1.615
48

Historicus, Theoloog en Arabist

Gert Jan studeerde Geschiedenis, Theologie, Arabische Taal & Cultuur, Internationale betrekkingen, American studies en Middle East & Mediterranean Studies aan de Rijksuniversiteit Groningen, de Universiteit Utrecht, de University of Wisconsin-Madison, King's College London en de London School of Economics. Hij was in het verleden onder meer werkzaam voor de European Council on Foreign Relations in Londen en het Europees Parlement in Brussel en is thans woonachtig en actief in de Haagse Schilderswijk.

Economisme op links in het vluchtelingendebat

Het is bijzonder om te zien hoe links, dat economisme afwijst, in het debat over vluchtelingen en migratie een economistisch argument aanbrengt

In het immer polariserende vluchtelingendebat worden door de diverse partijen argumenten van alle slag naar voren gebracht om ofwel het eigen gelijk, ofwel het ongelijk van de ander aan te tonen. Rechts neemt hierbij de traditionele positie in dat het sceptisch is over de mogelijkheden voor opvang in Europa, in plaats daarvan opvang in de regio prefereert en vraagtekens plaatst bij de mogelijkheden om een grote groep migranten uit overwegend landen in het Midden-Oosten succesvol in Europa te integreren. Links daarentegen staat hier overwegend positief tegenover, is voor een ruimhartig asielbeleid en is van mening dat wanneer institutionele obstakels weg worden gehaald vluchtelingen zeker succesvol sociaal-economisch geïntegreerd kunnen worden in de diverse Europese samenlevingen. Interessant hierbij is een argument dat op links veel gebruikt wordt om te motiveren waarom wij de grenzen open zouden moeten zetten voor vluchtelingen, namelijk omdat meer migranten goed zijn voor de economie. Dit is een argument dat riekt naar economisme, iets waar links op vele andere terreinen, met name in de sociaal-economische sfeer, fel tegen gekant is. 

Economisme, zo stelt GroenLinks fractievoorzitter Jesse Klaver, auteur van een boek over economisme, is het terugbrengen van alle vraagstukken tot een financieel-economische kwestie, in het geval van migratie dus dat we vóór open grenzen, vóór meer migratie en vóór het ruimhartig opvangen van vluchtelingen zouden moeten zijn omdat wij er economisch en financieel gezien baat bij zouden hebben. Dit zijn argumenten die onder meer door columnist en auteur Rutger Bregman naar voren zijn gebracht in De Correspondent, en door hoogleraren als Ewald Engelen en Leo Lucassen. Deze vorm van argumentatie is niet beperkt tot bovenstaande denkers, maar wordt breed gedeeld binnen het linkse politieke spectrum.

Het is bijzonder om te zien hoe links, dat normaal gesproken -zeker op het gebied van sociaal-economische vraagstukken- economisme afwijst, in het debat over vluchtelingen en migratie een economistisch argument aanbrengt. Sterker nog, de claim dat we migranten nodig hebben voor onze economie is voor veel linkse denkers een van de belangrijkste redenen om vóór open grenzen en meer migranten te zijn. Dit ondanks dat in het geval van de huidige vluchtelingenstroom het argument dat vluchtelingen goed zouden zijn voor onze economie met feiten weerlegd lijkt te zijn.

Los van de vraag of open grenzen, migratie en ruimhartig vluchtelingen opvangen ons economisch en financieel gezien nou wel of niet windeieren legt. Wat drijft links om een economistisch argument als vlaggenschip aan te voeren in een publiek debat, daar waar links normaliter economisme ten allen tijde afwijst?

Het antwoord op deze vraag lijkt voor de hand te liggen. Links is vóór open grenzen en het ruimhartig opvangen van vluchtelingen, terwijl rechts daar sceptisch tegenover staat. Het hanteren van het economistische argument dat migratie goed is voor onze economie en financiële huishouding door links lijkt puur en alleen een poging om rechts ervan te overtuigen dat meer migratie en open grenzen een goede zaak zijn. Het economistische argument wordt dus op links gehanteerd wanneer het uitkomt. Dit alles terwijl het economisme in de economie, het onderwijs en de gezondheidszorg vanaf links onder vuur ligt. Het gebruik van economistische argumenten in het debat over vluchtelingen en migratie is op zijn zachts gezegd dus enigszins krom, en riekt sterk naar dubbele standaarden.

Zeker omdat links met haar pleidooi voor open grenzen en meer migratie zichzelf op andere terreinen in de voet schiet. Vrije migratie gaat namelijk slecht samen met een hoog minimumloon, gezien het feit dat migratie vaak drukt op de lonen, en sociale voorzieningen. De klassiek-liberale econoom Milton Friedman stelde al reeds dat open grenzen en een verzorgingsstaat niet samen gaan. Maar het is juist links dat hoge minimumlonen en een genereuze verzorgingsstaat wenst, allen zaken die door de door links eveneens gewenste open grenzen onder druk komen te staan.

Het lijkt er daarom sterk op dat er op links keuzes gemaakt zullen moeten worden. Of vóór economisme zijn, of tegen. Maar dan wel consequent. Of vóór open grenzen en meer migratie, of vóór een hoog minimumloon en een genereuze verzorgingsstaat zijn. Beiden kun je niet tegelijkertijd hebben. Het is tijd voor een kritisch debat op links waarin het economisme ook op links ter discussie wordt gesteld, en waarbij er knopen doorgehakt worden wat betreft de toekomst van migratie en van de verzorgingsstaat. Pas dan weet links zelf weer waar zij aan toe is, en weten anderen waar links écht voor staat. Keuzes zijn nodig om helderheid qua standpunten te garanderen. En die helderheid ontbreekt op links in het huidige debat over economisme, migratie en de toekomst van de verzorgingsstaat.

Geef een reactie

Laatste reacties (48)