528
3

Tekstschrijver en publicist

Mark Wagemakers is tekstschrijver en publicist.

‘Blijf van cultuur af!’

'Men gaat naar een musical om te ontsnappen. Bij de opera word je geconfronteerd met het leven'

Het is een drukte van belang, op deze maandagavond, achter de schermen van het imposante Wilminktheater. Hij komt vlak voor aanvang van een pré-generale repetitie van Tristan und Isolde de zaal binnengelopen. We zoeken elkaar op. Om ons heen klinkt het stemmen van het orkest, het zenuwachtige geneurie in de coulissen en hier en daar een fragment van Wagner’s Tristan und Isolde.

Een interview met Nicolas Mansfield, directeur van de Nationale Reisopera

Het Wilminktheater heeft in haar korte geschiedenis al de nodige Wagner-hoogtepunten beleefd. Het theater, speciaal gebouwd naar de standaarden van de nóg imposantere Ring des Nibelungen. Misschien wel de meest onverwachte én bejubelde versie van Richard Wagner’s signatuur. Dit jaar zou de gehele cyclus worden opgevoerd, maar bezuinigingen hebben roet in het eten gegooid.

Cultuurbezuinigingen
Die storm rond de cultuurbezuinigingen gaat nog steeds niet liggen. Sterker nog; de debatten zijn nog dissonanter van toonaard dan het Tristan-akkoord: “Het kabinet Rutte I heeft ertoe geleid dat de storm rond de cultuurbezuinigingen verder oplaaide dan voorheen”, aldus Nicolas Mansfield, directeur van de Nationale Reisopera. “Het grootste probleem daarvan was de toon. Het is zoals het is. Jet Bussemaker staat voor een grote uitdaging als cultuurminister en de cultuurmakers moeten nu zelf de politiek opzoeken en begrip tonen voor hun standpunt. De kloof moet weg.”

“Men gaat naar een musical om te ontsnappen”, vervolgt hij. “Bij de opera word je geconfronteerd met het leven. Moet je jezelf recht in de ogen aankijken.” Hierbij komen we meteen bij een cruciaal punt van subsidie-afhankelijke cultuurmakers. “Subsidie is nodig om kunst te maken waar men zich aan over moet geven.” Het is niet vanzelfsprekend en men moet ‘erin komen’. In de beleving. In de gevoelswereld van – in dit geval – een opera als Tristan und Isolde. Dat een instelling niet in een behoefte voorziet als het afhankelijk is van subsidie, veegt Mansfield resoluut van tafel. “Wat een onzin.”

Toneelarchitectuur
De koketterie van de opera hangt nog steeds in de lucht. Een mondaine, luxe, linkse hobby. Een plaats om, ja, om wat eigenlijk? Elitair te wezen. Te flaneren. Net zoals dat gold in de tijd van de Romantische Italiaanse opera. Men kwam om gezien te worden. Om ruzies te beslechten. Het zaallicht bleef aan en de opera stelde niet meer voor dan achtergrondmuziekjes, ruis misschien, van het samenzijn van de bourgeoisie. Wagner maakte daar korte metten mee. Zaallicht uit, elke stoel moet uitzicht hebben op het toneel en het orkest moet onzichtbaar zijn. Onzinnige balletten eruit. Kijken – in het donker. Tot op de dag van vandaag is het traditie. Is het misschien nu niet té donker? “Misschien wel,” aldus Nicolas. Wagner nam afstand van de klassieke toneelarchitectuur. Nu komen we, anno 2013, weer aan bij een ‘herziene versie’ van het toneel. Meer interactie, meer locatietheater. “De Nationale Reisopera brengt een versie van de Johannes Passion in het theater. Maar ook een dag dat men de koralen mee mag zingen. Dat ging in de tijd van Bach ook zo. Dat is een hele kleine manier om mensen meer passie, gevoel bij te brengen. Opera bevindt zich in het collectieve geheugen, maar het moet weer opgerakeld worden.”

Noodzaak
“De beeldvorming hoe de cultuur is weggezet heeft meegespeeld in de slechte bezetting in de zaal. Als de tone of voice van de politiek en het debat vriendelijker waren, was het een andere situatie geweest.”

Dankzij de linke-kerkmantra van opiniemakers en politici (en niet alleen van de rechterflank) wordt kunst weggezet als probleemkindje van de maatschappij. Als inwisselbaar. Als vergane glorie. Als niet noodzakelijk. Als er niet toe doende.

Nationale religie
“In Engeland is Brits-zijn een nationale religie”, zegt Mansfield (Brit – en trots – van origine). Sport, cultuur: daar kom je niet aan. Los van welke partij, het is er. Daar blijf je vanaf. In Nederland heb je de linkse en rechtse kerk en is de cultuur daar het slachtoffer van.
De Amerikaanse kant moeten we niet op gaan. Sponsoren moeten niet bepalen wat er gespeeld wordt. Het zou ontzettend jammer zijn als het zover komt.
“Als het vertrouwen ontbreekt, ontbreekt de liefde”, vertelt de bevlogen directeur als ik hem vraag naar de bezoedelde operanaam. “De primaire taak is dat we iets maken, nog voordat men weet dat ze daar behoefte aan hebben. Om dat te bereiken heb je van alles nodig. Smaak, expertise, politiek die vertrouwen heeft.” Natuurlijk moet de inspirerende cultuurmaker verklaringen afleggen wat er met het geld gebeurt. Niet zoals de kunstenaarsuitkeringen werkten – teken maar een streep en je krijgt weer zeshonderd gulden. “Het geld dat we nu krijgen is voldoende voor de producties die we maken. Maar alle extra’s zijn er niet meer. De marketing, bijvoorbeeld. Het aan de man brengen van je voorstelling. We bekijken nu iedere dag hoe we met die extra’s kunnen bekostigen.”

Het Tristan-akkoord
De politieke dissonantie lijkt vereenzelvigd in het Tristan-akkoord. Een akkoord waar al honderdvijftig jaar over gedebatteerd wordt. Waar de pure liefde in gecomponeerd is. Een akkoord dat smaakt naar meer. Een akkoord waar Den Haag jaloers op zou moeten zijn.

Volg Mark Wagemakers ook op Twitter of kijk op zijn website.

Mark is tevens de auteur van ‘Het roze boekje’.

Geef een reactie

Laatste reacties (3)