Laatste update 11:12
39

Wie in armoede belandt, blijft daar meestal

In Nederland leven zo’n 600.000 mensen in langdurige armoede. Oftewel, zij moeten drie jaar of langer zien rond te komen van een laag inkomen. Dat blijkt uit het onderzoek ‘Een lang tekort; langdurige armoede in Nederland’ van het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP). Hierbij gaat het niet uitsluitend om mensen met een uitkering: bijna de helft van de langdurig armen heeft een betaalde baan. Dat schrijft de NOS.

De definitie van een laag inkomen is volgens het CBS 1020 euro per maand voor een alleenstaande, 1540 euro voor een alleenstaand ouder met twee kinderen en 2100 euro voor een tweeoudergezin met drie kinderen.

In het onderzoek van het SCP is gekeken naar de periode 1989 tot 2013. Daarbij werd onderzocht hoe groot het probleem van langdurige armoede is, welke bevolkingsgroepen het hardst worden getroffen en of het aantal mensen dat in armoede leeft is toe- of juist afgenomen.

Niet geheel verrassend is dat de crisis voor een flinke stijging in het aantal mensen dat in armoede leeft heeft gezorgd. In 2007 ging het nog om minder dan 850.000 mensen, maar in 2013 was dat aantal al gestegen tot ruim 1,25 miljoen. Voor een deel ging het hier om een tijdelijke armoedeval, maar in bijna 60 procent van de gevallen blijkt de armoede langdurig te zijn. In totaal 600.000 mensen, oftewel: 4 procent van de Nederlandse bevolking.

Grootste risicogroepen zijn ouderen en niet-westerse migranten met jonge kinderen. Uit de cijfers blijkt ook dat gepensioneerden maar een kleine kans hebben om arm te worden. Maar, zo stelden de onderzoekers ook vast, wanneer zij wel arm zijn is de kans op een verbetering nihil.

Na de crisis
Of dat aantal weer zal dalen nu het economisch beter lijkt te gaan, weten de onderzoekers niet. De kans daarop lijkt in elk geval klein.

De arbeidsmarkt is tijdens de crisis veranderd. Er worden veel meer flex-contracten gesloten en er zijn veel meer ZZP-ers. Bovendien werken veel mensen in sectoren waar niet zo goed betaald wordt. Dat betekent dat ze een risicogroep vormen en daarom verwacht ik dat de daling niet zo groot zal zijn.

Dat het hebben van werk geen garantie is voor een hoger inkomen, blijkt namelijk ook uit het onderzoek. In 2005 had ruim 40 procent van de langdurig armen een betaalde baan, in 2013 was dat gestegen naar ruim 50 procent.

Aanpak
Snel ingrijpen is volgens de onderzoekers cruciaal om langdurige armoede te voorkomen. Na een jaar in armoede nemen de kansen om eruit te geraken in rap tempo af. Van de mensen die in de armoede terecht komen is 60 procent er binnen een jaar weer uit. Na dat eerste jaar zakt de kans naar 20 procent, een jaar later is dat nog maar 10 procent. Daar komt nog eens bij dat van de mensen die er wél uit geraakt, 20 procent na een jaar toch terugvalt. Na vijf jaar is bijna 40 procent opnieuw arm.

Volgens staatssecretaris Jetta Klijnsma (Sociale Zaken en Werkgelegenheid) is langdurige armoede een ‘intens punt van aandacht’ voor het kabinet Rutte. Volgens de staatssecretaris heeft het kabinet juist voor deze groep mensen geld vrijgemaakt en regelingen aangepast. Dat moet er volgens Klijnsma voor zorgen dat meer dan 90 procent erop vooruit gaat.

Eind vorig jaar bleek nog uit een rapport van het CBS dat onder het kabinet Rutte de armoede voorlopig alleen nog maar is toegenomen. Het aantal huishoudens dat langdurig in armoede leeft steeg met 24.000. Ook het aantal kinderen in langdurige armoede steeg flink, naar 131.000. In diezelfde periode kregen topbestuurders er 28 procent aan inkomen bij. SP-Kamerlid liet na verschijning van dat rapport weten: ‘Dit laat wederom zien dat de tweedeling in Nederland onder het kabinet Rutte-Asscher groeit. Steeds meer mensen leven in armoede en een kleine groep mensen wordt rijker en rijker.’

cc-foto

Geef een reactie

Laatste reacties (39)