3.148
72

journalist

Na opleidingen in journalistiek en communicatie maakte Jeroen Mirck (1971) carrière in de vakbladjournalistiek. Bij Adformatie en Emerce specialiseerde hij zich in marketing en nieuwe media. Van 2009 tot 2010 stond hij als redacteur aan de wieg van Joop.nl. Momenteel is hij zelfstandig journalist en communicatie-adviseur, met een passie voor bloggen en social media. Hij deelt zijn kennis op het weblog JeroenMirck.nl. Namens D66 is hij raadslid in stadsdeel Amsterdam Nieuw-West.

De wereld gaat aan Grunberg ten onder

Arnon Grunberg. Een week is hij nu columnist op de voorpagina van de Volkskrant. Een cultuurpessimist voorop wat sommigen de ‘Azijnbode’ noemen, is dat geen ideale combinatie? Njet. 

Laat ik eerlijk zijn: ik stond te juichen toen ik hoorde dat de Volkskrant als nieuwe columnist Grunberg had weten te strikken. Het voelde als een voetbaltransfer: Kenneth Perez terug van PSV naar Ajax. Dan zeg je als supporter: het is een lastige voetballer maar wel ónze lastige voetballer. Inmiddels speelt Perez alweer bij FC Twente en wordt hij daar kampioen, maar dat terzijde.

De Volkskrant heeft een goede hand in transfers van columnisten: de ochtendkrant haalde ooit Martin Bril van Het Parool, Ronald Plasterk van Intermediair en onlangs Aaf Brandt Corstius van NRC.next. Om nog maar te zwijgen van de visuele columns: Sigmund en Gummbah. Allemaal schoten in de roos. Alhoewel, het unieke talent van Gummbah ging na verloop van tijd schuren, resulterend in bootladingen boze lezersbrieven. Al klaag je natuurlijk alleen over wat je stiekem toch vooral belangrijk vindt.

Laat ik mijn vrees uitspreken: Grunberg is de nieuwe Gummbah. De Volkskrant mag dan een zure krant worden genoemd (vandaar die bijnaam ‘Azijnbode’), het moet wel een klein beetje leuk blijven. En dan ben je bij Grunberg aan het verkeerde adres.

Vooropgesteld: Grunberg is een Groot Schrijver. Na de vergeefse pogingen van Mulisch (en trouwens ook zuiderbuur Claus) gaat hij toch echt de eerste Nederlandse schrijver worden die de Nobelprijs voor de literatuur wint. Een uniek, eigenzinnig oeuvre dat zich prima leent voor vertaling, verfilming of toneelversie, wie kan daar om heen? Ook de Volkskrant niet.

“Vanaf heden kunt u op deze plaats voetnoten bij de menselijke komedie aantrekken”, zo introduceerde Grunberg zichzelf op maandag 29 maart 2010. “De voetnoot maakt deel uit van de komedie, maar staat, zoals een voetnoot betaamt, boven de partijen.”

Verwacht geen luchtige voetnoten, want twee dagen later schrijft Grunberg: “Te gemakkelijk wordt aangenomen dat iedereen naar geluk streeft.” Om weer twee dagen later een somber verhaal over zijn oude moeder te schrijven. Dit weekend moest zelfs de edele voetbalsport het ontzien: “Zoals de cultuurpessimist naar de samenleving kijkt, zo kijk ik naar sport: alleen de misstanden interesseren me.” Grunberg vindt het helemaal niet erg dat PSV-voetballer Ibrahim Afellay de sportpers negeert, zolang hij maar kan genieten van dienst heerlijke elleboogstoten.

“Wat een dwaze gedachte dat voetballers, schrijvers en politici iets over hun werk te melden zouden hebben. Een beetje voetballer zou moeten fluisteren: ‘Kijk naar mijn benen, ik heb niets te zeggen.’ De wereld gaat aan commentaar ten onder.”

Kritiek op commentaar in een commentaar, het klinkt wat paradoxaal. Toch zijn het juist die paradoxen die een cynicus als Arnon Grunberg aanspreken. Zo nam hij, als opiniemaker, in zijn allereerste Volkskrant-voetnoot het fenomeen ‘opiniemaker’ op de korrel.

“We hebben leren leven met het woord ‘opiniemaker’ zoals mensen in oorlogsgebieden leven met het casino van de bomaanslag. De meeste opinies zijn snel weer vergeten. Voor hardnekkige opinies is een opinievernietiger wenselijk. […] De gemeenplaats wil dat de mening van de tegenstander vernietigd moet worden. Dit heet debat. Waarom niet beginnen met jezelf? Ik verdedig de opinie van mijn vijand. Dat is hoogwaardige assimilatie.”

Het klinkt grappig, maar toch vooral ook bitter en zwartgallig. Ik vraag me af of de gemiddelde Volkskrant-lezer dat trekt. Doorgaans stuurt die lezer boze brieven als de nieuwsredactie weer eens een te lugubere oorlogsfoto heeft geplaatst als opening. “Ook mijn kleine kinderen lezen deze krant. Nog zo’n foto en ik zeg mijn abonnement op.”

Grunberg heeft schijt aan boze lezers. Hij staat ‘boven de partijen’, dus kan hij doen wat hij wil. Die positie maakt kritiek leveren ook vele malen eenvoudiger. Wie doet alsof hij geen opiniemaker is, kan het fenomeen ‘opiniemaker’ aanvallen. Wie doet alsof hij geen commentator is, kan het fenomeen ‘commentator’ attaqueren. Dat blijft vast een tijdje leuk, maar gaat toch echt na verloop van tijd wringen. Net zoals Gummbah ging wringen.

Ik waarschuw dus maar vast: de wereld gaat aan Grunberg ten onder. Met of zonder Nobelprijs, met of zonder column op de voorpagina van de Volkskrant.

Geef een reactie

Laatste reacties (72)