2.639
135

Journalist, publicist

Uitgever en hoofdredacteur van www.amerika.nl

De comeback van cultuurrelativisme; populisme nodigt ertoe uit

Tijd om de politieke correctheid van het politieke incorrecte denken weer eens ter discussie te stellen

Naast licht absurdistische stukken in de NRC van vrijdag door Ellian die als hij Cohen niet aanvalt de koningin graag op de korrel neemt, en de onzinpraat van Gerstenfeld die nog is blijven steken bij Cohen als zelfontkennende jood, een lang essay van Bas Heijne. Te lang, vond ik en minder helder dan ik van hem gewend ben. Maar de stelling, namelijk dat het populisme zich tegen de verlichting keert – en dat niet onterecht – is interessant. Niet nieuw, overigens.

In zijn prachtige boekje Murder in Amsterdam had Ian Buruma al vastgesteld dat de afkeer van immigranten en het geneuzel over verlichtingswaarden en de zogenaamde gemiste verlichting van de moslims (nagebabbeld door de elite die in katzwijm viel voor Hirsi Ali, al of niet letterlijk – die katzwijm dan). Hij had een uiterst amusant gesprek met Paul Scheffer over de Canadese filosoof en politicus Michael Ignatieff. ‘Kijk’, zei Scheffer tegen Buruma, ‘dat is nou precies wat ik bedoel: jij en ik ontmoeten elkaar voor het eerst en je noemt Ignatieff alsof ik vanzelfsprekend van hem heb gehoord. En daarin heb je natuurlijk gelijk. Ik ken hem. Dat is omdat wij dezelfde cultuur delen. We kunnen een gezamenlijk basisbegrip vooronderstellen.’ In de wereld van Scheffer deelt iedereen die ideeën.

Buruma krabt zich op het hoofd, in opperste verbazing, omdat hij wel weet dat noch de gemiddelde autochtone Nederlander noch de gemiddelde Marokkaan of Turk ooit van Ignatieff heeft gehoord. Hij realiseert zich, schrijft hij, dat juist de elite nostalgisch is. Dat de elite terug wil naar een tijd van gedeelde waarden, jaren zestig waarden, die voor hén inmiddels als vanzelfsprekend gelden en als ‘typische Nederlands’. ‘De moslims zijn de dwarsliggers, ongenode gasten op het feestje’, schrijft deze scherpe waarnemer. Als de opstand van het kiezersvolk een opstand is tegen de elite dan is het tegen deze mensen. Een discussie die is aangejaagd door de elite loopt uit op een populistische opstand tegen de elite, geleid door iemand die het product is van die elite, Geert Wilders.

Heijne schrijft daar ook over, met vaststelling dat we de verlichting als geloofsleer zijn gaan behandelen en niet een levenshouding, ‘een loffelijk streven om onze al te menselijke aanvechtingen in goede banen te leiden’. Hij was me ergens onderweg al kwijt geraakt. Maar zijn conclusie dat het populisme een reactie is op ‘het gestolde idealisme van een progressieve elite’ kan ik wel delen al ben ik minder bang dan hij is voor de roep om verlossers van buiten en het centraal stellen van het grote ik, zonder zelfrelativering (sommigen verheerlijken zo een vrijzinnigheid die Nederland helemaal niet kenmerkt).

Ik stel vast dat we ook buiten het populistische segment, dat veel van de door de elite ingevoerde uitgangspunten (gelijkheid man en vrouw, homo’s en secularisme als levenshouding) best wel deelt, dat we ook daarbuiten een groep hebben die de verlichting die Bolkenstein en Hirsi Ali ontwaarden, niet heeft bereikt. De refo’s, de EO, de onverlichte katholieken, allemaal samen een veel grotere groep dan die o zo beangstigende moslims, deelt deze liberale waarden helemaal niet. Maar ze zijn ook niet populistisch. Wel gezagsgetrouw. Zodat de SGP een gedoogconstructie kan steunen zonder verder naar leden of aanhang om te kijken: die volgt toch wel.Gezag is immers van God gegeven en dient gevolgd te worden.

Het zal niet zo zijn dat zoals Heijne meent Wilders en Palin alles wordt vergeven, denk ik. We zijn in een te vroeg stadium van dit populisme om dat al te kunnen zeggen. Populariteit van politici heeft een zeer korte halfwaardetijd. Hij is zo verdwenen. Maurice de Hond kan vertellen wat hij wil, maar ik moet nog maar zien of Wilders geen schade lijdt van zijn achterkamertjes strategie, zijn zich laten misbruiken door de zittende elite en de treurige types waarmee hij zich omringt. Idem Palin, maar die is, denk ik, slim genoeg om voor het grote geld te kiezen in plaats van voor de grote afgang. Kortom, ik kon wel meegaan met de lijn van Heijnes betoog maar ik had er uiteindelijk weinig aan. Ik heb hem wel eens helderder en to the pointer gezien (zo’n lang artikel werkt blijkbaar niet goed).

Terzijde: hij vertelt over een congresje in New York waar Bolk en Ali lopen te roepen dat de westerse cultuur superieur is en groot applaus krijgen. Ik denk dat het tijd wordt om een inmiddels in beton gegoten stelling van de anti’s en neocons ter discussie te stellen: de westerse cultuur is superieur aan andere culturen. Dat was altijd al een baude stellingname, als je kijkt wat er in de 20ste eeuw onder de vlag van die westerse cultuur aan massamoorden is begaan en welke oorlogen gevoerd zijn. Het is ook een arrogante manier om elke vorm van zelfreflectie te ontlopen.

Je roept het maar en het applaus klatert. Zeker in de VS waar ze nog steeds denken dat ze een voorbeeldland zijn met een goddelijke missie – een kretologie uit de negentiende eeuw die voor een land in opkomst zijn functie had maar die nu belegen, onterecht en zelfs contraproductief is. Alleen simplisten als Palin en Beck geloven daar nog in, gesteund door hun willige medewerkers, pseudo intellectuelen als Bolkenstein en Hirsi Ali. Laten we het er weer eens over hebben: cultuurrelativisme. Niet om te betogen dat we onze cultuur steeds moeten aanpassen maar om, naar goed verlichtingsideaal, onze cultuur en samenleving steeds ter discussie te houden en nooit arrogant, zelfgenoegzaam en tevreden te worden.

Tijd om de politieke correctheid van het politieke incorrecte denken weer eens ter discussie te stellen. Het populisme nodig daartoe uit.

Geef een reactie

Laatste reacties (135)