1.545
88

sociaal-antropoloog

Toine van Teeffelen woont sinds 1995 in Bethlehem in de bezette Palestijnse Gebieden, samen met zijn Palestijnse vrouw Mary en hun kinderen. Hij is daar werkzaam als projectontwikkelaar in het onderwijs en is momenteel (in 2011) directeur ontwikkeling van het Arab Educational Institute-Open Windows, dat gelieerd is aan Pax Christi. Hij studeerde sociologie in Rotterdam (1973) en sociale antropologie in Amsterdam (1976) en promoveerde op een onderzoek naar de portrettering van het Midden-Oosten in Engelstalige bestseller-romans. Toen hij zich in 1995 vestigde op de Westelijke Jordaanoever als gastdocent aan de Universiteit van Bir Zeit. In het door hem gepubliceerde Dagboek Betlehem 2000-2004, maakte hij op persoonlijke wijze zichtbaar wat het betekent te leven in een frontlinie. Het dagelijkse bestaan en de realiteit van de wereldpolitiek zijn in het inmiddels geïsoleerde, ommuurde Betlehem onontkoombaar verweven. Het nieuwste boek van Toine van Teeffelen verschijnt eind november bij
Narratio (Gorinchem): "Liefde, woede en waardigheid: Leven als gezin op de
bezette Westelijke Jordaanoever."
Hij is verder ook gids voor Nederlandse en Vlaamse groepen.

De Tweede Stap

Alleen de erkenning van Palestina is niet genoeg en zelfs contraproductief... als er geen tweede stap komt

Een flits van dat gevoel van vrede op aarde, helend en verbindend, hebben we wel deze dagen in Bethlehem. Deze dagen zien we in de straten zelfs een beetje Palestina. In het gevolg van de patriarch van Jeruzalem trokken vele Palestijnse scouts de stad binnen, vanuit allerlei plaatsen en van allerlei kerken en christelijke denominaties, ook met moslimse groepen.

De kerstperiode betekent voor Palestijnen in Bethlehem een korte break met de werkelijkheid. Je hebt het nodig, maar het maakt ook onrustig. Teveel luide Kerstliedjes in de straten van Bethlehem en ze beginnen hol te klinken.

Op eenzelfde manier creëert de Europese discussie over de erkenning van Palestina bij mij een gevoel van optimisme dat de onrust voor het moment toedekt. In een artikel in NRC Handelsblad (22/12/14) pleiten twee PvdA’ers (Servaes en Piri) voor erkenning van Palestina, als onderdeel van Israelisch-Palestijnse vredesonderhandelingen.

Symbolische bezwering
In het geval van Palestina is er steeds een gapende kloof geweest tussen de retoriek van de wereldgemeenschap, zeker ook van de EU, en de daden van Israel op de grond. Vanaf de Verklaring van Venetië in 1980 is in de EU een reeks van frasen ontwikkeld om goede bedoelingen tot uitdrukking te brengen: bv. “volledig” zelfbeschikkingsrecht, ‘onvervreemdbare’ rechten, pleidooien voor een ‘soevereine’ en nu ‘contigue’ staat. En natuurlijk heel veel ‘vrede’ en ‘vredesonderhandelingen’.

De woorden doen aan als een symbolische bezwering. Wanneer je ze maar vaak genoeg herhaalt ga je zelf geloven dat ze op de grond effect hebben. Dat is niet het geval. Hoe meer Palestina internationaal erkend wordt, hoe meer het op de grond dreigt te verdwijnen.

Die verdwijning houdt vooral fragmentatie in. In Bethlehem heb je Israëlische vergunningen nodig om naar Jeruzalem te gaan; de gebieden rond nederzettingen zijn niet toegankelijk, de Jordaanvallei is voor een groot deel niet toegankelijk. Er is een fragmentatie als gevolg van de categorisering van Palestijnen. Elke groep Palestijnen heeft een min of meer permanente aparte status van Israel toebedeeld gekregen: Palestijnen in de West Bank, in Jeruzalem, Palestijnen met Israelisch paspoort, Palestijnen aan de verkeerde kant van de Muur maar nog binnen de West Bank – allemaal met hun eigen problemen en identiteitsbewijzen en permits.

Meer en meer eilandjes
Je ziet dat langzamerhand het ‘gebied C’ van de West Bank dat onder volledige Israëlische controle is een aparte status lijkt te krijgen. Straks wordt wellicht die 60% van de West Bank met de meeste nederzettingen geannexeerd bij Israel, of bijna geannexeerd, want juridische trucs zijn er legio. Palestijnen trekken eruit weg, gaan naar de steden die meer en meer eilandjes vormen.

Er is die zichtbare, deprimerende fragmentatie van het land met alle obstakels en checkpoints. En er is de fragmentatie in de Palestijnse politieke stellingnames zelf die maar met moeite kan worden toegedekt. Het is niet onlogisch dat je verschillende politieke posities krijgt in de West Bank en Gaza wanneer er geen natuurlijk contact tussen die gebieden mogelijk is.

Ben Goerion, de eerste premier van Israel zei eens:

Het is niet van belang wat de goyim [niet-joden] zeggen, maar wat de joden doen.

Dat gezegde wordt door de Israëlische regering op eigen, systematische wijze ingevuld, zonder retoriek en symboliek. De koloniseringspolitiek gaat door, dunam voor dunam. De lijn van de internationale verklaringen gaat de ene kant uit, op de grond gaat de praktijk een andere richting uit, geleidelijk maar zeker.

De tweede stap
Daarom is niet de erkenning van Palestina belangrijk, al is het een eerste stap. Natuurlijk, op zich hoor je graag goede statements, vrolijke fanfaremuziek en een indringende roep om vrede, zoals bij de kerst te doen gebruikelijk. Maar het gaat vooral om de tweede stap. Wanneer je een staat erkent die onder de druk van de bezetting dreigt te verdwijnen dan moet je de omstandigheden die maken dat hij er niet is, aanpakken. Anders hangt die erkenning in de lucht, en werkt zelfs contraproductief, want je denkt dat je wat doet en je doet in feite niets.

Hopen, dromen, goede woorden zijn nodig, niet alleen met de Kerst. Wanneer welgekozen, geven ze nieuwe adem. Maar ze zijn er wel om scherper naar de realiteit te kijken en deze te veranderen, niet om de andere kant op te kijken of om je het zicht op de werkelijkheid te ontnemen.

Geef een reactie

Laatste reacties (88)