4.112
139

Filosoof

Mihai Martoiu Ticu is in Utrecht afgestudeerd in de wijsbegeerte en internationaal recht. Hij is op 7 februari 1968 in Roemenië geboren en is sinds 1990 in Nederland.

Islamsatire kan wel even wachten

Satire is niet voor de alfa dog, maar voor de underdog

Stel je voor je bent een Marokkaan. Je hebt je één jaar lang suf gesolliciteerd, maar geen baan gekregen, want bedrijven hebben een nul-Marokkanen-beleid. Op Oudejaarsavond zap je van de ene cabaretier naar de andere en ze hebben het over jou: jij bent lui, crimineel, profiteur; jij hebt een achterlijke cultuur en een pedofiel als profeet; jij zou over de grens geschopt moeten worden.

Hieraan moest ik denken toen ik het opiniestuk van Bart Schut las in de Volkskrant. Schut mist de islamsatire, maar geeft ons geen reden voor deze nood. Hij vermoedt een complot van bange en politiek correcte linksmensen.

Ik zou zeggen dat islamsatire nog een tijd kan wachten, als we nadenken over het nut van satire. Satire is geschikt voor drie dingen: nivelleren van macht, corrigeren van een groep en aanvallen van morele perversiteit.

Nivelleren van macht
Satire is nuttig om macht te nivelleren. Zij is vooral bedoeld voor de horige om aan de stoelpoot van de keizer te zagen, om de machtige van zijn voetstuk te halen, om zijn goddelijke gelijk te bagatelliseren, om hem minder taboe en daarmee minder machtig te maken. Zij is niet voor de keizer om de kleine man te kleineren. Zij is niet voor Khadaffi en Moubarak en Beatrix om het domme volk te nemen. Satire heeft vooral een verticale werking, van onder naar boven. Satire is dus niet voor de alfa dog, maar voor de underdog.

Corrigeren van een groep
Twee groepen met gelijke macht gebruiken satire als vriendelijke en conflictloze manier om elkaar te corrigeren. Want humor vonkt geen oorlog. Zo kunnen atheïsten de gelovigen met de voeten op de grond brengen, en andersom.

Aanvallen van morele verdorvenheid
De satiricus valt ook moreel bederf aan. Domheid, gierigheid, machtswellust en andere negatieve deugden. Hiermee verheft en verschoont de groep zichzelf.

Deze drie gebruiken van satire suggereren dat satire ongepast is als zij vernedert en machtsongelijkheid vergroot.

Vernedering
Het is ongepast voor de pester om de gepeste met satire te pesten. Ongepast voor de verkrachter de verkrachte vrouw satirisch hoer te noemen.

Machtsvergroting
Het is ongepast als een machtige of een meerderheid haar macht vergroot met satire. Stel je voor dat ze in Iran satire over joden of christenen zou maken. Dit zou alleen de vooroordelen en de onderdrukking vergroten.

Dus satire is slechts gepast als de ‘aangevallene’ veilig en gerespecteerd is, gelijkwaardig is in rechten, vrij is van vernedering en onderdrukking. De aangevallene staat niet weerloos voor een satirisch lynchende meute.

Satire en islam
Daarom is islamsatire voorlopig ongepast. Moslims hebben in het Westen niet dezelfde status als andere minderheden. Een jood, katholiek of atheïst vreest geen discriminatie tijdens de sollicitatie. Een moslim wel. Niemand schreeuwde dat Uri Rosenthal geen minister zou mogen worden, maar Wilders vocht tegen Aboutaleb als burgemeester. PVV en conservatieven, zoals Bart Jan Spruyt, riepen dat Khadija Arib geen Kamervoorzitter zou mogen worden. Wilders vindt moslims onbetrouwbaar, wil dat ze minder rechten hebben, wil hen aanmoedigen te vertrekken; de kans moet klein zijn dat twee moslims in de regering komen. Columnisten, zoals Thierry Baudet, schrijven dat islam niet in een democratie hoort.

De Nederlander gelooft niet dat we democratisch een wet kunnen aannemen om joden, katholieken of atheïsten het land uit te zetten. Daarentegen, de Nederlander gelooft dat Nederlanders bij meerderheid kunnen beslissen om moslims hun nationaliteit te ontnemen en hen de deur te wijzen; ook al is een Marokkaan van de derde generatie hier. De Nederlander heeft over de moslim een heel ander beeld dan over andere minderheden: de Nederlander is de baas en mag altijd beslissen wat met de moslim gebeurt – de Nederlander heeft het laatste woord. De Nederlander heeft dit beeld niet over de jood, katholiek of atheïst. Zij zijn deel van ‘ons’, de moslim is ‘de ander’, de vreemde.

Dus, noch respecteert men de moslims gelijk aan anderen, noch is hun gelijkwaardigheid veilig. Satire maakt hen slechts weerlozer, vergroot de vooroordelen, vergroot de ongelijkheid. Islamsatire is daardoor de tand van de alfa dog.

Volg Mihai Martoiu Ticu ook op Twitter

Geef een reactie

Laatste reacties (139)