1.117
39

Advocacy director Human Rights Watch

Voormalig fractieleider van D66 in de Tweede Kamer. Sinds mei 2007 werkzaam in New York als advocacy director seksuele minderheden voor de mensenrechtenorganisatie Human Rights Watch. Voor Nederland is wellicht van belang te vermelden dat ik naast mijn huidige werl als advocacy director in het LGBT program van Human Rights Watch tevens ben: bestuurslid Prins Claus Fonds, bestuurslid Humanity in Action USA, lid Raad van Advies HIVOS, lid Raad van Advies Stichting Vluchteling en oprichter D66 afdeling New York.

De toekomst ligt niet voor ons, maar in ons zelf

Het begint met nee zeggen

In de nacht van 27 maart 1943 pleegde een verzetsgroep een aanslag op het bevolkingsregister van Amsterdam. De aanslagplegers wilden het de Duitse bezetter onmogelijk maken om persoonsgegevens te gebruiken. Ze wilden de jacht op Joden en de identificatie van politieke tegenstanders tegengaan. En ze wilden Nederlanders beschermen die zich aan de oproep tot arbeidsdienst in Duitsland probeerden te onttrekken.

In de geschiedenisboeken wordt de leiding van de aanslag toegeschreven aan Gerrit van der Veen. Maar de namen van twee mede-aanslagplegers zijn minder bekend. Frieda Belinfante en Willem Arondéus. Frieda was lesbisch en Willem homo. Willem werd verraden en gearresteerd. Vlak voordat de Duitsers hem executeerden, sprak hij zijn laatste woorden tot zijn advocate, Lau Mazirel. Ze moest hem beloven “na de oorlog aan de mensen te vertellen dat homo’s niet minder moedig hoefden te zijn dan andere mensen.”

Willem Arondéus. Openlijk homoseksueel in een tijd waarin dat zelfs in kunstenaarskringen de wenkbrauwen deed fronsen. Hij gaf zijn leven voor een ideaal. In juli 1943 werd hij gefusilleerd.

Van Willem Arondéus naar de huidige tijd. We leven nu 70 jaar later. In Nederland is er veel, zeer veel ten goede veranderd. Maar van de 193 lidstaten van de Verenigde Naties zijn er nog altijd meer dan 76 die homoseksualiteit strafbaar stellen. Al vinden er in die landen geen pogroms van homo’s plaats en is hun situatie dus absoluut niet te vergelijken met die van de Joden tijdens de Tweede Wereld Oorlog, toch staat het leven van homoseksuele mannen en lesbische vrouwen in die landen onder zware druk.

Ik moet vaak aan de woorden van Willem Arondéus denken: homo’s hoeven niet minder moedig te zijn dan ander mensen.

In Oeganda ontmoette ik David Kato, de leider van de homobeweging. Hij verzette zich tegen een nieuw voorstel tot wet, de anti-homoseksualiteitswet, waarin de doodstraf wordt ingevoerd. Zijn foto werd op de voorpagina van een rioolblad afgedrukt onder de kop: ophangen! Hij besloot moed te tonen, spande een proces aan tegen de krant, kreeg van de rechter gelijk, maar werd korte tijd later vermoord.

In Kameroen waar homoseksueel gedrag strafbaar is, stuurde een man een SMS-je naar een andere man: “ik denk dat ik van je hou.” Hij werd verraden, gearresteerd en kreeg 3 jaar gevangenisstraf. Zijn advocaat, een heteroman, diens vrouw en kinderen, werden met de dood bedreigd. De politie haalde de schouders op: dan moet je maar geen homo’s verdedigen. Dus in Kameroen krijg je 3 jaar gevangenisstraf als je een SMS-je over liefde stuurt. Maar gaat men vrijuit als kinderen met de dood worden bedreigd.

In Rusland en Oekraïne is een propagandawet in de maak. Mijn toespraak is er verboden. Ik kan er gearresteerd worden en u ook, want u luistert naar mij. Maar ook in die landen zijn moedige homoseksuele mannen, lesbische vrouwen en hun bondgenoten die de strijd aanbinden tegen deze inbreuk op de vrijheid van meningsuiting. En ondanks het verbod de straat op durven te gaan om te demonstreren, zoals onlangs in St. Petersburg. Of eind van deze maand in Kiev.

Denkend aan Willem Arondéus doen we zijn laatste woorden eer aan door moed te tonen. Door in verzet te komen tegen onrechtvaardigheid.

Ieder mens kan moedig zijn op zijn of haar manier. Als je discriminerende opmerkingen hoort, zeg er wat van. Het begint met ‘nee’ zeggen. Nee tegen onrechtvaardigheid. Nee tegen homohaat. En zo bouwen we gezamenlijk aan de toekomst waarvoor Willem Arondéus zijn leven gaf.

De toekomst ligt niet voor ons, maar in onszelf.

Deze toespraak werd op 4 mei uitgesproken bij het Homo monument in Amsterdam

Geef een reactie

Laatste reacties (39)