2.435
85

Historicus

Han van der Horst (1949) is historicus. Hij schreef onder meer The Low Sky: understanding the Dutch', Nederland: de vaderlandse geschiedenis van de prehistorie tot nu, Een bijzonder land, het grote verhaal van de Vaderlandse geschiedenis, Onze Premiers en Schep Vreugde in het Leven, Levenslessen uit de grote depressie. Op elke laatste zondag van de maand is hij om elf uur in de ochtend te horen als boekbespreker in het VPRO-radioprogramma over geschiedenis OVT.

‘Demonstratierecht in Nederland wordt steeds vaker beperkt’

"Wij zien een praktijk ontstaan, waarin burgemeesters hen onwelgevallige demonstraties en zelfs vergaderingen verbieden met het argument dat zij de openbare orde in gevaar kunnen brengen."

Foto: CC Jennifer Moo

Witte donderdag heeft bizarre tonelen te zien gegeven rondom het recht om te demonstreren. In Veldhoven brak de politie een betoging op van Eritreeërs, die bezwaar maakten tegen een besloten vergadering in een congrescentrum. Daar zou een vooraanstaande figuur uit de Eritrese dictatuur het woord voeren. De burgemeester van Veldhoven maakte van de gelegenheid gebruik om ook deze bijeenkomst te verbieden omdat er nu een reden (een voorwendsel) was om gevaar te vrezen voor de openbare orde. Er had immers een botsing plaatsgevonden met de politie.

Tegelijkertijd verbood de burgemeester van Rotterdam, Ahmed Aboutaleb, een demonstratie, georganiseerd door Christenen voor Israël. Die verzetten zich tegen een Palestijns congres dat zaterdag gehouden wordt in concertzaal de Doelen. Reden: de politie kon de veiligheid van de demonstranten niet garanderen.

Dat is dan een verbijsterend brevet van onvermogen die Rotterdammers te denken moet geven over de veiligheid in hun stad. Van de Christenen voor Israël zelf valt immers geen gevaar te duchten. Dat zijn veelal strenge calvinisten, die op SGP of ChristenUnie stemmen en voor een  belangrijk deel op de Zuid-Hollandse eilanden wonen. Wie op de Diek in Middelharnis – hét koopcentrum van Goeree Overflakkee – gaat winkelen, treft in de krantenrekken het Nieuw Israëlitisch Weekblad aan. Dat wordt gelezen door christenen die geloven dat de stichting van de staat Israël een voorbode is van de wederkomst des Heren en het laatste oordeel. Zulke mensen breken niet de stad af als zij een betoging houden. En zij blijven keurig thuis als een of andere autoriteit om welke reden dan ook hun manifestatie buiten de wet verklaart.

Hun demonstratierecht dient te worden gegarandeerd net zoals het Palestijnen vrij staat te congresseren. Ook als hun tegenstanders ze, zoals in het Rotterdamse geval, associëren met de akelige en ondemocratische islamistisch georiënteerde Hamas. Als de christenen van Israel betogen voor het verbod op een Palestijns congres, geven zij aan niet helemaal te begrijpen hoe een democratisch bestel werkt. Maar dat is nog geen reden om ze van de straat te weren, vooral niet met het gelegenheidsargument dat hun veiligheid niet kan worden gegarandeerd.

Je kon al vraagtekens zetten bij de geslaagde pogingen van de Nederlandse overheid om Turkse ministers tegen te houden die in Nederlandse zalen propaganda wilden maken voor een ‘ja’ in het komende Turkse referendum. Zij kwamen tenslotte niet om een stemadvies uit te brengen voor de Nederlandse kamerverkiezingen. Zij hadden het over een interne Turkse aangelegenheid. Ook hier gebruikte burgemeester Aboutaleb weer het argument van dreigende ordeverstoringen om de Turkse minister te stoppen . Daarna kreeg hij zijn rel ook, want het militante publiek dat was opgekomen om de bewindsvrouwe te aanhoren liet zich niet zonder slag of stoot naar huis sturen.

Dat de zaken zo verliepen, was overigens een godsgeschenk voor Erdogan en de AK-partij. Hij had nu een stok om de Nederlandse hond te slaan en tussenbeide met succes te werven voor de ‘ja’-stem. Dat hij daardoor een half miljoen Nederturken in de problemen bracht omdat zij mede aangekeken worden op de beledigingen die de president de wereld in slingerde, interesseerde hem blijkbaar onvoldoende om zich te matigen. Iets wat de geheide Erdofans in Nederland te denken zou moeten geven.

Maar dit terzijde. Het houden van straatmanifestaties is een van de weinige manieren waarop gewone burgers zich gezamenlijk over een bepaald onderwerp kunnen uiten in een poging om de publieke opinie en de autoriteiten te beïnvloeden. Daarom is het vrije demonstratierecht  een wezenlijk onderdeel van elk democratisch bestel. Alleen als het gaat om oproepen tot geweld of daadwerkelijke discriminatie, heeft het gezag reden om op te treden. Anders niet.

Wij zien echter een praktijk ontstaan, waarin burgemeesters hen onwelgevallige demonstraties en zelfs vergaderingen verbieden met het argument dat zij de openbare orde in gevaar kunnen brengen. Je mag niet vergaderen, want je tegenstanders zouden wel eens buiten op straat een rel kunnen maken. Wij staan de demonstratie niet toe omdat we vanwege je vele vijanden helaas je veiligheid niet kunnen garanderen. Zo wordt de uitingsvrijheid ingeperkt. Terwijl toch het uitgangspunt van elke bestuurder zou moeten zijn: ‘Ook als ik verafschuw wat je zegt, garandeer ik je recht om het te zeggen en zal ik je beschermen tegen elke belager’.

Juist tegenstanders van democratie en vrijheid moeten steeds weer zien dat met dit beginsel in onze democratische maatschappij niet te marchanderen valt. Omdat wij ‘nee’ zeggen tegen de opzichtige poging van Erdogan om een dictatuur te vestigen, zeggen wij ook ‘nee’ tegen de aantasting van de demonstratievrijheid. En de Christenen voor Israel roepen wij toe dat hun vrijheid om te demonstreren tegen Palestijnse congresbezoekers dezelfde is die de Palestijnen het recht geeft om voor hún  manifestatie de Doelen af te huren.


Laatste publicatie van Han van der Horst

  • Nepnieuws

    Een wereld van desinformatie

    Februari 2018


Geef een reactie

Laatste reacties (85)