5.256
47

Journalist

Natasja van Loon (1969) is als redacteur verbonden aan Zone 5300, tijdschrift voor strips, cultuur & curiosa, en als internetredacteur/eindredacteur aan het online feministische Tijdschrift LOVER. Ook maakt ze deel uit van de redactie van Drawing the Times, het online platform voor getekende journalistiek dat dit najaar gelanceerd wordt, en werkt ze als vertaler van, onder meer, strips. In 2014 won ze de Hal Foster Award voor bijzondere verdiensten in de periferie van het beeldverhaal vanwege haar inspanningen als promotor van strips voor vrouwen. Daarnaast is ze actief als fictieschrijver, recensent en fotograaf.

De spiegel van Charlie Hebdo

Hoe satire op extremistisch gedachtengoed gemakkelijk verward kan worden met echt extremisme

Toen de sociale media kort na de aanslag in Parijs ineens zwart zagen van alle Je Suis Charlie-avatars beging ik de vergissing om daar openlijk mijn twijfels over uit te spreken. Letterlijk want ik deed dat in een openbare status op Facebook. Dat heb ik geweten.

Hoe durfde ik de mensen die voorheen nog nooit van het blad gehoord hadden het recht te ontzeggen op een Je Suis Charlie-avatar. Niettemin duurde het niet lang voordat de cartoons van Charlie Hebdo weer begonnen te wringen. Maar nog niet eerder sinds de aanslag afgelopen januari laaide de controverse zo hoog op als nu, met de Aylan Kurdi-cartoons.

Satire
Ik was eigenlijk van plan om me er dit keer niet in te mengen. Toch jeukte het. Al die uitroepen van schande en beschuldigingen dat Charlie Hebdo op racistische wijze de spot dreef met het vluchtelingenleed. De grote tragiek van Charlie vind ik namelijk dat ze nu een publiek bereiken dat niet de juiste bagage heeft om hun cartoons te begrijpen. Een publiek dat ze zelf ook helemaal niet willen. Charlie Hebdo is een abonnementsblad voor een selecte lezersschare die weet wat ze kan verwachten. Maar wanneer hun cartoons vervolgens via het internet verspreid worden en een publiek bereiken dat er aanstoot aan neemt: kun je dat het blad verwijten? 

Buiten kijf staat in elk geval dat de snoeiharde satire van Charlie Hebdo niet voor iedereen is weggelegd. Misschien zijn hun cartoons wel alleen voor diegenen die Poe’s Law begrijpen en zich er bewust van zijn dat satire op extremistisch gedachtengoed gemakkelijk verward kan worden met echt extremisme. Dat zijn vaak ook de mensen die weten dat satire niet altijd om te lachen is maar dat de sterkste satire je een klap in het gezicht geeft. Dat kunnen waarderen vergt een specifieke vorm van zelfreflectie die niet iedereen gegeven is. Dan is een blad als Charlie Hebdo gewoon niet voor jou. Maar als je je dan toch over hun cartoons opwindt, doe het dan wel over de juiste betekenis ervan.

In dit artikel van The Daily Beast wordt feilloos uitgelegd op welke punten Charlie Hebdo – alwéér – verkeerd begrepen wordt. Het reclamebord voor de fastfoodketen boven Aylans levenloos lijfje. De uitspraak dat alleen christenen op water lopen en moslimkinderen verdrinken bij een vergelijkbaar beeld. De Aylan Kurdi-cartoons die in het sociale mediakruitvat als racistisch en respectloos jegens het vluchtelingenleed worden bestempeld, zijn de snijdende kritiek van Charlie Hebdo op het westerse roofkapitalisme en de uitspraak van de Hongaarse premier Viktor Orban dat Europa een christelijk continent is waar moslims dus niet welkom zijn (wat overigens van een schrijnend gebrek aan christelijke naastenliefde getuigt). 

Discussie
Toen ik het artikel deelde, werd het debat natuurlijk onvermijdelijk. Met ook dit keer flinke discussie. In emotionele reacties werd Charlie Hebdo van winstbejag beschuldigd. Nu moet je echter weten dat strips en cartoons mijn core business zijn. Ik schrijf voor Zone 5300, tijdschrift voor strips, cultuur & curiosa, en bij het feministische Tijdschrift LOVER ben ik de stripspecialist. En één ding kan ik verzekeren: er bestaat geen cartoonist of stripmaker die zijn vak beoefent om er rijk van te worden. Strips en cartoons zijn een niche. De makers kunnen niet eens aanspraak maken op een grote K in hun kunst. Ze doen wat ze doen uit liefde voor het medium en voor wat je ermee kunt zeggen. Eén van de overlevende Charlie Hebdo-redacteuren liet zich niet voor niets eens ontvallen dat het commerciële succes sinds de aanslag de grootste vloek was die het blad ten deel had kunnen vallen. 

‘Satire is mijns inziens bedoeld om hogere, rijkere machten te bespotten, niet de kwetsbaren,’ luidde een andere – zeer valide – reactie. Dat klopt en dat is juist wat Charlie Hebdo doet. Ze bekritiseren McWorld en de christelijke hypocrisie die gepersonifieerd wordt door Orban. Hun cartoons zijn wél gericht tegen de macht. Ze bespotten goden, profeten, Marine Le Pen, de paus, de Franse regering, het kapitaal. Geen enkele autoriteit wordt gespaard. Dat hebben ze in alle jaren van hun bestaan nog nooit gedaan. De kwetsbaren zelf besparen ze wel. Alleen hun geloof in die autoriteit moet eraan geloven.

Het blad stamt uit de Franse links-intellectuele antiautoritaire traditie die met álle instituties de draak steekt. De manier waarop dat gebeurt mag je gerust smakeloos vinden. Ik hou zelf meer van de feministische sekscartoons van Wolinski dan van het werk van Charlie Hebdo. Maar die hebben de lach dan ook als primaire functie.

De Aylan Kurdi-cartoons bekritiseren het xenofobe rechtsextremistische discours door het te spiegelen maar zeer zeker niet als lachspiegel. Wat ze doen is misschien wel de moeilijkste vorm van satire omdat het zo onbarmhartig de actualiteit van het maatschappelijk debat toont maar het is wel altijd al Charlie Hebdo’s handelsmerk geweest. 

Humor
Journalist Clarice Gargard vergeleek het met Southpark en omschreef het treffend als ‘een ongefilterde, uitvergrote en storende representatie van de werkelijkheid die niks met racisme of fobie te maken heeft maar bovenal anarchistisch is’. In tegenstelling tot Southpark waarin de klap verzacht wordt door de humor, verzacht Charlie Hebdo niks. En dat is wat mensen kwaad maakt. Dat begrijp ik. Toen we met Zone 5300 de satirische strip De Sporters publiceerden – waarin cartoonist Charles Guthrie op de Hebdo-manier de spot drijft met misogynie – moest ik ook flink slikken. Toen ik de film The Woman zag waarin regisseur Lucky McKee op nietsontziende wijze vrouwenmishandeling aan de kaak stelt, zat ik de hele voorstelling ongemakkelijk in mijn stoel te schuiven. Dus ja, ik begrijp de woede. Maar wie Charlie Hebdo begrijpt, verwelkomt dat gevoel. Die klap in zijn gezicht. Kom maar met die woede. Dóe er iets mee. Woede over onrecht is een machtige drijfveer. Maar richt hem wel zorgvuldig.

Met dank aan Clarice Gargard, Sarita Bajnath, Sanne de Vries en Theo Goossen die mij hun uitspraken leenden en me tot deze formulering prikkelden. En aan Sunny Bergman die mijn post met een aantal van deze inspiratoren deelde. 

Geef een reactie

Laatste reacties (47)