91

Wat drijft reaguurders?

Onthullend: Asha ten Broeke ontleedt de online hatelijkheid en zoekt haar kwelgeest op

Wat is het toch met internet, dat de lelijkheid – die mensen doorgaans prima kunnen verbergen of onderdrukken – blijkbaar zonder enige gêne naar buiten vloeit? Waarom voelen mensen zich online gerechtvaardigd om de meest lelijke verwensingen of zelfs bedreigingen te uiten, terwijl ze in het echt (irl) geen vlieg kwaad doen? Journalist, feminist en virtuele krabpaal Asha ten Broeke zocht het uit.

In haar geniaal geïllustreerde Vrij Nederland-artikel beschrijft Ten Broeke hoe ze vrijwel dagelijks bekogeld wordt met beledigingen en bedreigingen. In de reacties op de artikelen van en over haarzelf, maar ook op Twitter en in haar mailbox. En zij is heus niet de enige:

Nederlandse twitteraars uiten elke dag honderd tot tweehonderd bedreigingen die zo ernstig zijn dat de politie op onderzoek uitgaat. Bijna dagelijks wordt er iemand voor opgepakt of berispt, vertelde politiechef Martine Visser aan de Volkskrant. ‘Vroeger moest je een envelop kopen, een brief schrijven en hem posten. Nu tik je wat woorden en bedreig je iemand. Dat is erg makkelijk en gebeurt dus ook veel.’

Maar alleen gelegenheid verklaart niet waarom mensen het zo op Ten Broeke gemunt hebben. Waarom mensen het zelfs normaal en terecht vinden om hun vitriool over haar uit te storten. Ze besloot het haar criticasters (eufemisme van de eeuw) zelf te vragen:

De hatelijkheden heb ik aan mezelf te danken, vinden zij, want ik ben gewoon een dom vies varken. Net als ik spijt begin te krijgen dat ik erover ben begonnen, krijg ik een iets informatievere reactie: ‘Ik heb niet de schurft aan jou persoonlijk, maar je staat voor de verweking van dit land, het gezeur en de kleinzieligheid.’

Tsja, dus omdat Ten Broeke dingen aankaart die anderen ‘gezeur’ vinden, verdient ze het om virtueel bespot, bedreigd en verkracht worden. Wij zijn niet overtuigd. Even twijfelachtig is het advies dat mensen als Ten Broeke te horen krijgen wanneer ze slachtoffer worden van online pesten en dreigen. ‘Don’t feed the trolls’, klinkt het dan. Negeer het maar. Makkelijker gezegd dan gedaan, bovendien wil Ten Broeke zich niet:

scharen bij alle beleidsmakers, journalisten, opiniemakers en activisten die me de afgelopen twee jaar op borrels en conferenties vertelden dat ze in alle ernst doodsbang zijn voor de potentiële toorn van GeenStijl en daarom sommige dingen maar gewoon helemaal niet zeggen.

Het artikel gaat vervolgens in op de ‘onthechting’ die ten grondslag zou liggen aan het gemak waarmee mensen online over sociale en fatsoensgrenzen heen durven gaan die ze in het echt nooit zouden overschrijden. Een ‘nickname’ functioneert als de bosjes die de anonieme buurjongen beschermen voor de veroordelende blik van het meisje dat hij met rotte eieren bekogelt. Als die bescherming wegvalt voelen mensen zich vaak ineens enorm naakt en bekeken. 

Afgelopen zomer werd er een Brits wetenschappelijk onderzoek gepubliceerd waaruit blijkt dat de oorzaak niet ligt bij degene die aangevallen wordt maar bij de trollen zelf:

Hoe vervelend het ook is, en hoe naar de consequenties er soms ook van zijn, trollen zijn volgens het onderzoek voornamelijk verveelde aandachttrekkers. Ze verschillen in die zin niet veel van pestende kinderen op het schoolplein: wel een grote mond hebben, maar zodra de meester erachter komt stotterend in een hoekje wegduiken.

Opvallend is dat dergelijke types niet zo maar impulsief reageren, maar veel tijd steken in hun trollengedrag en daarbij zelfs hele strategieën ontwikkelen om aandacht te trekken.

De BBC spoorde vorig jaar zo’n trol op en confronterende de persoon in kwestie met zijn gedrag.

In Vrij Nederland verloopt de confrontatie anders. Het artikel van Asha ten Broeke besluit met een verrassend gezellig kopje thee aan tafel met de man die haar herhaaldelijk voor rotte vis uitmaakte op Twitter. De man die nu dus blijkbaar geen behoefte meer voelt om te dreigen en te beledigen: 

Want wanneer ik hem vraag of hij nu eens in mijn gezicht wil zeggen wat hij van me vindt, zegt hij: ‘Ik vind je een aardige meid.’

Ten Broeke ontvangt veel steunbetuigingen in de reacties bij VN, zoals deze:

Asha, ik ben het lang niet altijd met je eens, maar blijf alsjeblieft schrijven zoals je doet. Mensen (mannen of vrouwen) met een prikkelende mening zijn altijd nodig. Mooi, moedig stuk.

Vrij Nederland: In het brein van de reaguurder

cc-foto: screenshot David de Kabouter

Geef een reactie

Laatste reacties (91)