7

Kind vaak bij ouder die andere ouder doodde

Voogdijschap blijft bij minstens een kwart van de gevallen bij de overgebleven ouder

Minstens een kwart van de kinderen bij wie een ouder door de andere ouder is gedood (in totaal 26), was getuige van die daad. En een kwart van de daders behoudt het gezag over de kinderen. Dat blijkt uit onderzoek van het Universitair Medisch Centrum (UMC) in Utrecht.

De onderzoekers zeggen dat het ‘zeer onwenselijk’ is dat daders nadat ze de andere ouder om het leven hebben gebracht, toezicht krijgen over het kind. Er zou automatisch een voogdijregel moeten komen na de moord. Staatssecretaris Fred Teeven van Justitie wil de knelpunten uit het onderzoek oplossen middels een wetsvoorstel.

Arend Groot van UMC Utrecht:

In eerste instantie denken hulpverleners soms dat de situatie stabiel is, als de dader zegt dat hij overal aan mee wil werken.

In sommige gevallen kan het kind zonder problemen terecht bij de familie van de dader en krijgt het niet te horen dat de ouder vermoord is, maar dat diegene nog slaapt of de politie aan het helpen is de zaak op te lossen. In veel gevallen is er echter ook ruzie.

Dat gaat vaak over de plek waar het kind moet wonen. Maar het kan ook komen door de manier waarop over de doding wordt gepraat. Soms bagatelliseert de familie van de dader de zaak, met terloopse opmerkingen, zoals: ja, maar mama schold ook wel heel vaak. Dat soort dingen kunnen compleet verkeerd vallen.

Jeugdzorg Nederland zegt dat er vorig jaar al maatregelen voor hulpverleners zijn ingevoerd die overeenkomen met de conclusies uit het onderzoek, maar het laat nog wel onderzoeken of er aanvullende maatregelen nodig zijn.

Trouw: Kind vaak getuige van partnerdoding

Cc-foto: Esaldivar

Geef een reactie

Laatste reacties (7)