Laatste update 15:22
3.757
157

Columnist en docent maatschappijleer

Halil I. Karaaslan is Rotterdammert, columnist en docent. Middels zijn columns probeert Halil het debat een andere wending te geven, met de hoop dat men kijkt naar de inhoud en niet de vorm.

Ik bepaal zelf wel of ik Nederlander ben

Mijn generatie wil niet simpelweg drager zijn van het Nederlanderschap maar mede-eigenaar

diversity
cc foto: spivaartworkers

“Ik ben geen Nederlander,” kopte het stuk van Nadia Ezzeroili in de Volkskrant en ze blies er de discussie over Nederlanderschap nieuw leven mee in. Wellicht heeft het eraan herinnerd dat we hier eigenlijk nog niet over uitgepraat zijn. De laatste maanden leek het thema niet echt relevant meer, wellicht omdat we het beu waren, maar zeker niet omdat we uitgepraat waren of dé oplossing hadden gevonden.

Sterker nog, meer dan ooit beleven allochtone jongeren een gevoel van isolement en steeds vaker geven jongeren in het klaslokaal aan dat zij zich minder Nederlander voelen en zich meer identificeren met hun andere (eerste of tweede) nationaliteit, meestal: Marokkaans, Turks, Surinaams of Antilliaans. Kortom, de discussie is relevanter dan ooit en wellicht zelfs de kern van vele problemen. Vooral omdat het overlapt met andere actuele thema’s zoals radicalisering, tweederangs burgerschap en discriminatie.

Acceptatie
Voor velen in Nederland (waaronder ikzelf) bevat de column enorm veel punten van herkenning, maar op een aantal punten wijkt mijn gevoel af van de hare. Wat interessant is in het stuk van Nadia, is dat zij haar gevoel Nederlander te zijn, baseert op de acceptatie of houding van de ‘ander’. In dit geval de acceptatie of houding van ‘de Nederlander’. In haar eigen woorden: ‘om mij te harnassen tegen jouw wantrouwen en achteloze afwijzing’.

Wat ik begrijp uit het stuk is niet zozeer dat zij zich geen Nederlander meer voelt, maar dat ze het zat is om het richting de ander te moeten bewijzen. Oftewel, ze is moe en heeft voor zichzelf besloten de confrontatie niet meer aan te gaan. En dat is het stuk dat voor mij de kern van het probleem raakt. Velen voelen zich wel Nederlander, maar zijn het beu om te moeten integreren in een definitie die zij allang zijn overstegen.

Integratie is een woord dat velen van ons jaren hebben gebruikt als positieve variant van assimilatie. Dat was het grote kwaad en niemand wilde anderen een identiteit opleggen die ten koste zou gaan van de eigen cultuur. Niemand wilde zich schuldig maken aan culturele genocide. Maar hoe positief is dit woord eigenlijk? En in hoeverre zijn de verschillen met de grote broer ‘assimilatie’ niet gekrompen en de verschillen tot integratie vervaagd? Je hoort als ‘allochtoon’ immers nog steeds opmerkingen als: ‘wat spreek jij goed Nederlands!’

Integratie of assimilatie?
Wanneer we de media volgen, worden bepaalde ‘type’ verhalen graag aangewezen als perfect voorbeeld van integratie. We hebben de afgelopen jaren geregeld krantenkoppen voorbij zien komen van mensen die besloten hun hoofddoek af te doen, niet deel te nemen aan de ramadan, of die op ‘Nederlandse’ wijze mee doen aan ‘Nederlandse’ feesten, die een ‘halal’ wijnbar openen, of van een burgemeester voor wie luid werd geapplaudisseerd toen hij geloofs- en landgenoten toebeet op te rotten als ze het hier niet beviel. Is dat integratie?

De voorbeelden van integratie die worden aangewezen als positief krijgen vooral aandacht omdat een deel of geheel van de eigen cultuur/achterban wordt bekritiseerd of er afstand van wordt genomen. Dat klinkt niet echt als integratie zoals wij docenten dat jongeren meegeven tijdens lessen maatschappijleer. Laten we eerlijk zijn: integratie is reeds lang geleden vervangen door assimilatie, maar omdat dat woord te veel weerzin opwekt noemen we het gewoon integratie. Mijn generatie en vele anderen met ons zijn hier niet om te integreren.

Wij komen niks halen, wij komen iets brengen. Mijn generatie wil niet simpelweg drager zijn van het Nederlanderschap, we willen mede-eigenaar zijn. Integreren is een fase die velen van ons niet interessant of zelfs relevant vinden voor de ontwikkeling van onze Nederlandse identiteit.

Nederlanderschap
Het is een keuze: ik kies ervoor om Nederlander te zijn. Ik ben hier niet om mezelf te laten accepteren of om mezelf te conformeren aan de definitie van anderen van wat Nederlanderschap inhoudt. Ik ben hier om ons aller begrip van Nederlanderschap te transformeren tot iets waarin ik mijzelf ook herken. Want het klopt. Als ik zeg dat ik Nederlander ben, zijn er sommigen die dat niet kunnen bevatten of willen accepteren. Echter: ik wijt hun onkunde niet aan het idee dat ik niet geaccepteerd word als Nederlander, eerder aan het feit dat zij niet in contact staan met de realiteit.

De realiteit heeft het denkbeeld al ingehaald. De realiteit is dat ik Nederlander ben door Turks te zijn, moslim te zijn, docent te zijn, etc. Want dat is tegenwoordig een onderdeel van Nederland, of mensen dit nu willen accepteren of niet. Ten opzichte van mijzelf heb ik een morele plicht om mezelf te zien, zoals ik mezelf wil zien. Simpel en alleen om het feit dat ik mijzelf liefheb voor wie ik ben en niet voor wat ik ben, laat staan dat ik het laat afhangen van de mening van een bekrompen ‘ander’.

En als ik wil dat anderen mij liefhebben om wie ik ben en niet om wat ik ben, dien ik daar eerst zelf mee te starten. Simpele boodschap, verander jezelf, verander de wereld of in dit geval veel kleiner: verander Nederland.

Dit artikel verscheen eerder op wijblijvenhier.nl 

Geef een reactie

Laatste reacties (157)