3.836
11

publicist, beeldend kunstenaar

Koos Kuijt is publicist en beeldend kunstenaar. Hij publiceerde eerder onder meer in de Volkskrant en Deviant, het tijdschrift over psychiatrie.

Autisten zijn geen psychopaten

Mensen doen soms verschrikkelijke dingen en soms zijn dat mensen met autisme, maar zeker niet vaker dan niet-autistische mensen en ook niet door hun autisme

Afgelopen dinsdag zond de Boeddhistische Omroep Stichting een documentaire uit over een Finse jongen, Pekka, die in 2007 op zijn school acht mensen doodschoot en daarna zichzelf. De documentaire gaat op zoek naar de achtergronden ervan. Hoe heeft het zover kunnen komen? De film laat zien dat het gaat om een jongen met weinig vrienden op school, die op school gepest werd en soms ook fysiek mishandeld vanwege zijn afwijkende manier van kleden, opvattingen en zijn sociale onhandigheid. De vriendin die hij had leren kennen via internet had hem net voor de schietpartij in de steek gelaten. Voor Pekka misschien wel de laatste druppel.

In de documentaire wordt ook door een psychiater gespeculeerd dat Pekka autistisch zou zijn geweest; gezien de gebeurtenissen overigens een diagnose die achteraf gesteld werd zonder hem ooit te hebben gesproken. Het is een trend die de laatste jaren ook in Nederland stevig opgang heeft gemaakt, het associëren met, en verklaren van crimineel gedrag bij daders met een (veronderstelde) diagnose van autisme. Sommige berichten in de krant suggereren daarbij op uitermate stigmatiserende wijze dat autisten een soort van gevaarlijke psychopaten zijn.

Maar ook sommige forensische psychiaters kunnen er wat van. Zo stelt de bekende forensische psychiater Theo Doreleijers in het Parool dat negentig procent van de veroordeelde jeugddelinquenten een stoornis als autisme, ADHD of antisociale gedragsstoornis heeft. Waarmee alles gelijk maar op één hoop wordt geveegd. Chargerend kun je bovendien stellen dat antisociaal gedrag ongeveer het equivalent is van crimineel gedrag en dat deze diagnose (die dan eigenlijk geen diagnose meer mag heten) dus al afdoende zou zijn. Autisme kan weliswaar aanwezig zijn bij criminaliteit, maar het verband met criminaliteit is afwezig of heel indirect zonder op enige manier doorslaggevend te zijn. Maar daarover later meer.

Eerst nog een paar opmerkingen over autisme zelf. Deze conditie is na vele jaren van onderzoek nog altijd gehuld in mysteries. Niet dat er geen oorzaken of genetische verbanden zijn gevonden. Het is meer zo dat er teveel oorzaken en verbanden zijn en dat men door de bomen het bos niet meer ziet. Als oorzaken worden onder andere genoemd: genetische factoren, zuurstofgebrek bij de geboorte, kwikvergiftiging, oxidatieve stress, en blootstelling van de foetus aan hoge concentraties testosteron. Hoe het ook zij, de diagnose van autisme geschiedt nog altijd op basis van gedrag, door het invullen van psychometrische lijsten.

Ook qua verschijningsvorm is er diversiteit: Men onderscheidt klassiek autisme, hoogfunctionerend autisme en Asperger syndroom en PDD-NOS. De verschillen tussen mensen met autisme zijn enorm: van mensen met een laag IQ en repeterend gedrag, tot aan wetenschappers en kunstenaars die de wereld verbluffen met hun prestaties. Toch wordt steeds vaker naar autisme gewezen als een oorzaak of belangrijke factor voor crimineel gedrag. Dat is een slechte zaak want mensen met autisme worden zo steeds meer gewantrouwd en nagewezen, en we hebben het toch al over mensen die zich in deze maatschappij vaak met moeite kunnen handhaven.

De beschuldigen worden ook niet ondersteund door de cijfers. De psycholoog Douwe Draaisma stelt in het boek Reizen met mijn Rechter. Psychologie van het Recht dat er in de Nederlandse literatuur maar weinig bekend is over de relatie autisme-criminaliteit, maar dat er desondanks sinds 2004 talloze veroordelingen zijn uitgesproken waarbij vanwege de diagnose autisme en daarmee veronderstelde ontoerekeningsvatbaarheid tbs (mogelijk met dwangverpleging) werd opgelegd. Een fors staaltje rechtsongelijkheid is dus de ‘autist’ zijn deel. En dat terwijl onderzoek, alweer volgens Draaisma, heeft aangetoond dat mensen met autisme zijn ondervertegenwoordigd in de misdaadstatistieken met name ook bij geweldsdelicten. Zo beschouwd is juist het niet hebben van autisme een risicofactor!

De forensische literatuur kent een sterke vertekening in de richting van de meer spectaculaire gevallen: die genieten onevenredig veel belangstelling en bepalen het beeld. Maar deze gevalstudies zeggen niets over het verband tussen autisme en criminaliteit. In de meeste gevallen is er sprake van een veel zwaardere problematiek, stelt Draaisma verder. Meestal gaat het dan om een ‘persoonlijkheidsstoornis’. Autisme is dus helemaal niet nodig als verklaring.

Daarbij zijn de gesuggereerde mechanismen vaag en weinig specifiek. Genoemd worden meestal rigiditeit, gebrekkig inlevingsvermogen (empathie), gebrek aan sociale vaardigheden en obsessies. Voor wat betreft empathie kan worden gesteld dat veel mensen met autisme van nature weliswaar niet zo sterk zijn in de technische kant van empathie, maar vaak juist heel sociaal voelend zijn (men spreekt wel van warme empathie). Technische (koude) empathie kan daarentegen worden misbruikt (door wat bekend staat als psychopaten), al hoeft dat uiteraard niet. Rigiditeit en obsessies kunnen ook positief uitwerken en een gebrek aan sociale vaardigheden treft vooral de persoon met autisme zelf, die immers al snel buiten de groep valt.

Ook in het geval van Pekka worden enige van de hierboven genoemde zaken door de psychiater genoemd, met name “moeilijkheden in het sociale verkeer” en “interesse voor zekere ideologieën en filosofieën die het gebruik van geweld rechtvaardigen”. Dat laatste staat dan voor obsessie, maar het raakt kant nog wal om te stellen dat een interesse op zich in ideologieën gevaarlijk zou zijn. Misschien ontbrak het Pekka dan eerder aan een het juist beoordelingsvermogen om daarin goede keuzes te maken, maar wat heeft dat met autisme te maken?

En ja, die moeilijkheden in het sociale verkeer waren er. Ze leidden er toe dat Pekka buitengesloten, getreiterd en mishandeld werd. Dat is de enige link hier die je met autisme mag leggen. Het valt moeilijk te ontkennen dat het getreiter een belangrijke oorzaak van de schietpartij is geweest, zonder dat dit het rechtvaardigt uiteraard.

Misschien moeten we verder gewoon constateren dat er iets mis was met het geweten van Pekka. Dit weerhield hem niet van het veroorzaken van deze tragedie. Maar de schuld voor dit drama bij zijn (veronderstelde) autisme leggen is niet terecht. Mensen doen soms verschrikkelijke dingen en soms zijn dat mensen met autisme, maar zeker niet vaker dan niet-autistische mensen en ook niet door hun autisme.

Geef een reactie

Laatste reacties (11)