Laatste update 15:38
3.737
77

eindredacteur Joop

Francisco van Jole is journalist en eindredacteur van Joop.
Verder is hij politiek commentator bij De Nieuws BV en presentator van Draad, een politieke talkshow in Arminius te Rotterdam.

Amateur-nationalisme: hoe slecht de vlag er in de Kamer bij hangt

De PVV en geloofsverwanten proberen het nationalisme al een tijd in ons land te importeren. Nu dus met de vlag.

Die vlag in de Tweede Kamer lijkt natuurlijk een futiliteit maar futiliteiten zijn soms de kieren waardoor je het verstopte grotere beeld kunt zien. De invoering van de vlag in de Kamer, op initiatief van SGP en PVV, is opmerkelijk omdat Nederland van oudsher geen nationalistisch land is. De staat heeft geen behoefte zich nadrukkelijk te manifesteren en zijn macht te tonen. Daarom hebben onze ministeries en andere overheidsgebouwen bijvoorbeeld geen pilaren en grote trappen. Daarom worden er ook geen militaire parades gehouden, vereren we de krijgsmacht niet en hadden de oude Nederlandse bankbiljetten bloemetjes en vogels als beeldmerk in plaats van staatslieden, zoals in andere landen gebruikelijk is. We zijn bovendien het enige land ter wereld waarin de aanduiding dat iets van ‘onnederlandse kwaliteit’ is, betekent dat het erg goed is.

Nationalisme is ons vreemd omdat het pathos, heftige emotionele beroering, vereist. Dat past niet bij ons ‘doe maar normaal dan doe je gek genoeg’. En omdat we niet van nationalisme houden, zijn we niet trouw aan de Nederlandse vlag maar aan Oranje. Het oranjegevoel is wereldvermaard en inclusief. Iedereen kan zich er bij aansluiten. Het is daarom ook een geweldig exportproduct. De vlag is het tegenovergestelde, gericht op grenzen en uitsluiting.

De PVV en geloofsverwanten proberen het nationalisme al een tijd in ons land te importeren. Nu dus met de vlag. Een decennium of wat geleden zou zo’n voorstel op hoongelach zijn onthaald maar de lach is zoals bekend het eerste slachtoffer van polarisatie. Niemand wil de verdenking op zich laden over te weinig vaderlandsliefde te beschikken dus stemde de Kamer afgelopen november in grote meerderheid voor. Alleen de Partij voor de Dieren betoonde moed, zoals wel vaker, en stemde koelbloedig tegen.

Vervolgens werd een vlag geplaatst die qua voorkomen zo knullig was dat die al snel de bijnaam ‘kaasprikker’ kreeg. Typisch Nederlands om het gewenste voorwerp van nationale trots meteen zo belachelijk te maken. Noem het traditie.

Nu is er dus een nieuwe vlag. Kosten 12.000 euro. En? Kunnen we trots zijn? Ik las vanochtend in de Volkskrant dat de driekleur van polyester is. “Een stof die meestal wordt gebruikt om scheepsvlaggen van te maken.” Meer ‘grandeur’ noemen ze het ook nog. Hoe polyester het tot grandeur heeft kunnen schoppen weet ik niet. En het mag er dan soms stormachtig aan toegaan in de Kamer, dat wil niet zeggen dat het de vergelijking kan doorstaan met wat onze – van buitenlandse bemanningen voorziene – koopvaardijvloot ondergaat op de wereldzeeën.

Net nu overal in Europa het plastic in de ban wordt gedaan, hangen wij een polyester vlag op. Waarom is er niet gekozen voor Twents textiel, echt een toonbeeld van Nederlandse kwaliteit en nijverheid? Misschien hadden we de vlag in estafette moeten laten breien in oudercomplexen, door de mensen die Nederland er na de oorlog weer bovenop hebben gekregen. Wat een mooie symboliek zou dat zijn. Maar nee, er hangt een stukje plastic en we noemen het ‘grandeur’.

Vlaggen horen op schepen, op daken, op torens, kortom buiten. Binnen vlaggen is zoiets als in de huiskamer een paraplu opsteken. Ik vroeg me af of er regels voor zijn opgesteld, die instructies zijn er wel voor buiten maar ik kon over binnenskamers vlaggen niets vinden. Althans niet in Nederland, wel in het buitenland waar we de traditie vandaan hebben gehaald. En als je die instructies leest dan valt op dat de vlag in de Kamer op de verkeerde plaats hangt. Check maar even bij andere parlementen. De vlag moet rechts naast het spreekgestoelte – voor kijkers links – hangen. Of er achter.

In de Kamer hangt de vlag echter achter voorzitter Arib. Dat betekent uit het zicht want de camera’s zijn altijd gericht op de katheder van de spreker. Die plek is vast in een achterkamertje bewust gekozen, zodat als Baudet of Wilders met hun praatjes weer eens de Nederlandse exportbelangen schaden niet meteen duidelijk is uit welk land ze komen. Ten zuiden van Europa klinkt Nederlands immers al snel Scandinavisch.

Het is ook wel een typisch Nederlandse oplossing. De amateur-nationalisten krijgen hun zin dus hoeven verder niet te zeuren en ondertussen proberen we van dat malle nationalisme zo min mogelijk last te hebben. In goed overleg de tegenpartij z’n doel door de neus boren en toch iedereen tevreden houden. Ook zo Nederlands. Die vlag prijkt niet op een modderschuit maar op een polderpraam.

Geef een reactie

Laatste reacties (77)