3.283
15

Filosoof en literatuurwetenschapper

Bram Ieven is filosoof en literatuurwetenschapper. Hij doceert moderne Nederlandse taal en cultuur aan de Universiteit Leiden.

De Belgen voelen zich bedrogen

De vakbonden faciliteren de onvrede en woede van de bevolking en geven ze een duidelijke, politieke vorm.

Het luchtruim was gesloten, de haven ontoegankelijk. Het openbaar vervoer lag stil, de meeste scholen bleven dicht en slechts de helft van de supermarkten was open. Dat was België afgelopen maandag, 11 december 2014. Het land was een dag lang in de ban van een algemene staking. Maar waarom eigenlijk? En moeten wij dit ook willen? Een korte schets.

Het is enige tijd geleden dat er in België een algemene staking met zoveel steun van de bevolking op touw werd gezet. Natuurlijk, er was de staking van januari 2012 tegen de besparingen van de regering Di Rupo. Maar voor een staking met zo’n grote bijval als die van afgelopen maandag moeten we al snel enkele decennia teruggaan in de Belgische geschiedenis. Misschien wel tot de algemene staking van 1961 tegen de besparingen van de regering Eyskens, waaraan destijds ruim 500.000 mensen actief deelnamen.

Dat België een land van stakers zou zijn, is niet helemaal waar. Maar het is wel zo dat België een traditie heeft (niet geheel toevallig vond de eerste geslaagde algemene staking in 1893 in België plaats). De reden hiervoor, heeft met de organisatie van het sociale veld te maken, te beginnen met de vakbonden.

De vakbonden en het volk
België kent net als Nederland een traditie van verzuiling. Maar in België behielden die zuilen ook na hun ontmanteling enkele belangrijke functies. De ziektekostenverzekering, bijvoorbeeld, werd nooit vrijgegeven aan de markt en is nog steeds in handen van de grote zuilen (grofweg: de christelijke, de socialistische en de liberale zuil). Hetzelfde geldt voor de vakbonden.

België heeft dan ook een sterke vakbondstraditie. Er zijn drie grote vakbonden, waarvan de Algemeen Christelijke Vakbond (ACV) met ruim 1,7 miljoen leden veruit de grootste is. Ter oriëntatie: dat is ruim driehonderdduizend leden meer dan het FNV, de grootste Nederlandse vakbond, in een land dat een stuk kleiner is. Het ledenaantal van de Belgische socialistische vakbond (ABVV) is al bijna even indrukwekkend:

1,5 miljoen leden. De derde belangrijke vakbond, de liberale vakbond (ACLVB) is met 220.000 leden vrijwel verwaarloosbaar.

Niet verwonderlijk dat de Belgische vakbonden grote politieke slagkracht hebben. Zij zijn als sociale partners immers ook degenen die volgens het Belgische recht gemachtigd zijn om landelijke stakingen te organiseren. Wie in België sociale of economische veranderingen wil doorvoeren, kan dat dus enkel in overleg met de vakbonden. En juist dat lijkt een doorn in het oog te zijn van de nieuwe federale (Belgische) en Vlaamse regeringen.

Onder leiding van de Waalse liberaal Charles Michel en de Nieuw Vlaamse Alliantie (N-VA) wil de Belgische federale regering een uiterst liberaal beleid doorvoeren: de lonen worden twee jaar lang bevroren, een indexsprong, werklozen gaan er financieel op achteruit, de overheidsdiensten moeten drastisch afslanken… maar de middelgrote tot grote werkgevers gaan er op vooruit.

Ook de Vlaamse regering onder leiding van N-VA premier Geert Bourgeois bespaart: de kinderopvang en onderwijs worden duurder, net als openbaar vervoer… maar ook hier gaan middelgrote tot grote werkgevers er op vooruit. Dit is de bevolking in het verkeerde keelgat geschoten. Die voelt zich bedrogen, of preciezer: een ruime meerderheid van de bevolking heeft het gevoel dat de lasten oneerlijk verdeeld zijn.

De reden voor bijval
Juist dat is de reden waarom de staking van vandaag zoveel bijval krijgt in België. De staking wordt georganiseerd door de vakbonden maar gedragen door de bevolking. De stakers zijn zelf veelal ook aangesloten bij een van de vakbonden. Het is dus te kort door de bocht om te zeggen dat ‘de vakbonden staken’. Tenzij je er meteen aan toevoegt dat de vakbonden goed zijn voor een derde van de bevolking.

De vakbonden faciliteren de onvrede en woede van de bevolking en geven ze een duidelijke, politieke vorm. Wat men er verder ook van denkt, die vorm is vooralsnog bijzonder efficiënt: het hele land lag stil op maandag en daarmee liet de werknemer duidelijk voelen hoe belangrijk het voor de regering is om ook met hun noden en lasten rekening te houden bij de besparingen.

Bredere vormen van verzet
Omdat het beleid dat de regering Michel wil uitvoeren op eenzijdige wijze alle lasten op de werknemers en werklozen af kantelt, is een staking geleid door de vakbonden een klassiek maar efficiënt drukkingsmiddel. Door middel van een financiële prikkel (de stakingen kosten de Belgische economie veel geld) laat men de werkgever en de regering voelen hoe belangrijk de werknemer is. De machtsbalans verschuift en creëert zo ruimte voor onderhandeling.

Uiteindelijk is deze manier van sociaal protest erg klassiek. De staking is een goed geplaatst vakbondsinitiatief dat vorm geeft aan de sociale onvrede van de Belgische bevolking en als drukkingsmiddel functioneert. Je kan je de vraag stellen of een andere vorm van sociale organisatie of verzet hetzelfde effecten en dezelfde schaalgrootte had kunnen bereiken. Ik gok van niet.

En toch is staken niet voldoende. Op Europees niveau kan het maar een deel van het sociaal verzet zijn. Want wat in België werkt, werkt daar enkel omdat het land een sterke vakbondstraditie heeft. In andere landen, waaronder Nederland, zal het sociaal verzet zich op andere tradities moeten schragen.

Het lamleggen van het systeem blijft daarbij wel de kern. Alleen wanneer een steeds sneller draaiende, oneerlijk verdeelde economie gedwongen wordt een pauze te nemen, is men bereid om te luisteren. Een dag gaat verloren. Dat tijdsverlies, levert een financiële kater op.

Het is dan ook zaak om na te denken op welke manier de bevolking die pauzeknop zoal kan indrukken, ook op Europees niveau en dus voorbij de nationale vakbonden of protestbewegingen. Want het rechts-liberale beleid momenteel in België wordt doorgevoerd is geen nationale kwestie, het is een Europese kwestie: gelijkaardig beleid werd de laatste jaren in vrijwel alle grote Europese landen doorgevoerd, waaronder Nederland.

Dat er in Nederland vrijwel geen kik gegeven werd bij de aanvang van de besparingen, geeft aan dat een sociaal verzet tegen het rechts-liberale beleid op een andere manier vorm zal moeten krijgen dan enkel via stakingen of via de vakbonden. We moeten nadenken over bredere vormen van sociaal verzet. Al maakte België maandag wel een goed begin.

Geef een reactie

Laatste reacties (15)