12

SCP: Oude media taaier dan gedacht, denken we

Onderzoek: Mensen die krant van papier lezen doen dat niet via een beeldscherm

Het Sociaal Cultureel Planbureau publiceert vandaag het rapport ‘Alle kanalen staan open. De digitalisering van mediagebruik’ dat onderdeel is van een langlopend onderzoek. Het SCP concludeert dat oude media taaier zijn dan gedacht, maar is dat terecht?

De onderzoekers schrijven onder meer:

Het gebruik van nieuwe media, zoals krant lezen via internet of televisie- uitzendingen bekijken via internet of de smartphone, verspreidt zich minder snel dan vaak wordt gedacht.

Het onderzoek behandelt 2008, het jaar waarin bijvoorbeeld de iPhone in Nederland werd geïntroduceerd wat een gigantische doorbraak betekende in het gebruik van mobiel internet. Dat effect is in het rapport niet meegenomen. Het is zoiets als een rapport uitbrengen over de financiële crisis en de cijfers beperken tot twee jaar terug.

Verder constateert het rapport dat oude gewoonten slechts langzaam slijten. Mensen die gewend zijn de krant van papier te lezen doen dat niet van een scherm.  Dat wil zeggen een computerscherm want de nu snel populair wordende tablet computers (lees iPad) was er in 2008 nog niet.

Jongeren die geen papieren kranten lezen doen dat ook niet op een scherm, constateren de onderzoekers. Ze luisteren vermoedelijk ook niet naar hoorspelen, maar dat is dan weer niet onderzocht.

Persbericht van het SCP:

Digitalisering van media, informatie en communicatie: sneller, flexibeler en mobieler in 2015

Het gebruik van nieuwe media, zoals krant lezen via internet of televisie- uitzendingen bekijken via internet of de smartphone, verspreidt zich minder snel dan vaak wordt gedacht. Toch zullen in 2015 breedbandinternet en smartphones hun voorlopers, respectievelijk smalband en ‘gewone’ mobiele telefoons, nagenoeg volledig hebben vervangen.

Jongeren, hoogopgeleiden, autochtonen, betaald werkenden zijn de digitale voorhoede. Zij lopen voorop bij het uitproberen van nieuwe vormen van media, informatie en communicatie. Met uitzondering van de jongeren blijft de digitale voorhoede de ‘oude media’ toch trouw. Zij lezen vaker boeken dan volgers. Zij blijven ook de papieren dag- of opiniebladen lezen, al doen zij dat in combinatie met de bijbehorende websites.

Jonge voorlopers halen hun nieuws en informatie voornamelijk van (mobiel) internet en gebruiken daarvoor nauwelijks de oude media zoals kranten en opiniebladen. Voorlopers hebben een brede belangstelling voor alles wat ‘nieuw’ is en zijn daarnaast ook op andere terreinen actief; zo zijn zij bijvoorbeeld grotere cultuurliefhebbers dan de volgers. Bij verspreiding en gebruik van digitale media behoort Nederland tot de Europese top.

Dit zijn de belangrijkste conclusies uit de SCP-publicatie Alle kanalen staan open. De digitalisering van mediagebruik, die op donderdag 16 september 2010 verschijnt. Deze SCP-studie is geschreven door prof. dr. Frank Huysmans en prof. dr. Jos de Haan en maakt deel uit van het langlopende onderzoeksprogramma ‘Het culturele draagvlak’. Dit programma is met steun van het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap opgezet om ontwikkelingen in de cultuurdeelname en mediagebruik van de Nederlandse bevolking in kaart te brengen.

De opkomst van nieuwe media

Eind 2008 besteedde op een willekeurige dag 48% van de Nederlanders tijd aan de gedrukte krant, slechts 4% las online een dagblad. Tijdschriften las 30% van de Nederlanders van papier en 1% van het scherm. Voor televisieprogramma’s keek 84% naar het televisietoestel, 3% keek direct via internet en nog eens 2% uitgesteld via bijvoorbeeld ‘Uitzending gemist’. Ook het luisteren naar de radio, het afspelen van gehuurde dvd’s en het bekijken van teletekst gebeurde eind 2008 nog veel vaker via de oude dan via de nieuwe media.

Breedband en smartphones in 2015 gemeengoed

Een kleine groep mensen loopt voorop bij het gebruik van nieuwe vormen van media, informatie en communicatie. Gemiddeld zijn zij vaker jong, man, hoog opgeleid en betaald werkend, Deze groep is beeldbepalend, maar omvat nog geen twee procent van de bevolking. De acceptatie van nieuwe vormen van media, informatie en communicatie gaat minder snel dan de berichtgeving over nieuwe media suggereert. Over een periode van 5 tot 10 jaar zijn de veranderingen niettemin ingrijpend. Zo bevinden we ons in een periode van overgang van smalband naar breedband en van ‘gewone’ mobiele telefoons naar smartphones. Snelheid, flexibiliteit en mobiliteit van het mediagebruik zullen daardoor belangrijk toenemen. In 2015 zal die overgang goeddeels zijn voltooid.

Jongeren laten ouderen zien hoe het moet

Vooral de verschillen tussen jongeren en ouderen zijn groot. Nederlanders van rond de twintig besteden een kwart van hun totale mediatijd aan nieuwe digitale media. Boven de 45 jaar is dit een tiende van de mediatijd. Oudere generaties neigen ertoe aan hun bestaande gebruikspatronen vast te houden. Hoogopgeleiden en werkenden besteden meer tijd aan computer- en mobiele toepassingen en minder aan de oude vormen dan laagopgeleiden of niet- werkenden. Laagopgeleiden zitten minder lang op internet en gebruiken het voor minder verschillende toepassingen dan hoogopgeleiden. Laagopgeleiden kijken wel veel televisie, in het bijzonder commerciële en ook regionale zenders. Zij lezen meer huis-aan-huisbladen en regionale dagbladen, en luisteren meer naar de lokale radio.

Grote gebruiksdiversiteit bij voorlopers

Voorlopers combineren het bezit en gebruik van nieuwe mogelijkheden (denk aan digitale tv, harddiskrecorders, smartphones, mobiel internet, spelcomputers) met het gebruik van oude media. De diversiteit van hun mediagebruik is veel groter dan die van de achterblijvers. Van de voorlopers, die vaak de nieuwe media gebruiken voor nieuws, leest 48% ook een papieren krant. Van de volgers doet 46% dat en van de achterblijvers 58%. Bij de opiniebladen ligt het gebruik met 18% relatief laag onder de voorlopers, tegen 21% bij de volgers en 23% bij de achterblijvers.

Jongeren halen nieuws wel vaak alleen van internet

Jonge voorlopers die niet vertrouwd zijn geraakt met de papieren krant halen hun nieuws wel van internet, maar gebruiken de oude nieuwsmedia nauwelijks. Zij vormen een voorbode van een verdere digitalisering van het mediagebruik.

Voorlopers cultureel actief op internet

Voorlopers gebruiken relatief vaak internet om zich te informeren over cultuur of om kaartjes te kopen voor concerten en voorstellingen. Dat betekent niet dat de rol van de oude media op cultureel gebied is uitgespeeld. In 2009 waren de gedrukte media gevolgd door de audiovisuele media nog steeds de belangrijkste

Nederland in Europa

Nederland heeft samen met de Scandinavische landen een koppositie in de toegang en het gebruik van (breedband)internet. In Nederland had 90% van de huishoudens toegang tot internet, tegen 65% in de gehele Europese Unie (EU27). Nederlanders bevinden zich met e-mailen en met de verspreiding van dvd-spelers en het aanbod van video on demand-diensten in de Europese voorhoede. Ook het percentage Nederlanders (63%) dat online aankopen doet ligt hoger dan in de EU27 (37%). Uitzondering op de koppositie is de acceptatie van digitale televisie (39% in NL tegen 52% in EU27). Ook de verspreiding van digitale televisie is Nederland minder ver dan in veel andere Europese landen. Dat is een gevolg van de brede verspreiding van analoge kabeltelevisie in de jaren tachtig. Dat heeft de snelle adoptie van digitale televisie geremd. Het relatieve voordeel van digitale tv was hier minder groot dan elders. Voor wat betreft online kranten lezen bevindt ons land zich in de Europese middenmoot.

cc-foto: Jeroen Kransen

Geef een reactie

Laatste reacties (12)