15.276
103

Journalist

Het gedram over witte mensen

Types als Mohamud lijken er genoegen in te scheppen om witte mensen een onbehaaglijk gevoel te geven

cc-foto: 123_456

Vroeger had ik een agressieprobleem. In therapie beloofden ze me dat het met het verstrijken van de jaren minder en milder zou worden. Dat is zo, en dat maakt mijn leven (en dat van mijn omgeving) beduidend aangenamer. Gisteren voelde ik echter weer die kokende woede opborrelen, alsof ik elk moment een hete lavastroom aan brullende frustratie over iemand heen kon kotsen. Kennelijk zijn er sommige mensen die haarfijn dat oude gevoel kunnen aanwakkeren, als een draak die wordt gewekt uit haar winterslaap.

Ik had zojuist een uur lang naar Malique Mohamud geluisterd. Een mede-Rotterdammer, die met zijn stichting Concrete Blossom een avond over ‘Culturele Diversiteit en Stedelijke Vernieuwing’ had georganiseerd. In een twee uur durend programma, met maar liefst zes gasten, vond Mohamud het gepast om ruim een uur lang een ‘bureaupresentatie’ te geven. De beste man heeft -voor sommigen- een innemende charme en doet het goed op een podium. Daarmee verhulde hij echter niet dat de presentatie feitelijk een onsamenhangende pitch was voor twee, door hem uit te voeren, (bouw)projecten. Dat is redelijk verontrustend, maar het zijn de aannames die in aanloop daar naartoe werden gedaan die me zo razend maakten.

Zo kreeg het publiek herhaaldelijk te horen dat Rotterdam niet inclusief is. We zijn een stad waar het beleid door en voor witte mensen wordt gemaakt. Hij of, zoals Mohamud het graag verwoordt, ‘wij’, worden gemarginaliseerd. Er is geen ruimte voor ‘ons’ (zegt de man die elke week op een podium staat), we worden niet betrokken of gehoord en er is gebrek aan ‘agency’, oftewel eigenaarschap. Dat is zowel de schuld van de succesvolle rapper die het waagt zijn buurt te verlaten als hij meer geld is gaan verdienen, als de herhaaldelijk gedemoniseerde witte bewoner die terug wil komen na ooit ‘gevlucht’ te zijn toen zijn wijk in de jaren zeventig verpauperde.

Verpaupering, dat is een term waar Mohamud sowieso niet aan doet. Nee, ernstig verloederde Rotterdamse wijken waar (zo blijkt in de praktijk) bijna geen autochtone Nederlander meer wil wonen, dat is eigenlijk het summum. Het militante toontje waarmee dit allemaal verkondigd wordt en de aanmatigende veronderstelling ook namens mij te spreken hielden mij gisteravond uit mijn slaap. Waarom is er niemand die een keer tegen deze man zegt dat hijzelf onderdeel is van het ‘probleem’. Dat inclusiviteit alleen inclusief is als er ook ruimte is voor ‘witte’ mensen?

Wat me bijvoorbeeld mateloos irriteert is de door hem regelmatig herhaalde stelling dat de Rotterdamse Woonvisie, waarin goedkope woningen worden gesloopt om ruimte te maken voor eensgezinswoningen, een middel is van Leefbaar Rotterdam om mensen met een migrantenachtergrond de stad uit te jagen (‘wij’).  In veel van de te slopen huizen woonden generaties lang, soms al meer dan honderd jaar (!) witte Rotterdammers. De segregatie in Rotterdam is op dit vlak niet tussen wit en zwart maar tussen arm en rijk. En dat is niet hetzelfde, hoe vaak hij het ook roept. En het door hem gehekelde en gisteren vertoonde filmpje van Leefbaar, waarin we een buurt zien transformeren naar een plek met moskeeën en schotels is nét zo stigmatiserend als deze afbeelding bij een artikel van zijn hand.

Dan nog even over ‘wij’. (De slogan van het zogenaamd bruggen bouwende Concrete Blossom is ‘for us, by us’.) In een eerder treffen kreeg ik van Mohamud te horen dat ‘mijn geest gekoloniseerd zou zijn’, omdat ik voornamelijk met ‘witte’ mensen omga en een al even kleurloze vriend heb. Zelf probeert hij het liefste zijn tijd tussen witte mensen te beperken, want het kost hem te veel energie. Zulke ideeën vind ik niet getuigen van een inclusieve geest. Dan maak je onderscheid op basis van kleur, iets waar hij op stelselmatige en professionele basis tegen lijkt te strijden, maar tegenstrijdig genoeg geld mee verdient. Dat werpt de vraag op in hoeverre hij gebaat is bij het oplossen van de problemen die hij schetst.

Types als Mohamud lijken er genoegen in te scheppen om witte mensen een onbehaaglijk gevoel te geven. Eindelijk zijn de rollen omgedraaid en hebben ‘wij’ de macht in handen, lijken ze te denken. Welnu, het is een ‘wij’ waar ik pertinent niet bij wens te horen. Dat maakt mij, zo moet ik regelmatig van een collega van Mohamud aanhoren, tot een woordvoerder van ‘boze witte mannen’. Want wie zich niet aansluit bij de verkondigers van het evangelie van diversiteit en inclusiviteit, wie niet prat gaat op WOKE zijn, wordt al snel weggezet als een vriend van Wilders of, misschien nog wel aanmatigender, een product van kolonialisme.

Waarom lijkt de discussie in de openbare (en digitale) ruimte alleen maar gevoerd te worden door militante zwart-witdenkers? Waarschijnlijk omdat het redelijke midden het al een tijdje geschoten heeft met mensen die polariseren als doel hebben. Waarom krijgen types als Mohamud nog steeds (gesubsidieerd) de ruimte om hun onzin te verkondigen, met applaus op de koop toe? Het moge duidelijk zijn: ik -en mijn bloeddruk- trappen er niet meer in.

Geef een reactie

Laatste reacties (103)