2.609
24

Raadslid NIDA Rotterdam

Ercan Büyükçifçi (1983) is raadslid voor NIDA Rotterdam. Hij is tevens Senior onderwijsadviseur en docent bij de Haagse Hogeschool

Jammer dat Aboutaleb niet bij antiracismedemonstratie was

Wanneer je als burgemeester van een grote stad op belangrijke momenten opstaat tegen racisme en je verzet tegen institutioneel racisme ben je juist die neutrale overheid die je moet zijn.

In een interview op Radio Rijnmond wordt de burgemeester van Rotterdam, Ahmed Aboutaleb, de vraag gesteld waarom hij niet deelnam aan de antiracismedemonstratie van 3 juni 2020 in zijn stad. Zijn collega, Femke Halsema, begaf zich in Amsterdam immers wel tussen de demonstranten. Een relevante vraag lijkt me, want eerlijk, hoe vaak doet zich nou zo’n grote antiracismedemonstratie voor in Rotterdam? Hoe verhoud je je als neutrale burgemeester nu tot racisme?

aboutalebEen superdiverse stad als Rotterdam verdient het dat de burgervader van de stad zich op zo’n moment op zo’n symbolische plek van zich laat zien en horen. Zijn aanwezigheid, als krachtig symbolisch signaal, was een gemis, maar de moed van duizenden op de Erasmusbrug en het gezamenlijke statement dat ze tentoonspreidden was los hiervan een groots gebaar tegen racisme.

‘De burgemeester van Rotterdam demonstreert nooit’, was Aboutalebs reactie op de vraag waarom hij niet deelnam aan de demonstratie. Als de interviewer van het radioprogramma hem vervolgens confronteert met het feit dat hij zich in 2015 bijvoorbeeld wel op de voorgrond plaatste na Charlie Hebdo, is het verweer van Aboutaleb:

“Dat was niet een demonstratie die in Nederland aan de orde was. Dat was destijds niet ergens voor of tegen, het ging om het thema geweld als zodanig. (…) Je moet oppassen met wanneer het gaat om nationale kwesties of lokale kwesties, dat je afficheert met het één en niet met het ander. Als ik nou met deze materie loop, en morgen komt Pegida lopen en die vraagt mij om ook mee te lopen… Ik ben namelijk ook burgemeester van de Pegida-aanhangers in Rotterdam. Of de PVV-aanhangers, daar ben ik ook de burgemeester van. Moet ik dan zeggen: met deze mensen loop ik wel, met andere mensen loop ik niet? Dan laat ik mijn kleur kennen en dan ben je niet meer die neutrale overheid die je moet zijn.”

Zijn afwezigheid riep terecht wat vragen op. Maar de redenen die hij aandraagt voor zijn afwezigheid roepen eigenlijk nog meer vragen op. In dit interview klinkt een onsamenhangend en onbegrijpelijk geheel aan redenen voor zijn afwezigheid bij de demonstratie. De demonstratie en de aanleiding hiertoe zou volgens de burgemeester een binnenlandse aangelegenheid betreffen. Hiermee lijkt hij te suggereren dat als het een buitenlandse aangelegenheid betrof, zoals dat het geval was bij Charlie Hebdo in 2015, de burgemeester wel had deelgenomen aan de demonstratie.

Toch koos de burgemeester in 2014 vanuit zijn neutrale rol er niet voor om samen met 10.000 Rotterdammers over diezelfde brug te lopen voor een andere buitenlandse aangelegenheid: mensenrechten in Palestina. Terwijl hij een jaar later, in november 2015, wel sprak op de demonstratie ‘Eenheid Tegen Terreur’ op het Vredesplein.

Ook bijzonder dat hij het trigger-event voor deze demonstratie, de verstikking van George Floyd door de Amerikaanse politie, niet beschouwt als een buitenlandse aanleiding. Maar belangrijker nog: staan voor gelijkheid, je uiten tegen racisme en het afgeven van een stevig signaal door deel te nemen aan een antiracismedemonstratie overstijgt een irrelevante indeling als binnenlandse of buitenlandse aangelegenheid. Het gaat hier noch om een binnenlandse kwestie, noch om een buitenlandse kwestie, maar om een universele kwestie als antiracisme.

Zijn redenering dat een deelname aan deze antiracismedemonstratie hem zou doen overwegen om de volgende keer ook een anti-islam demonstratie van Pegida bij te wonen, is lastig te volgen. Doorgaans telt een Pegida-demonstratie maar enkele personen, vaak niet eens Rotterdammers. Dit aantal staat in schril contrast met de duizenden Rotterdammers bij de antiracismedemonstratie.

Alleen al om die reden gaat deze vergelijking mank. Maar los hiervan, een nog belangrijkere reden die deze vergelijking onterecht maakt, is dat antiracisme verankerd is in de Nederlandse Grondwet. Staan voor het gelijkheidsbeginsel, artikel 1 van de grondwet, en je op momenten die ertoe doen duidelijk uitspreken tegen racisme valt op geen enkele manier te vergelijken met leuzen van Pegida-betogers die indruisen tegen godsdienstvrijheid, een ander grondwettelijk verankerd beginsel. De ene demonstratie vóór de grondwet, de andere juist tegen de grondwet.

De afwezigheid van de burgemeester was hoe dan ook jammer. De redenen die hij hiervoor aandraagt maakt zijn keuze allerminst begrijpelijk. Rotterdam heeft een burgemeester die oog heeft voor racisme, daar twijfel ik niet aan. Getuige ook een incident dat hij deelt in datzelfde radio-interview:

“Ik nam vroeger voor mijn werk de nachttrein naar Amsterdam. Op het Rokin ging ik dan uit mezelf al, als een vrouw me tegemoet liep, aan de andere kant van de stoep lopen zodat ze maar niet zou denken dat ik op haar tasje uit was.”

Een nare ervaring die Aboutaleb openhartig deelt, een ervaring die veelzeggend is op welke manieren racisme zich kan manifesteren in de onderlinge omgang tussen mensen, in de publieke ruimte. Dit is dan precies ook de reden waarom ervaringen als deze en de vele directe en indirecte vormen van (institutioneel) racisme het verdienen om met volle aandacht benaderd te worden en hierover je kleur te bekennen, op het juiste moment op de juiste plek, in plaats van mogelijke confrontatie te ontwijken door met een boog erom heen ‘aan de andere kant van de stoep te lopen’.

Wanneer je als burgemeester van een grote stad op belangrijke momenten opstaat tegen racisme en je verzet tegen institutioneel racisme ben je juist die neutrale overheid die je moet zijn. De afgelopen jaren heeft de burgemeester tijdens de stedelijke intocht zwarte piet ontvangen, ondanks aanhoudend protest van antiracismedemonstranten. Hoe zat het toen met dat neutraliteitsargument? Als de burgemeester werkelijk van mening is dat wanneer je kleur bekent over racisme dat je dan ‘niet meer die neutrale overheid [bent] die je moet zijn’, dan wil ik, en met mij vele Rotterdammers, helemaal geen neutrale burgemeester waar het gaat om racisme.

Geef een reactie

Laatste reacties (24)