636
12

Europarlementariër GroenLinks

Bas Eickhout (1976, Groesbeek) is Europalementariër voor GroenLinks. Eickhout is lid van de commissie Milieu, Volksgezondheid en Voedselveiligheid en plaatsvervangend lid van de commissie Landbouw.

EU-toekomstvisie duurzaam in woorden, niet in daden

De toekomst van Europa ligt niet in het kopiëren van de Amerika. De groenere en menselijkere economie van Europa is in veel opzichten welvarender

De EU denkt na over haar toekomst. Deze week bracht de Europese Commissie een visie naar buiten over waar Europa in 2020 moet staan. President Barroso houdt ons een veelbelovende toekomst voor met slimme, duurzame en sociale groei. Wat hij alleen vergeet is dat de weg die daar naartoe leidt moeilijke keuzes van ons vergt. De onvermijdelijke transitie naar een duurzame economie zal alleen slagen als er rekening gehouden wordt met het feit dat de grondstoffen en menskracht voor deze groei beperkt zijn.

Tien jaar geleden constateerden de regeringsleiders van de EU dat Europa achterliep bij de VS en Japan. In 2010 is de dominante denkwijze in Brussel opnieuw dat Europa een economische inhaalslag moet maken. Maar de toekomst van Europa ligt niet in het kopiëren van de Amerikaanse economie. De groenere en menselijkere economie van Europa is in veel opzichten welvarender dan de Amerikaanse. Obama kijkt niet voor niets jaloers naar de Europese sociale zekerheid terwijl hij zijn eigen gezondheidszorg niet hervormd krijgt.

De agenda van Barroso kent drie prioriteiten: innovatie, energie-efficiëntie en arbeidsparticipatie. Alle drie zijn noodzakelijk om Europa klaar te maken voor een transitie naar een nieuwe economie. Het ontbreekt echter aan een coherente uitwerking van deze prioriteiten in concreet beleid. De EU zou keuzes moeten maken over hoe het haar beperkte middelen volledig inzet om de industrie, landbouw en arbeidsmarkt aan te passen aan de omstandigheden in 2020. Ook moet duidelijk gemaakt hoe deze transitie die onvermijdelijk pijn zal doen op een menselijke manier vormgegeven kan worden.

De staalsector is een voorbeeld van een economische activiteit die zonder vernieuwing geen toekomst heeft. De Europese staalindustrie is nog steeds voornamelijk afhankelijk van erts: een eindige grondstof. Bedrijven die niet overgaan op recycling zullen verdwijnen. Het is de taak van de EU om er op toe te zien dat industrie en landbouw niet kunstmatig in leven worden gehouden, maar juist gesteund worden bij innovatie en modernisering. 

Hiervoor is geld nodig. Momenteel gaat het grootste deel van de EU-begroting naar landbouw- en structuurfondsen die duurzaamheid niet als criterium hebben. Niet een klein deel, maar het volledige budget moet worden ingezet voor de transformatie van niet-duurzame sectoren zoals ouderwets producerende staalindustrie. Momenteel schiet de EU al financieel te hulp bij massa-ontslagen als gevolg van de crisis en veranderende handelspatronen. Maar steun levert alleen iets op als die specifiek gericht is op het voorbereiden van werknemers op banen in sectoren met een toekomst.

Solidariteit en menselijkheid zoals verankerd in de voorzieningen van de Europese welvaartsstaat vormen de sterk punt van Europa. Maar net als ouderwetse industrieën, kent de EU te veel ouderwetse sociale voorzieningen die door de vergrijzing onhoudbaar worden. Menskracht is het tweede schaarse goed waar Europa mee te maken krijgt wanneer de werkzame bevolking krimpt terwijl de zorgvraag toeneemt.

De Commissie stelt daarom net als in de Lissabon strategie van 2000 terecht een hogere arbeidsparticipatie als belangrijk doel. Meer mensen aan het werk kan een te grote druk op onze welvaartsvoorzieningen voorkomen. Maar arbeidsparticipatie stijgt niet vanzelf. Behalve nieuwe, groene banen, moeten de Commissie en de landen van de EU de voorwaarden scheppen voor deelname aan een nieuwe arbeidsmarkt. Kwalitatief hoogstaand onderwijs en levenslang leren zijn hierbij fundamenteel.

Naast mooie doelstellingen zal concreet beleid moeten komen om de arbeidsparticipatie te stimuleren. Om meer mensen aan het werk te krijgen heeft de EU bijvoorbeeld betere anti-discriminatiewetgeving nodig die de nadelen opheffen voor solliciterende ouderen, vrouwen en migranten. Ook zullen richtlijnen voor verlof moeten worden aangepast naar de tijd van nu: ouders zullen zorgtaken zelf moeten kunnen indelen, terwijl nu nog uitgegaan wordt van de traditionele man-vrouw verdeling. Er wordt flexibiliteit gevraagd van werknemers, maar vooral ook van werkgevers om werk met zorg te kunnen combineren.

De oproepen vanuit Brussel om duurzame en sociale hervormingen door te voeren zijn tot nu toe te vrijblijvend geweest. We zien momenteel in Griekenland de rampzalige economische en sociale gevolgen van een ouderwets beleid. Voor de Grieken, maar ook voor de rest van de eurozone. Het is daarom noodzakelijk dat de EU meer politieke zeggenschap krijgt over het economisch en sociaal beleid. Europa moet er enerzijds op toezien dat landen hun begroting op orde hebben maar anderzijds ook dat bezuinigen de armsten ontzien. Landen die hiervoor onvoldoende inspanningen leveren, moeten hun stemrecht in de Raad van Ministers op sociaal-economisch terrein worden ontnomen.

De slimme, groene en sociale groei die Barroso voor ogen heeft is mogelijk en zelfs noodzakelijk voor de levensvatbaarheid van de Europese economie. Maar het zal alleen lukken als de EU bereid is oude structuren te veranderen zonder daarbij Europa’s sterke kanten uit het oog te verliezen.

Dit artikel is geschreven door Bas Eickhout en Marije Cornelissen, beide Europarlementariër voor GroenLinks

Geef een reactie

Laatste reacties (12)