Een dagelijkse frustratie voor huisartsen, apothekers en patiënten: medicijnen die niet leverbaar blijken. Hoewel het medicijntekort een wereldwijd probleem is, vaak veroorzaakt door grondstof- en productieproblemen, is het probleem in Nederland erger dan bij onze buren. Het tekort aan medicijnen liep de afgelopen jaren flink op: van 242 in 2011 naar 732 in 2017. Apothekersorganisatie KNMP verwacht dat het tekort verder zal toenemen, als gevolg van het zogenoemde preferentiebeleid. Dat houdt in dat zorgverzekeraars alleen de goedkoopste variant van geneesmiddelen vergoeden, waardoor de huisarts die moet voorschrijven. KNMP-voorzitter Gerben Klein Nulent:

De tijd van apothekers wordt nu in beslag genomen door administratieve ellende om de medicijntekorten op te lossen. Ze moeten steeds zoeken naar alternatieven. Het huidige beleid draagt absoluut bij aan de tekorten. Nederland steeds minder interessant voor fabrikanten, waardoor ze kiezen voor andere afzetmarkten. De geneesmiddelen zijn hier te goedkoop geworden. Het beleid heeft veel geld bespaard, maar de bijwerkingen worden nu van onacceptabele aard.

Huisarts Bart Timmers vertelt in Nieuwsuur dat de situatie onhoudbaar is geworden:

Ik werk me helemaal uit de naad om goede zorg te leveren, maar de gereedschappen die ik daarvoor nodig heb worden uit m’n handen geslagen, omdat medicijnen niet leverbaar zijn en alternatieven vaak niet voorhanden zijn. Dat kan toch niet! Ik stond in het begin achter het beleid en legde elke keer aan m’n patiënten uit dat het belangrijk is om de zorgkosten laag te houden. Maar in de loop der jaren is het een enorme chaos geworden. Mensen krijgen steeds andere middelen, waarvan ze ook bijwerkingen ondervinden. Hier sta ik niet meer achter.

De Landelijke Huisartsen Vereniging en het Nederlands Huisartsen Genootschap onderschrijven het verhaal van Timmers.

Geef een reactie

Laatste reacties (25)