1.477
58

Oud-PvdA-leider

Job Cohen (Haarlem 1947) heeft in Groningen rechten gestudeerd. Na zijn studie heeft hij eerst tien jaar in Leiden gewerkt, waarna hij in 1981 vertrok naar de Universiteit Maastricht. Daar werd hij eerst hoogleraar en later Rector Magnificus. In 1993 werd hij staatssecretaris van Onderwijs in het kabinet Lubbers II. Hij keerde vervolgens weer terug naar Maastricht om in 1998 opnieuw staatssecretaris te worden, nu van Justitie. In 2001 werd hij burgemeester van Amsterdam, in 2010 werd partijleider en fractievoorzitter van de PvdA in de Tweede Kamer. Op 20 februari 2012 legde hij zijn functie neer.

CDA en VVD kiezen voor Amerikaanse toestanden in de zorg

Goede en betaalbare gezondheidszorg is een maatstaf voor de beschaving van een land.

De vraag hoe ziek je bent moet uitgangspunt zijn voor zorg die je krijgt. Niet de vraag hoe rijk je bent. Ik zet me in voor een kabinet dat de gezondheidszorg niet aan de markt overlaat, maar rekening houdt met gezondheidsverschillen en het verschil in draagkracht tussen mensen. Want in mijn Nederland telt iedereen mee.

Stel, op een ziekenzaal liggen vijf patiënten. De eerste is een sterspeler van het Nederlands elftal, de tweede een moeder van drie kinderen, de derde een stokoude grijsaard, de vierde een verstokte roker met een drankprobleem en de vijfde een puissant rijke miljonair. Zij lijden allen aan dezelfde kwaal, zijn allemaal even ziek en hebben baat bij precies dezelfde behandeling. Wie helpt u eerst?

Op basis van die casus debatteerden de politiek en de zorgsector in de jaren tachtig over keuzes in de zorg. Ook toen stonden de overheidsfinanciën onder druk. Ook toen rezen de zorgkosten ons boven het hoofd. De centrale vraag: op welke basis maken wij keuzes in de zorg? Op basis van maatschappelijk belang, persoonlijk belang, leeftijd, lifestyle, of zelfs op basis van financiën?

Het pleit werd beslecht door VVD-staatssecretaris Dees. Alleen de ernst van de kwaal mag bepalend zijn, concludeerde hij terecht. Wie er het ergst aan toe is, wordt als eerste geholpen. En bij gelijke noodzaak is de plek op de wachtlijst bepalend. Goede zorg voor iedereen, het is een graadmeter voor de mate van beschaving van een land. Het is de leidraad voor het PvdA-programma. Je maatschappelijke positie of de dikte van je portemonnee mag niet bepalen of je al dan niet de zorg krijgt waar je recht op hebt.

En ja, er moet in deze tijden bezuinigd worden op de zorg. Maar de vraag is hoe je die bezuinigingen invult, of je de leidende principes van goede en toegankelijke zorg voor iedereen daarbij overeind houdt. En de vraag is wie de rekening betaalt. Daarin lopen de keuzes van de diverse politieke partijen fors uiteen. Terwijl Amerika het Nederlandse zorgsysteem als voorbeeld neemt, dreigen CDA en VVD aan deze kant van de oceaan te kiezen voor Amerikaanse toestanden. De zorg wordt aan de markt onderworpen, winstuitkeringen worden een doel op zich, tweedeling wordt in de hand gewerkt.

Het CDA gooit de zorg letterlijk op de bon met een vouchersysteem voor mensen die bijzondere zorg nodig hebben (via de AWBZ). Een bon waarvan je onder alle omstandigheden zelf 10 procent mag betalen. Maar de VVD spant de kroon. Mark Rutte brengt de toegankelijkheid van zorg voor chronisch zieken, gehandicapten, ouderen en lage inkomens in gevaar. De meest kwetsbaren in onze samenleving zijn de blinde vlek van de liberalen. 2,3 miljard komt uit het basispakket (ter vergelijking: de PvdA bezuinigt hier 0,7 miljard op). De VVD wil gehoortoestellen, prothesen, incontinentieluiers, aangepaste computers voor lichamelijk gehandicapten, maar ook de medische behandelingen voor bijvoorbeeld chronische voorhoofdsholteontsteking, incontinentie en IVF niet meer vergoeden. Daarnaast verhoogt de VVD het eigen risico naar 300 euro per Nederlander. Ook hier zijn vooral chronisch zieken de dupe.

Bovendien komt de huisartsenzorg bij de VVD onder het eigen risico waardoor de particuliere zorgkosten nog verder stijgen. Gehandicaptenzorg voor patiënten met een IQ hoger dan 70 wordt geschrapt, zo schraapt de VVD 0.4 miljard erbij. Activiteiten voor patiënten, die zonder ‘begeleiding’ de kans lopen in een instelling terecht te komen of verwaarloosd te raken, worden volledig opgeheven. Weer 1,1 miljard erbij gesprokkeld.

Wat is een besparing waard als je opeens voor hele hoge kosten komt te staan als je ziek wordt? Als je een hoog inkomen hebt, is dat te doen, als je een leraar of loodgieter bent en van een gewoon inkomen moet leven niet.

Rutte lijkt van zijn eigen harde bezuinigingen te schrikken. Want geconfronteerd met de gevolgen, beweerde hij gedurende de tv-debatten dat de VVD 500 miljoen extra uittrekt om chronisch zieken, gehandicapten en ouderen te compenseren. Dat geld blijkt onvindbaar.

De PvdA maakt andere keuzes. Wij willen fatsoenlijke zorg, laagdrempelig en persoonlijk, dichter bij mensen en een premie naar draagkracht. Daarom willen we bijvoorbeeld drieduizend extra wijkverpleegsters. Goede en persoonlijke zorg betekent ook fatsoenlijke salarissen voor al die mensen die dag in dag uit goed zorgen voor onze ouderen en zieken. Dus niet de lonen van verplegers bevriezen, waar VVD en CDA voor kiezen. De PvdA bezuinigt liever op het aantal managers, door de salarissen van specialisten aan te pakken en door het bestrijden van de bureaucratie en de eindeloze papiermolen.

Goede en betaalbare gezondheidszorg is een maatstaf voor de beschaving van een land. De vraag hoe ziek je bent moet uitgangspunt zijn voor zorg die je krijgt. Niet de vraag hoe rijk je bent. Ik zet me in voor een kabinet dat de gezondheidszorg niet aan de markt overlaat, maar rekening houdt met gezondheidsverschillen en het verschil in draagkracht tussen mensen. Want in mijn Nederland telt iedereen mee.

Dit stuk staat ook in de Volkskrant.

Geef een reactie

Laatste reacties (58)