13

Grunberg: We moeten weer gedichten leren

Wie kan er nog een gedicht uit het hoofd voordragen? ... Columnist roept op tot passende actie

Schrijver Arnon Grunberg doet in de Volkskrant een oproep om gedichten uit het hoofd te leren. Hij vertelt dat hij hoorde van een groep New Yorkers die ieder elke dag hetzelfde gedicht lezen. Als ze het uit hun hoofd kennen komen ze bij elkaar en dragen het voor.


Grunberg schrijft in zijn dagelijkse column op de voorpagina:

Een initiatief dat navolging verdient. Te weinig volwassenen leren nog iets uit hun hoofd. Ik stel voor dat we de komende weken elke dag het gedicht Aan Rika van Piet Paaltjens lezen. (…) Aan het einde van de zomer komen we bij elkaar in het Amsterdamse café Scheltema.

De schrijver belooft een glas wijn aan een ieder die het gedicht dan foutloos kan voordragen.

Er bestaat een variant op de methode die in de VS steeds populairder schijnt te worden. Mensen komen op een avond bij elkaar en leren dan stapsgewijs een bepaald gedicht dat ze aan het einde van de bijeenkomst allemaal uit hun hoofd kennen. Dat doen ze door te beginnen met de eerste twee regels. Die moet iedereen nazeggen. Dan voegen ze er twee toe en maken ze weer een ronde waarbij iedereen nu de eerste vier regels uit het hoofd herhaalt. Net zo lang tot ieder die foutloos van buiten kent, dan volgen er weer twee regels. Tot het gedicht compleet is en iedereen het gedicht uit hoofd kan reciteren.

Dit is het gedicht van Piet Paaltjens dat Grunberg voorstelt:

Slechts éénmaal heb ik u gezien. Gij waart 
Gezeten in een sneltrein, die den trein, 
Waar ik mee reed, passeerde in volle vaart. 
De kennismaking kon niet korter zijn.

En toch, zij duurde lang genoeg, om mij 
Het eindloos levenspad met fletsen lach 
Te doen vervolgen. Ach! geen enkel blij 
Glimlachje liet ik meer, sinds ik u zag.

Waarom ook hebt gij van dat blonde haar, 
Daar de englen aan te kennen zijn? En dan, 
Waarom blauwe oogen, wonderdiep en klaar? 
Gij wist toch, dat ik daar niet tegen kan!

En waarom mij dan zoo voorbijgesneld, 
En niet, als ’t weerlicht, ’t rijtuig opgerukt, 
En om mijn hals uw armen vastgekneld, 
En op mijn mond uw lippen vastgedrukt?

Gij vreesde mooglijk voor een spoorwegramp? 
Maar, Rika, wat kon zaalger voor mij zijn, 
Dan, onder helsch geratel en gestamp, 
Met u verplet te worden door één trein?

In de Verenigde Staten bestaat Poetry Out Loud, een nationaal voordraagtoernooi, misschien moeten we in Nederland ook zoiets hebben?

Geef een reactie

Laatste reacties (13)