huidskleur. Normaal was het natuurlijk niet, maar Nederland als koloniale samenleving moest om zich te rechtvaardigen voor haar misdaden wel hard geloven in de kleurverschillen, zowel in de koloniën als in het thuisland.

In Nederland heeft nooit een dekolonisatie plaats gevonden, de waanbeelden over kleur en rechtvaardigheid zijn daarom nog lang niet allemaal verdwenen. De rest van de wereld kijkt met afgrijzen toe. Daar begrijpt men het werkelijk niet.

Kinderen die nu opgroeien zullen zeer gemengde herinneringen overhouden aan het Sinterklaastoneelstuk, maar we moeten nog een paar jaar volhouden tot ook Nederland gedekoloniseerd is (dus geciviliseerd) en we beseffen wat in de rest van de wereld ‘normaal’ wordt gevonden.

Jammer dat we geen politieke leiders hebben die hardop de beeldvorming die in het sinterklaastheater zo verheerlijkt wordt afwijzen, zodat het wat sneller weer leuk wordt als de Sint arriveert.


Laatste publicatie van IvanWolffers

  • Broer van God

    Oktober 2017


Geef een reactie

Laatste reacties (113)