376
3

Praktiserend filosoof

Alexander Francino, opgeleid als bedrijfseconoom, runt sinds ruim 10 jaar een mini-boerderij cq vakantielokatie in een verloren hoekje van Zuid-Frankrijk. Vanuit een spagaat tussen puur geluk en razernij schrijft hij op www.metdehollandseslag.com beschouwingen over zijn twee thuislanden.

De Stropdas van de Revolutie

In de nieuwe Franse president zie ik twee krachten aan het werk: de stropdas van de zakenman en de stropdas van de revolutie

Toen we in ons kleine Zuid-Franse dorpje kwamen wonen, waren we de eerste buitenlanders. Bij onze kennismaking deed de burgermeester, met zwarte baret schuin op het hoofd, ons een eiken voordeur van zijn gemeentehuisje cadeau. Die was net vervangen. Het was een onvergetelijke welkom.

In het dorp woonde nog één andere buitenstaander. Pascal, uit Parijs. Zijn huis stond vol cactussen in alle maten. ‘Ik zie niemand, ik zie alleen jullie’, zei Pascal en liet ons zijn nieuwste cactus zien.

Pascal werd door de burgemeester nooit voor het dorpsfeest uitgenodigd.  Om te begrijpen hoe onbarmhartig dat is, moet je op het Franse platteland wonen.  Het heeft me bezig gehouden: waarom wij wel en hij niet? Als je het weet vallen veel stukjes op hun plaats.  Onder andere die van de stropdas van Hollande, die vragen heeft opgeroepen.

In onze buurt zie je nog schitterende klederdracht. Het mooiste voorbeeld: de bloemetjesjurk. Met blauwe  en lichtgroene tinten tot net over de knie. Met sporen van afgeveegde handen. En met op de buik een vak voor een aardappelmesje en een rolletje touw. Op het marktplein maakt de bloemetjesjurk een praatje met mannen op geblokte pantoffels. Die wonen hier ook, al worden ze net als de bloemetjesjurken met uitsterven bedreigd.

Op het Elysee zal het zo’n vaart niet lopen. De mannen dragen een pak en de vrouwen een mantelpakje. Toen minister Celine Dulfort in spijkerbroek op het politieke marktplein verscheen, sprak men daar schande van: het mantelpakje staat nog stevig in de schoenen. Op de nieuwe president was niets aan te merken. Hij gaat, zoals veel Franse socialisten, onberispelijk gekleed. Nauwelijks te onderscheiden van vertegenwoordigers ter rechter zijde.

‘Politici hebben’, hoorde ik een antropoloog niet lang geleden zeggen, ‘dezelfde klederdracht als de zakenman en de bankier’. Het was me nooit opgevallen. ‘Toeval is het niet, die overeenkomende kostuums’, lichtte de man toe. ‘Ze spelen een vergelijkbaar spel met vergelijkbare regels’.

De antropoloog was mij onbekend, maar hij hakte op me in als een net ontdekte bosbewoner. Politici lijken meer op een zakenman dan op een politieagent of een lerares of een bloemetjesjurk of een man die cactussen verzamelt. Na zo’n opmerking zie je sommige dingen duidelijker. Maar andere juist niet. Zoals de stropdas van de nieuwe Franse President.

Hollande wil de zakenman voortvarend aanpakken, maar lijkt veel méér op zijn slachtoffers dan  bijvoorbeeld Diederik Samsom of Wouter Bos, die moeite hebben met de Haagse klederdracht. Daar klopt toch iets niet?

Vanwaar  die conservatieve klederdracht van Hollande, met stropdas en het hoogste knoopje dicht?

Ook dat heeft lang geduurd. Doorzie je het mysterie van de socialistische stropdas, dan weet je waarom de cactusman niet op het dorpsfeest komen mocht.

Het is de gelijkheid,  Vrucht van de Franse revolutie. Tussen vrijheid en broederschap, is het de zoetste van de drie. Zeker voor de socialisten.

Wat indruist tegen de gelijkheid levert in Frankrijk een ongelijke strijd. Waarom worden kleine ondernemers toch zo ontmoedigd? Ze zijn ongelijk aan de rest van het volk. Waarom hoor je zo vaak ‘nee’ als antwoord? Wie een idee oppert komt los van de anderen. Die moet terug gefloten. Waarom wordt in een Franse schoolklas de opgestoken hand ontmoedigd? Zelfontplooiing heeft geen prioriteit. Het blijft schrijnend, maar begrip verlicht de pijn. Zelfs de stakingen zien er vrolijker uit. Meer gelijkheid dan in een protestmars is toch moeilijk voor te stellen? Sinds ik de gelijkheid zie, moet ik om stakingen een beetje lachen. Maar goed, ik hoef ook nergens heen. 

Het strakke pak van Hollande is het gezicht van de gelijkheid: zo gaan de Franse politici gekleed. De marge van de Haagse wandelgangen bestaat hier niet.

In de campagne van Hollande was gelijkheid een groot thema. Voorlopig heeft hij daad bij woord gevoegd: alle kabinetsleden 30 procent minder salaris. Nivelleren is hetzelfde als gelijk maken.

Van de Franse gelijkheid zullen we dus nog veel horen. Eurobonds? Hollande zal aandringen. Het betekent gelijke rente voor alle Euro-leden, de revolutie als export-product.  Zijn verwarrende klederdracht is slechts een binnenlandse aangelegenheid.

Ik draag zelf ook klederdracht. In Nederland zelfs een andere dan in ons dorp. Op het eerste dorpsfeest droeg ik een vrolijke mintgroene fleece. Merde. Wat viel ik uit de toon tussen de bloemetjesjurken en geblokte overhemden! Sindsdien draag ik een gewone sweater. Een buitenlander hoeft niet zo gelijk te zijn als een cactusman uit Parijs, dus met een sweater gaat het prima.

Zonder stropdas zou Hollande niet lekker in zijn vel zitten. Maar let op, als hij straks met andere stropdassen over de Euro onderhandelt, probeert hij zijn grote gelijkheid aan de man te brengen. Hollande draagt de stropdas van de revolutie.

Dit artikel staat ook op de website van Alexander Francino

Geef een reactie

Laatste reacties (3)