1.229
13

Ph.D. Candidate in Political Theory, verbonden aan de Universiteit van Amsterdam

Shahin is als promovendus verbonden aan de Universiteit van Amsterdam, waar politieke theorie zijn centrale thema is. Hij onderzoekt de vraag hoe je vrijheid kunt benaderen vanuit het perspectief van vluchtelingen. Voor zijn promotievoorstel ontving hij in 2014 de Peter Baehr Prijs. Shahin studeerde cum laude af in Wijsbegeerte aan de Universiteit van Leiden. In de afgelopen jaren heeft hij zich ingezet voor de totstandkoming van diverse projecten op het gebied van mensenrechten en duurzame technologie in ontwikkelingslanden.

De enigmatische protesten in Iran

Uit de tegenstrijdige berichtgeving blijkt alleen dat de machthebbers in het land deze massabeweging niet hadden zien aankomen

In de geschiedenisboeken lezen we dat het grote Perzische rijk in de 7e eeuw door een combinatie van factoren, waaronder droogte, een corrupt bureaucratisch apparaat, oorlogsmoeheid, en paranoïde tirannen die zich goddelijke rechten toekenden ten onder is gegaan. Deze toestand typeert het Iran anno 2018, zonder roem en glorie.

Iran
cc-foto: Aslan Media

De recente wijdverspreide massaprotesten in Iran hebben iedereen, van links tot rechts, conservatief tot hervormer, als een aardbeving getroffen. Verschillende facties binnen de Islamitische Republiek komen met tegenstrijdige verklaringen voor deze massaprotesten. Aan de ene kant geven zij wanhopig elkaar de schuld voor het aanwakkeren van massaprotesten onder de arme bevolking. Aan de andere kant beweren zij eensgezind dat onzichtbare handen van hun aartsvijanden, zoals de regering-Trump, Israël en Saudi-Arabië, deze protesten orkestreren om de islamitische revolutie te verzwakken. Sommige aan de overheid gelieerde hervormers bestempelen de protesten zelfs als doelloos en anarchistisch. Uit deze tegenstrijdige berichtgeving blijkt alleen dat de machthebbers in het land deze massabeweging niet hadden kunnen zien aankomen.

De politieke-theologie van het geestelijke bewind kenschetst de interne conflicten in de vriend-vijand antithese. Ieder die de wil van de religieuze soeverein tegenspreekt, is volgens deze leer een contrarevolutionair, afvallige of staatsvijand. De huidige protesten worden door de staat niet anders gekwalificeerd. Maar dit keer is zowel de Iraanse intelligentsia als civil society in de war. Want, in tegenstelling tot eerdere massaprotesten- die zijn hoogtepunt met de groene beweging in 2009 kende- corresponderen de recente protesten niet met de bekende formule: het zwaartepunt van deze protesten ligt immers niet bij de sociaaleconomische middenklasse in de hoofdstad (en andere grote steden) of bij de veelgeprezen hervormingsgezinde civil society actoren. Het lijkt dit keer te gaan om een radicale strijd van de politiek-economische onderklasse à la Marx, die geïnstitutionaliseerde corruptie, werkloosheid, economische ongelijkheid en militaire avonturen van de geestelijken in het Midden-Oosten zat is.

De betogers in alle hoeken van het land beschouwen de opperste leider- Ali Khamenei- als de kernoorzaak van alle ellende en eisen compromisloos dat hij onmiddellijk het veld moet ruimen. Ze zijn georganiseerd in rizoom-achtige netwerken versnipperd door het hele land, dat voor een ongekende dynamiek zorgt. Niettemin, aangezien de logica van de klassieke oppositie zwaar op de proef is gesteld, hebben deze protesten tot nog toe niet onvoorwaardelijk op de steun van de meer ervaren politieke actoren kunnen rekenen. De gekozen strategie -oftewel non-strategie- is volgens de politieke elite gedurende de Arabische Lente getest en onvruchtbaar gebleken.

Zo is men sceptisch en kan moeilijk de aard en diepte van deze protestgolf peilen. Bovendien is het nog onzeker of de middenklasse zich daadwerkelijk zal herkennen in deze nieuwe vorm van actievoeren. En de recente geschiedenis leert dat een politieke beweging zonder een brede steun uit verschillende lagen van de samenleving extra kwetsbaar wordt. Zodoende kan het gebrek aan leiderschap, gearticuleerde politieke visie en discipline wellicht de achilleshiel worden van deze protestbeweging.

Wat wel vaststaat, is dat er een breed en diepgeworteld verlangen bestaat voor een radicale politieke verandering in het land. Het politieke subject staat nu wel voor een dilemma: de Iraniërs hebben, enerzijds, de ontwikkelingen in de regio nauwlettend gevolgd en willen niet op het verkeerde paard wedden. Anderzijds kunnen de massaprotesten door een ongepaste terughoudendheid mislukken; een mislukking die in een sociale depressie zou kunnen resulteren. Deze depressie zal gevolglijk de deur wijd openzetten voor het monopoliseren van het restant van de electorale instellingen door de opperste leider en zijn Revolutionaire Garde. Wat het juiste antwoord op dit dilemma is, is het wachtwoord dat het Iraanse Enigma ontrafelt.

Geef een reactie

Laatste reacties (13)