737
19

Universitair docent Europees Bestuur

Dr. Gijs Jan Brandsma is als docent/onderzoeker verbonden aan het Departement Bestuurs- en Organisatiewetenschappen (USBO) aan de Universiteit Utrecht.

Hij richt zich op Europees bestuur. Daarbinnen doet hij empirisch onderzoek naar thema's die een sterke normatieve lading hebben, zoals verantwoording, transparantie en vertrouwelijke besluitvorming. Ook geeft hij trainingen over hoe nationale organisaties om kunnen gaan met Europa.

Europese regelzucht bestaat niet

De Nederlandse regelzucht is vele malen groter dan de Europese. Hou eens op met die hardnekkige mythe dat Brussel ons overvoert met regeltjes

Je kon erop wachten in de campagne: het prijsschieten op Europa is begonnen. Henk Kamp trapte woensdagavond af bij Knevel & Van den Brink door Europa neer te zetten als een snelkookpan van overbodige regels. Daar worden er zoveel van bedacht, klaagde hij, dat zelfs onze Neelie Kroes het niet meer allemaal kan tegenhouden. En hij besteedt zelf soms wel 25 procent van zijn tijd aan het tegenhouden van Europese regels.

Kromme redeneringen
Hoewel Kamp uiteindelijk toch wel wilde toegeven pro-Europees te zijn, regende het kromme redeneringen, halve waarheden en Europamythes in zijn betoog. Ontkracht werden ze nauwelijks, ondanks enkele voorzichtige pogingen van Knevel en tafelgast Samsom. Toch is het belangrijk om feiten en fictie van elkaar te onderscheiden.

De Europese regelzucht is een hardnekkige mythe. Bij iedere nieuwe wet die de Europese Commissie voorstelt, en bij het grootste deel van de gedetailleerde uitvoeringsregels die zij aanneemt, zitten de lidstaten aan tafel. In al die gevallen is er een meerderheid van de lidstaten nodig – meestal vertegenwoordigd door ambtenaren van de betrokken ministeries – om die regels definitief vast te stellen of om ze tegen te houden.

Kamps verhaal is daarmee niet compleet: Europese wetten en regels ontstaan niet alleen door toedoen van enkele ambtenaren in de Europese Commissie en een paar belangengroepen, maar ook door toedoen van onze eigen overheid. Soms ontstaan daar kansen: initiatieven die het op nationaal niveau niet redden, kunnen soms in de Europese context wél op een meerderheid rekenen. Dit ‘venue shopping’ is iets waar nationale belangengroepen, maar ook ministeries of partijen, dankbaar gebruik van maken.

Deregulering
Maar hoe zit het dan met de hoeveelheid Europese wetten en regels? Die blijkt erg mee te vallen. Dat komt doordat de Europese Unie, net als Nederland, een agenda heeft van deregulering. De beroemde Europese regel over de kromming van bananen die in het gesprek kort werd genoemd, is daardoor al jaren geleden gesneuveld. Sinds het jaar 2000 daalt het aantal aangenomen Europese wetten en regels gestaag: van 3.891 toen naar 2.435 vorig jaar.

Ter vergelijking: in Nederland neemt het aantal wetten en regels alleen maar toe, van 5.792 tot 7.090 in dezelfde periode, met een piek van 7.870 in 2010. Van deregulering komt in Nederland weinig terecht, en daarmee is ook meteen de mythe uit de wereld geholpen dat het merendeel van de wetten en regels tegenwoordig uit Europa komt. Of je überhaupt voor of tegen regelgeving van de overheid bent is een andere zaak, maar feit is dat de Nederlandse regelzucht vele malen groter is dan de Europese.

Laten we daarom eens kijken naar de inzet van minister Kamp zelf. Binnen het Nederlandse pakket aan regels is het aandeel van sociale zaken en werkgelegenheid ruim 11 procent. Maar de Europese Unie reguleert juist bijzonder weinig op dit gebied. Van de 2.435 Europese wetten en regels die vorig jaar werden gepubliceerd, bevonden zich er maar 22 op Kamps beleidsterrein. Dat is minder dan één procent.

Brede schouders
Er zijn dus nauwelijks Europese regels die zijn ministerie raken. Dat minieme aantal heeft weinig te maken met Kamps brede schouders, maar komt doordat de EU volgens het verdrag nauwelijks bindende wet- en regelgeving over die zaken mag vaststellen. Er is dus niet bijster veel om te kunnen blokkeren, laat staan om daar een kwart van je tijd aan te besteden. De Europese bevoegdheden op het gebied van sociale zaken kunnen alleen met een verdragswijziging worden uitgebreid, maar onderhandelingen daartoe lopen er momenteel niet en staan ook niet op stapel. Waar Kamps tijd dan wel in gaat zitten, is een raadsel.

Op zich is het winst dat Europa een thema is bij Nederlandse verkiezingen. Het zijn namelijk de lidstaten die het verdrag schrijven waarin staat met welke thema’s Europa zich mag bemoeien. Veranderingen in de hoeveelheid ‘Europa’ zijn dus bij uitstek nationale zaken en daarmee verkiezingsthema.

Maar laten we wel de feiten van de fictie scheiden. De Europese regelzucht bestaat niet. Het aantal Europese regels daalt al jaren, het aantal Nederlandse regels stijgt al jaren en voorzover er Europese regels worden vastgesteld zijn ze door de lidstaten gewenst.

Dit artikel is verschenen in de Volkskrant

Geef een reactie

Laatste reacties (19)