1.371
30

Beleidsmaker

Joost-Jan Kool is 35 jaar oud en is de trotse vader van drie kinderen. Vindt van veel dingen wel wat en houdt ervan dat op te schrijven. Werkt als beleidsmedewerker bij een kleine gemeente. Daarnaast groot sportliefhebber.

Angst voor het naderende eind

Als ik aan andere mensen vertel dat ik beste een beetje bang ben voor vrijdag

Op 21 december 2012 vergaat de wereld. Tenminste dat is een interpretatie van een stoppende Maya kalender. En hoewel de meeste mensen deze voorspelling als grote onzin betitelen, houdt het mij enorm bezig. Een typisch geval van stel je voor dat het toch eens waar zou zijn. Echt, ik zal blij zijn wanneer het overal ter wereld weer 22 december is geworden.

Die angst voor het naderende einde is niet nieuw. Voor de mensheid niet en voor mezelf ook niet. Ik weet nog goed hoe bang ik als klein kind was voor de Derde Wereldoorlog. Vooral vanwege de dreigende kernraketten die het kapitalistische Amerika en de communistische Sovjet Unie tegen elkaar op stapelden.

Schrikbeelden in mijn hoofd van rode knoppen die zodra ze ingedrukt werden de wereld zouden vernietigen. En toen er op een paar ramen in ons dorp protestposters verschenen tegen de plaatsing van 48 kruisraketten in Woensdrecht, was voor mij de oorlog begonnen. En dan hadden we ook nog eens de zure regen en de kernramp in Tsjernobyl. Allemaal gebeurtenissen die mijn diepgewortelde angst voor een dramatisch einde van de mensheid versterkten.

Ik heb vaak nagedacht over de oorzaak van die angst en naarmate ik ouder werd, besefte ik dat het voor een belangrijk deel besloten ligt in mijn karakter; tikkeltje zwaarmoedig met de natuurlijke neiging niet alles direct van de meest positieve kant te zien. Maar daarnaast ligt het ook aan mijn achtergrond. Ik ben opgegroeid in een kerkelijke gemeenschap in een omgeving waar de wederkomst van Jezus Christus, de dag des oordeels, het ijkpunt was waarop het hele leven gericht was. De gebeurtenis waarop alles in je bestaan, ‘je hele handel en wandel’, gericht moest zijn. Voor de gelovigen misschien de mooiste dag ooit, maar als kind was ik doodsbang voor de beelden die dominees van deze dag schetsten: een in vuur verzwelgende aarde, doden die uit hun graf stapten onder luid bazuingeschal uit het zwerk.

Als klein kind zag ik parallellen tussen de apocalyptische beschrijvingen van onze predikant en het wereldnieuws dat via de televisie mijn wereld bereikte. Daarbij worstelde ik met het gevoel dat ik niet naar deze dag verlangde. Zou dat consequenties hebben voor mijn perspectief in de eeuwigheid? Verzwolgen te worden door een vuurkolom was nou ook weer geen prettig vooruitzicht.

Het meest beroerde was nog wel dat het elk moment kon gebeuren. Als een dief in de nacht zou hij wederkeren en altijd moest je er klaar voor zijn. Leven met een been in de eeuwigheid, de ultieme vorm van memento mori.

Nu jaren later heeft mijn geloof een andere vorm gekregen, maar is de angst voor een theatraal einde van onze wereld gebleven. Een gevoel dat aangewakkerd wordt door gebeurtenissen, zoals de economische recessie en smeltende poolkappen, die nu het nieuws bepalen. Altijd is er dat knagende gevoel, de vraag wat ons allemaal staat te wachten.

In tegenstelling tot vroeger, ben ik nu in staat mijn eigen gedrag te relativeren. Zelfkennis is een groot goed. Maar toch, 21 december 2012 vind ik een doodenge dag. Het gevoel uit de vroege jaren ’80 is voor even weer terug. Vooral toen ik in het NRC las dat men in de 16e eeuw in het aanspoelen van een Bultrug het einde van de wereld zag. Aan de andere kant, toen is de wereld ook niet vergaan.

Misschien valt het dus allemaal wel mee.

Maar goed, genoeg nu over het naderende onheil. Eerst lekker ongezond friet eten en dan op zoek naar een geschikte schuilkelder! (voor de zekerheid..)

Volg Joost-Jan Kool ook op Twitter

Geef een reactie

Laatste reacties (30)