3.205
43

Ds. Dick Couvée is predikant van de Pauluskerk in Rotterdam sinds 2008. Daarvoor was hij werkzaam als predikant in Luxemburg. Hij startte in 1998 als predikant in Barendrecht na afronding van zijn studie theologie (Leiden) in 1997. Couvée werkte daarvoor jarenlang als projectdirecteur en jurist bij het ministerie van Verkeer en Waterstaat. Daar was hij onder meer verantwoordelijk voor de verzelfstandiging van de Nederlandse Spoorwegen. Dick Couvée is van huis uit jurist. Hij studeerde Internationaal Recht in Leiden.

De wegkijkstaat

De groep mensen die het écht niet meer redt, groeit. En de staat, die kijkt weg, want het zijn toch mislukkelingen?

Door het rotsvaste geloof in de vrije markt verandert Nederland van een verzorgingsstaat in een wegkijkstaat. Straks geven we ook nog de kroonjuwelen van onze samenleving op en verdwijnen solidariteit, menselijke waardigheid en tolerantie.

In de Pauluskerk kom ik hen dagelijks tegen. Mensen die het niet meer redden, de drop-outs. Zoals Janek: 28, psychisch ziek en op straat levend. En mevrouw Huijgens (72), die geen contact meer heeft met haar familie en nu een sociaal netwerk ontbeert. Of Dunya: een vijftiger uit Kenya die al jaren in een procedure zit voor een verblijfsvergunning en onderwijl intussen nergens terechtkan. Anderen zijn hun baan kwijt, hun huis uitgezet, verslaafd of hebben iets op hun kerfstok. Sommigen slapen in onze kerk – regelmatig zelfs complete gezinnen. Omdat er écht geen enkele andere plek voor hen is. En het allerergste is: deze groep groeit. Ze zitten in een moeras waarin ze steeds dieper en steviger vastgezogen worden. Maar Baron van Münchhausen bestaat niet: veel van deze mensen kunnen zichzelf niet meer redden.

Als ik dit vertel aan ‘gewone mensen’, krijg ik meestal een reactie waaruit ik kan opmaken dat men twijfelt aan mijn waarneming. Nederland is toch één van de rijkste landen in de wereld? Niemand hoeft hier in de goot te leven, er is toch altijd een vangnet? We hebben immers sociale zekerheid. De verschillen tussen rijk en arm zijn in Nederland toch geringer dan elders? Als diezelfde mensen vervolgens met eigen ogen zien dat onze nieuwe kerk uitpuilt, komt de tweede reactie: is het niet hun eigen schuld? Hebben deze mensen wel de kansen gepakt die we hier iedereen bieden? Waarom moet de samenleving opdraaien voor die mislukkelingen?

Het toenemend aantal mensen dat binnenloopt bij instanties als de Pauluskerk is het topje van de ijsberg. Onder water zit een enorme berg aan frustratie, collectief ongenoegen en dreigende maatschappelijke problemen. In het buitenland gaat deze onderklasse al regelmatig de straat op, maar in Nederland zijn ze slechts in de statistieken zichtbaar. Er horen termen bij als: minima, op of onder de armoedegrens, bijstandsgerechtigden, voedsel- en kledingpakketten, illegalen, betalingsachterstanden, gehandicapten en werkende armen. Steeds vaker gaat het ook om Jan Modaal, AOW’ers, ZZP’ers en laagopgeleide flexwerkers. Mensen die steeds vaker toegang missen tot educatie, pensioen en hypotheek. Ze krijgen of verdienen te veel om dood te gaan en te weinig om er echt van te kunnen leven. Met meerdere baantjes proberen ze hun hoofd boven water te houden. ‘Uitgaan van eigen kracht’ is voor hen een eufemisme voor: zoek het zelf maar uit.

Als predikant van de Pauluskerk zie ik dagelijks de gevolgen van een samenleving die nog maar in één god gelooft: geld. Van een middel om goederen en diensten met elkaar te ruilen, is het uitgegroeid tot het doel dat alle middelen heiligt. Het resultaat is een vorm van kapitalisme waarin we – bewust of onbewust – vergeten dat niet iedereen als winnaar uit de strijd kan komen. Sinds begin jaren tachtig ligt ons land aan het infuus van een neoliberale cocktail van privatisering, deregulering en bezuinigingen op de overheidsuitgaven. Dit adagium van de Chicago School of Economics heeft zijn uitwerking niet gemist. Solidariteit maakt plaats voor egoïsme, waardigheid voor ontmenselijking en verdraagzaamheid voor uitsluiting. Met als resultaat onwenselijke zelfverrijking, politiek afgedwongen schaalvergroting in tal van sectoren en twee tot drieënhalf miljoen inwoners met van origine buitenlandse roots die zich niet welkom voelen in Nederland.

Minister Dijsselbloem stelde onlangs dat de economische crisis voorbij is. Maar de problemen zijn daarmee allerminst opgelost. De echte oorzaken van de crisis zitten veel dieper. Het CBS en de Universiteit van Nijmegen concludeerden in 2012 na uitvoerig onderzoek dat de hedonistische oriëntatie in de afgelopen dertig jaar zo belangrijk is geworden dat individuele zelfverwerkelijking inmiddels de centrale culturele waarde is. Deze homo economicus is allereerst uit op persoonlijk gewin.

Geld is onze nieuwe god, individualisme is zijn zoon en hebzucht maakt de geesten rijp voor een zelfzuchtige geloof. Deze drie-eenheid beïnvloedt ongemerkt ook de sociale verhoudingen en creëert een scheiding tussen de haves en de have-nots. De haves passen de regels van de vrije markt strikt toe en weigeren de samenleving zo in te richten dat iedereen kan deelnemen. De have-nots zijn hiervan de dupe en balanceren voortdurend langs op de rand van de afgrond. Tegen degenen die erin tuimelen zeggen we: eigen schuld, dikke bult; leer je eigen broek maar op te houden. Zo ontstaat een onderklasse die we voortdurend het gevoel geven dat zij er niet toe doet omdat het schort aan ‘de verdiencapaciteit’ en zij onvoldoende ‘toegevoegde waarde’ levert. Dat is geen participatiesamenleving, maar survival of the fittest.

Het allerergste is echter dat de neiging bestaat om deze have-nots compleet te negeren. We draaien dan letterlijk ons hoofd om als we de straatkrantverkoper zien staan bij de ingang van de supermarkt. Of we ontkennen eenvoudigweg dat armoede in Nederland bestaat, zoals premier Rutte in de Tweede Kamer stellig beweerde. Een aanbod van de Voedselbank om daarover in gesprek te gaan wees hij vervolgens namens het voltallige kabinet af. Zo verandert Nederland van verzorgingsstaat in een wegkijkstaat.

Tijdens een van de laatste verkiezingsdebatten riep iemand vertwijfeld uit: maar draait het in Europa echt alleen om geld? Gaan deze verkiezingen uitsluitend over de economie? Het antwoord is eenvoudigweg ‘ja’. Stelselmatig worden economische principes in alle uithoeken van onze samenleving toegepast, ook op plekken waar ze helemaal niet horen. Maar we vergeten dat hierdoor ook de aard van de diensten verandert. Neem bijvoorbeeld thuiszorgorganisaties. Die moeten niet meer op kwaliteit, maar op efficiency concurreren om de verzorging van ouderen. Huishoudelijke hulp wordt aanbesteed en gegund aan ‘de economisch meest voordelige inschrijving’. De hulpbehoevende verandert in een klant, iemand aan wie je geld verdient. Een thuiszorgmedewerker moet tegen zo laag mogelijke kosten worden ingekocht, om een ‘gezond rendement’ te kunnen maken. Dus verliezen zij hun baan en huren we hen in als ZZP’er, zonder recht op ww, pensioen en een uitkering bij arbeidsongeschiktheid. Door marktmechanismen te introduceren, verandert niet alleen de systematiek maar ook het karakter, de aard, het zijn.

Het heilige geloof in de vrijemarkt gaat lijnrecht in tegen artikel 20 van de Nederlandse grondwet. Dit is geen spreiding van welvaart, maar juist een inperking van welvaart en welzijn voor een groeiende groep. Dit is ieder voor zich en god voor ons allen. Er ontstaat een maatschappelijke onderklasse. Bijna 400.000 kinderen die in Nederland in armoede opgroeien? We staan erbij, kijken ernaar en zeggen: eigen verantwoordelijkheid, eigen kracht en participatiesamenleving. Maar de drop-outs in de Pauluskerk kunnen zich niet aan hun eigen haren uit het moeras trekken. Zij hebben een reddingsboei nodig. Een barmhartige Samaritaan die niet wegkijkt of zelfs hun bestaan ontkent, maar naar hen omziet. Dat is nodig zolang deze have-nots er zijn. Want waar geleefd wordt ten koste van anderen, gaat de samenleving aan plundering ten onder. Dat mag niet gebeuren. We mogen de Nederlandse kroonjuwelen niet opgeven. Solidariteit, menselijke waardigheid en tolerantie kunnen we niet verloren laten gaan. Ik roep bestuurders, volksvertegenwoordigers, beleidsmakers en kiezers op om minder economie en meer menselijke politiek te bedrijven. Een politiek van barmhartigheid en gerechtigheid voor iedereen.

Ds. Dick Couvée is predikant van de Pauluskerk in Rotterdam. Dit stuk verscheen vandaag in verkorte vorm in NRC Handelsblad.

Geef een reactie

Laatste reacties (43)