5

De Nederlandse wildernis voor je lens

5 tips van Vroege Vogels' natuurfilmer. Trek dat camouflagepak maar aan!  

Ingewikkeld hoeft het niet te zijn. Met een observerende houding, een camouflagepak en een aantal camerabasisvaardigen verschijnt de Nederlandse Wildernis voor je ogen. Het VARA-programma Vroege Vogels krijgt met regelmaat de zelf geschoten filmpjes van Gerrie van der Meulen in de inbox en ze worden steeds mooier.


“Heel veel geduld, heel veel tijd en heel veel mazzel”, zegt hij er zelf over. Aan Vroege Vogels onthult hij zijn geheim. Gerrie begon al in 1971 met filmen omdat het hem boeide en de natuur hem rust gaf. In die tijd heeft hij veel gezien. “Vogels, wilde zwijnen, marters, muskusratten, dassen, vossen”, somt hij op. “Dit jaar heb ik een ree gefilmd op slechts vier meter afstand. Ze keek me aan, maar bleef gewoon dooreten. Dat is geweldig, zo’n moment.”

Eén van zijn favoriete filmpjes is een serie opnames van een ijsvogel. Eerst heeft hij de ijsvogel een tijd lang goed geobserveerd. Zo kwam Gerrie erachter op welke tak het beestje het liefst zat.

Het enige wat ik toen nog hoefde te doen, was mijn camera op een stok in het water zetten en een eind verderop te wachten. Zo heb ik vijftien opnames weten te maken van hoe de ijsvogel een visje eet.

Tips en trucs van Gerrie:
1. Ga vroeg in de ochtend
Ik ga vaak al rond 5 uur ’s ochtends de deur uit. Dan is het het rustigst buiten en heb je de meeste kans iets tegen te komen.
2. Trek camouflagekleding aan
Ik zit nooit in een schuilhut, maar wandel wel altijd in soldatenpak en met een breedgerande hoed. Zo word je minder snel opgemerkt en schrikken dieren niet van je.
3. Film met een camera die goed kan zoomen
Als je goed kunt inzoomen, hoef je niet per se dichtbij te komen en schrik je dieren niet af. Ik film zelf met een Panasonic hc-v550. Let wel op: hoe meer je inzoomt, hoe sneller het beeld gaat wiebelen. Een statief kan dus ook handig zijn.
4. Hou je oren open
Sommige dieren laten zich niet meteen zien, maar door goed te luisteren weet je wel dat ze er zitten. Het helpt ook als je weet welke vogel welk geluid maakt. Als je een puttertje hoort roepen, dan weet je dus al dat hij er zit en hoef je alleen maar te goed te kijken.
5. Zorg dat je de zon in je rug houdt
Anders wordt het lastig om iets te zien op je filmpje.

Bekijk meer filmjes van Gerrie op webpagina van Vroege Vogels

Geef een reactie

Laatste reacties (5)