1.298
2

Journalist

Brenda Stoter is geboren en getogen in Rotterdam. Sinds 2010 is ze als freelancer werkzaam in de journalistiek en schrijft ze voornamelijk voor het AD, stichtingen en bedrijven. Eerder schreef ze artikelen voor de Elsevier, Roest, HP/De Tijd, stichting Music Matters en werkte ze mee aan het Hoofdboek. Ze is gespecialiseerd in de multiculturele samenleving, jongerencultuur, Rotterdam, Egypte en Rwanda.

De eenzame obsessie

Het doet pijn. Niet haar lichaam, maar haar ziel. Die is zojuist gebroken

Als meisje van 15 hangt ze boven het toilet. De pot ruikt naar wc-eend, chloor en kots. Met alle kracht die ze in zich heeft, probeert ze de laatste resten macaroni eruit te gooien. Het lukt niet en dat maakt haar nog gefrustreerder. Het liefst zou ze er een tandenborstel in duwen om meer overgeefneigingen te creëren. Desnoods een slok pure azijn, wat haar maag niet aankan. Na tien minuten geeft ze het op en laat ze zich wanhopig tegen de deur vallen. De tranen stromen over haar wangen. Net als een dun stroompje bloed, dat langzaam uit haar neus sijpelt. Het doet pijn. Niet haar lichaam, maar haar ziel. Die is zojuist gebroken.

,,Anna, wil je als je klaar bent op de wc even naar ons toe komen?’’ vraagt haar moeder met een norse stem door de deur heen. Anna veegt haar tranen af, laat een slok water langs haar tanden glijden en maakt behoedzaam de toiletpot schoon. Terwijl ze de wc doorspoelt, voelt ze zich opgelucht. Alle troep is eruit. Ze loopt naar de woonkamer, waar haar ouders met een gespannen gezicht op haar zitten te wachten. Studio Sport staan aan, zoals altijd. Haar moeder steekt van wal. ,,We hebben gemerkt dat je de laatste tijd wel erg veel tijd op de wc doorbrengt. Wat is er aan de hand? Spuug jij soms je eten uit?’’ Haar moeder blijft haar aankijken. Anna wordt er zenuwachtig van.

Gedachten razen door haar hoofd, als een op hol geslagen trein. Wat moet ze doen? Zal ze eerlijk zijn? Maar dan gaan ze op haar letten en zal ze weer aankomen. Kilo’s overbodige vetcellen. Ze wil niet dik zijn, ze wil net als alle andere meisjes mooi en dun zijn. De gedachten aan kilo’s, vet en eten boezemen haar angst in. Ze gaat voor de leugen. Het rolt vliegensvlug over haar lippen. Te vlug, alsof het werkelijkheid is. Maar de werkelijkheid is hard en doet pijn. ,,Ik voel me de laatste tijd niet zo lekker, ik denk dat ik griep krijg. Ook had ik een aantal dagen last van diarree,’’ antwoordt Anna met een gemaakte stem. Zullen ze het geloven? Het moment lijkt uren te duren.

Haar moeder slaakt een diepe zucht. De opluchting is van haar gezicht af te lezen. ,,Oké, gelukkig maar. Waarom heb je niets gezegd? Dan hadden we een afspraak voor je gemaakt bij de dokter,’’ zegt ze meelevend. Haar vader kijkt opgelucht en verplaatst zijn blik naar naar de televisie. Blijkbaar gelooft hij het verhaal ook. Anna voelt zich schuldig. Een leugenaar en een geniepig persoon, dat is wat ze is. Ze draait zich om en loop richting de trap. Ze wil in bed liggen, de inspanning heeft haar moe gemaakt. Haar moeder roept haar na. ,,Mocht er nou iets anders zijn kan je dat natuurlijk eerlijk zeggen hè? We willen namelijk niet dat je iets ernstigs overkomt.’’ Anna mompelt dat er niets is en loop de trap op. Het schuldgevoel maakt plaats voor een gevoel van triomf. ,,Voortaan moet ik voorzichtiger zijn,’’ denkt ze vastberaden. Het is één van de laatste keren dat ze zich schuldig voelt.

Vijf jaar later

,,Ey Anna, ga je mee naar de kantine? Ik hoorde dat ze lekkere saté hebben.’’ Leila, haar studiegenootje en beste vriendin, kijkt haar vragend aan. De angst knijpt Anna’s keel dicht. In haar hoofd passeren diverse smoezen. Bij haar moeder eten, aan het vasten, allergisch voor bami, aan de lijn, al gegeten. Ja, dat is ‘m! Haar denkbeeldige volle maag is het excuus van de dag. ,,Ik heb al gegeten tijdens de eerste pauze. Ik heb geen honger,’’ zegt ze haastig. Zal haar vriendin het geloven?  ,,Wat jammer, maar dan eet je toch een soepje ofzo?’’ Leila laat zich niet zo snel afwimpelen, daar is ze te vastberaden voor. Een soepje? Anna mag helemaal niets. Alle wc’s zijn altijd bezet en vies. Ze kan hier onmogelijk overgeven. Bovendien zien ze het vast aan haar als het toch lukt. Ze kan nooit zolang wegblijven. Overgeven kost tijd en tijd is kostbaar.  ,,Eh nou,’’  aarzelt ze. Anna heeft opeens geen trukendoos meer.  ,,Kom op, je gaat gewoon mee. Ik zou bijna denken dat je geen zin hebt in ons,’’ besluit Leila met een vette knipoog. Natuurlijk gaat Anna mee. Voor deze keer. Voor de laatste keer. In de jaren die volgen trekt ze haar smoezen steeds vaker uit de kast, totdat Leila het uiteindelijk opgeeft. Net zoals de rest van haar vrienden.

Drie jaar later

Steeds meer jonge meisjes lijden aan eetstoornissen. Spottend bekijkt ze de cover van de gekreukte Panaroma die al jaren over datum is. ,,Jullie moesten eens weten,’’ denkt Anna bij zichzelf. Binnen enkele seconden wordt haar aandacht getrokken door de tandartsassistente. ,,Anna da Costa?’’ De assistente kijkt vragend de kamer in. ,,Ik ben er,’’ zegt Anna haastig. ,,De tandarts is klaar voor je, tweede kamer rechts naast de uitgang,’’ zegt de assistente met een brede glimlach. Ze heeft mooie tanden, wat ook wel moet als je in een praktijk werkt. Anna loopt naar de kamer, begroet de tandarts en plant zichzelf in de grote, gevreesde stoel. ,,Zo Anna, ik heb je al een tijdje niet gezien, zeker druk met studeren?’’ De tandarts doet een aardige poging om Anna op haar gemak te stellen. Terwijl hij zich over haar mond ontfermt, mompelt ze dat alles goed gaat. Wat een rotgevoel is dit. Ze is bang. ,,Anna, hoe komt het dat jouw tandglazuur zo beschadigd is?’’ vraagt meneer de tandarts. ,,Komt het soms door de grote hoeveelheid frisdrank die je drinkt?’’ Anna knikt ijverig en lacht inwendig. Dit is toch echt een inkoppertje. Lucky girl. Ze hoeft zich niet eens te verdedigen. Bedankt tandarts. ,,In dat geval wil ik je ten sterkste afraden om dat nog te doen, je tandglazuur wordt vatbaarder voor gaatjes en afbraak. Als dit zo doorgaat, hou je geen gezonde tand meer over en dat willen we natuurlijk niet.’’ De tandarts kijkt bezorgd haar mond in en begint met het schoonmaken van de kiezen. Anna kijkt om zich heen en laat haar blik rusten op de poster met de tekst snoep gezond, eet een appel. Een kind heeft een lekkere appel in zijn hand, ze zou er zo in willen bijten. Het constante hongergevoel is pijnlijk. Eten is slecht, dat moet eruit.  Anna staart naar de poster om de confrontatie met de tandarts te ontwijken. Bang dat hij dwars door haar heen zal kijken. Niemand mag erachter komen. Niet door haar woorden, niet door haar acties en zeker niet door de staat van haar gebit. Het is de laatste keer dat ze de tandarts ziet. De jaren daarop negeert ze elk contact dat uit de praktijk komt.

Twee jaar later

Over twee dagen viert ze haar jubileum. Tien jaar boulimia nervosa. Een eenzaam jubileum, zo zonder feestje, vrienden of familieleden die haar een kaart sturen.

,,Vol trots presenteren wij dat u,  mevrouw Anna Maria da Costa,  al tien jaar lid is van onze boulimiaclub. Met groot plezier mag ik u een voedselpakket junkfood en een jaar lang gratis toiletrollen aanbieden. Bovendien maakt u ook nog eens kans op een halfjaarverblijf in onze speciale kliniek. Alle onkosten worden vergoed. Daarnaast doet u automatisch mee aan de constante mediadruk waar jonge meisjes constant aan blootgesteld worden. Wij danken u voor al uw inzet en hopen dat we u nog lang in onze club mogen hebben.’’

Ze hoort het ze op de Pro Ana website, die ze af en toe bekijkt, al bijna zeggen. Ze haat die site omdat het eetstoornissen verheerlijkt. Maagpijn, slokdarmproblemen en tandafbraak worden aan de orde van de dag beschreven. Alsof het normaal is. Gelukkig speelt de waanzinnige tekst zich alleen af in haar hoofd, waar de ellende overheerst. Nuchter nadenken kan ze nog wel.  Anna denkt dat ze een kostbaar bezit voor de Pro Ana’s  is. Na al die jaren nog net zo fit als toen ze begon, op af en toe een bloedneus en een beetje tanderosie na dan. Een levend bewijs dat iemand met een eetziekte wel normaal door het leven kan gaan zonder binnen aanzienlijke tijd te sterven. Gatver. Ze moet bijna kotsen, en deze keer niet omdat ze gegeten heeft.

De tien lange jaren vliegen door haar hoofd. Een leven vol met eten waar ze niet van kon genieten, een leven waar ze haar vrienden is kwijtgeraakt door haar gedrag. Een leven waar ze haar ouders constant heeft voorgelogen. Een leven waar ze geen kans heeft gehad om te genieten. ,,In die tien jaar heb ik bijna niet kunnen genieten, beseffen jullie dat wel?’’, denkt ze bij zichzelf. Geestelijk is ze nog maar vijftien jaar. Haar leven stopte toen het monster binnendrong en alles overnam. Het verwoeste al haar dromen. Ze schreeuwt het uit van woede, sloopt alles wat ze voor handen heeft. Haar kamer reageert niet op haar hysterische bui. Het incasseert de klappen, net zoals Anna de klappen al die jaren geïncasseerd heeft. Kloteboulimia. Haar handen glijden over het lijf die ze zo haat. Ze begint te trillen. Ze voelt aan haar buik, haar armen en haar benen. Naast haar staat een spiegel. Anna kijkt zichzelf aan. Ze herkent zichzelf niet meer. Nog nooit in al die jaren heeft in de echt in de spiegel gekeken. Bang om te zien wat anderen zagen: een zwak persoon. Is ze echt de persoon die haar in de spiegel aankijkt? De persoon die niet eens van zichzelf kan houden?  Ze gooit de spiegel met een smak tegen de grond. Het glas vliegt alle kanten op. Anna ziet het niet. Ze laat zich vallen op haar bed en begint te huilen. Ze huilt totdat er niets meer uitkomt. Totdat de tranen op zijn. Ze huilt alleen.

Na twee uur hartstochtelijk janken gaat er een knop om. Wat als ze voortaan gewoon nee zegt? Kan ze het uitschakelen? Misschien wel. Het is de enige optie die over is, alsof alle kansen al verspeeld zijn en dit een bonusaanbieding is. ,,Ik beloof voortaan van je te houden,’’ fluistert ze tegen zichzelf. ,,Ik beloof het.’’  Ze weigert haar jubileum te vieren. Twee dagen voor de aftrap. De boulimia schreeuwt. Het gilt en het krijst van woede. Het roept dat het niet in de steek gelaten wil worden, dat Anna haar nodig heeft, dat ze niets is zonder haar. Anna hoort het niet meer. Ze hoort alleen maar zichzelf. ,,Zolang ik de tien jaar maar niet haal,’’ denkt ze met het laatste restje positiviteit die ze in zich heeft. En met die gedachte spoelt ze deze keer de herinneringen, in plaats van haar maaginhoud, door het toilet.

Deze tekst is niet autobiografisch. Ik heb dit verhaal geschreven omdat er nog steeds veel jonge meisjes en jongens zijn die aan dergelijke stoornissen lijden. Ik hoop dat ze ooit de kracht hebben om het, net als Anna, aan te pakken. Een eetstoornis maakt meer kapot dan men denkt, vandaar deze tekst.

Dit stuk staat ook op het weblog van Brenda Stoter

Geef een reactie

Laatste reacties (2)