2.116
65

Journalist

Eric van de Beek is journalist. Hij werkte onder meer voor de redacties economie en cultuur van weekblad Elsevier. Hij is vaste medewerker van het geopolitieke magazine Novini

Hulde aan de hufter van Hoorn

Zal Nederland het eerste land worden binnen de Europese Unie dat een standbeeld opricht voor een volkerenmoordenaar?

Wel als het aan het kabinet ligt, dat stilzwijgend instemt met het voornemen van de gemeente Hoorn het standbeeld van J.P. Coen, dat op 16 augustus van dit jaar van zijn sokkel viel, in ere te herstellen. Afgezien van de SP en een enkel raadslid van een lokale partij lijken er in de Hoornse raad geen fracties te zijn die het besluit van het stadsbestuur ter discussie stellen. VVD, D66, GroenLinks, CDA en PvdA staan erbij en kijken ernaar.

Onze vaderlandse geschiedenis kent geen bloeddorstiger figuur dan Jan Pieterszoon Coen (1587-1629). De gouverneur-generaal van de VOC stichtte Batavia (het huidige Jakarta) door de stad eerst volledig plat te branden. Hij zuiverde de Molukse Banda-archipel volledig van haar oorspronkelijke bevolking. Daarbij verloren zo’n 15 duizend mannen, vrouwen en kinderen het leven. Coen schreef zelf over het resultaat van zijn optreden: ‘De inboorlingen sijn meest allen door den oorloch, armoede ende gebreck vergaen. Zeer weynich isse op de omliggende eilanden ontcomen.’

Het standbeeld van J.P. Coen was al omstreden voordat het er stond. In 1887 schreef historicus J. A. Van der Chijs over de mogelijkheid dat in Nederland Coen geëerd zou worden met een standbeeld: ‘Ik betwijfel of zulks nog zou verrijzen. Aan zijn naam kleeft bloed.’ Zes jaar later kwam het beeld er alsnog. Het koningshuis dat was uitgenodigd om bij de onthulling aanwezig te zijn, bedankte voor de eer uit vrees voor het uitbreken van rellen.

Het standbeeld is daarna vele malen onderwerp van protest geweest. Het beeld is beklad, er zijn demonstraties geweest, er zijn kritische publicaties over verschenen.

En al die jaren heeft de Hoornse politiek zich afzijdig gehouden. Totdat in juli van dit jaar een burgerinitiatief het onderwerp op de agenda van de gemeenteraad deed belanden. De raad stemde in met het collegevoorstel het beeld te laten staan, maar op de sokkel van het beeld een kritische noot te plaatsen.

Een maand nadat de raad dit had besloten, viel het beeld alsnog tegen vlakte. Niet door toedoen van tegenstanders, maar door de onoplettenheid van een kraandrijver die bezig was lichtmasten te plaatsen.

Door het vacant komen van de sokkel ontstond een gouden kans voor de gemeente Hoorn de inwoners een alternatief te bieden. De stad Hoorn is een prachtige stad met een rijke geschiedenis. Talrijke figuren die de VOC-stad groot hebben gemaakt, zouden als standbeeld de plek kunnen innemen van Coen. Zoals de koopman-kapitein David de Vries die letterlijk alle wereldzeeën bevoer en die bewees dat je succesvol handel kunt drijven en zelfs kolonies kunt stichten zonder bloedvergieten.

Maar in plaats daarvan kiest het Hoornse stadsbestuur ervoor het beeld van de grootste moordenaar uit onze vaderlandse geschiedenis terug te zetten op haar ereplek. Met stilzwijgende instemming dus van vrijwel alle partijen in de Hoornse raad. En onder zware druk van burgers van Hoorn die de petitie hebben ondertekend ‘Plaats J.P.Coen terug op zijn sokkel’. De tegenpetitie ‘Ja voor Hoorn. Nee tegen Coen’ trekt vooralsnog minder stemmen.

Het kabinet is medeverantwoordelijk voor het Hoornse besluit. Het standbeeld van Coen is een rijksmonument en dus zou de staatssecretaris Halbe Zijlstra van OCW de gemeente in principe kunnen adviseren het beeld te verplaatsen naar een museum. Maar tot nu toe hult hij zich in stilzwijgen.

Dat wordt dus nog interessant als in oktober van dit jaar het standbeeld van de zogeheten ‘Hufter van Hoorn’ op zijn sokkel wordt teruggezet. Hoe denkt het kabinet dit te kunnen verantwoorden tegenover de internationale gemeenschap en het in Den Haag gevestigde Internationaal Strafhof?

Kamervragen zijn tot nu toe uitgebleven. De fractie van GroenLinks in de Tweede kamer heeft al laten weten hiervan af te zien. De fractie stelt zich prima te kunnen vinden in terugplaatsing van het beeld, mits voorzien van een kritische noot op de sokkel.

Laten ze het in andere landen maar niet horen. Als we de redenering van GroenLinks doortrekken, dan mogen er overal in de wereld standbeelden van volkerenmoordenaars worden teruggeplaatst, zolang er maar een sorry-bordje onder hangt.

Nederland neemt hiermee een unieke positie in binnen de Europese Unie. In de ons omringende landen weten ze hoe het hoort: standbeelden van oorlogsmisdadigers van het ergste soort zijn van hun sokkels getrokken en daarmee uit hun oorspronkelijke context gelicht. Ze zijn verplaatst naar de plek waar ze horen: het museum, waar we ons er over kunnen verwonderen dat ooit een dergelijk beeld als eerbetoon op een sokkel heeft gestaan.
Maar niet in het Nederlandse Hoorn. Daar hebben de Coen-getrouwen de slingers al klaar leggen voor de wederkomst van hun verloren zoon. Op webforums wemelt het van de anonieme personen die hun bewondering uitspreken voor Coens meedogenloze, niets en niemand ontziende optreden – en die in één adem doodsverwensingen uiten aan het adres van mensen die onder eigen naam en op een beschaafde manier tegenspraak bieden.

Het is tegen deze achtergrond zeer spijtig dat gevestigde partijen als D66, VVD, PvdA, CDA en GroenLinks, ongetwijfeld onbedoeld, rechts-extremisten faciliteren in hun adoratie van de Hollandse Hitler. Ook lijken ze niet te beseffen dat de heroprichting van het Coen-standbeeld ons land in grote verlegenheid kan brengen.

Het enige Tweede Kamerlid dat mij onomwonden heeft laten weten niks te zien in de heroprichting van het Coen-standbeeld is overigens verbonden aan de door velen niet zo netjes geachte PVV. Maar die durft daar natuurlijk niet voor uit te komen omdat hij weet wie zijn kiezers zijn.

Teken hier de petitie

Geef een reactie

Laatste reacties (65)