1.061
35

Hoofd communicatie Vogelbescherming

Kees de Pater (1958) begon al als jongetje met vogels kijken. Het duurde echter tot 2002 voor hij de liefde voor vogels tot zijn beroep kon maken bij Vogelbescherming. Voor die tijd was hij met onder andere een eigen bureau actief voor verschillende goede doelen op het gebied van mensenrechten, ontwikkelingssamenwerking en duurzame ontwikkeling. In de rol van hoofd Communicatie zet hij zich onder andere in om de situatie voor de vogels op het boerenland beter te maken.

Kies voor natuur in het post-corona tijdperk

Vanaf nu zouden overheden, maar ook bedrijven en individuen bij elke beslissing de vraag moeten stellen: hoe kan de natuur hier beter van worden?

cc-foto: Jac. Jansen

Terecht wordt er veel geld beschikbaar gesteld voor het post-corona tijdperk. Om al die zzp’ers en kleine zelfstandigen die plots zonder werk en inkomen zitten te helpen. En bovenal de investeringen in de gezondheidszorg en andere cruciale sectoren om het menselijk leed dat de Corvid-19 virus veroorzaakt te minimaliseren en het virus ‘te verslaan’. Maar wat als we deze pandemie hebben verslagen? Een economische recessie is onvermijdelijk. Over de omvang daarvan valt nu nog niet veel te zeggen, maar dat die komt is zeker. De vraag is nu wat doen we dan?

Gaan we die recessie dan te lijf met oude recepten of grijpen we deze ongeëvenaarde crisis aan tot bezinning en nieuwe keuzes? Staan we stil bij waardevolle zaken als saamhorigheid, natuur, gezondheid en welzijn bij de ‘wederopbouw’ na de coronacrisis? Het risico zit er in dat investeringen in natuurherstel, klimaat- milieumaatregelen op de lange baan geschoven worden, of maar half-half uitgevoerd. Met als onvermijdelijke gevolg een volgende natuur en milieu gerelateerde crisis.

Nieuwe richtingen
Om dat te vermijden moeten we een aantal zaken op een vernieuwende wijze aanpakken. Al staat ons hoofd nu bij problemen die directe aandacht behoeven; keuzes voor de toekomst worden nu, impliciet en expliciet, ook gemaakt. Er kunnen nu richtingen ingeslagen worden waarbij de biodiversiteit, de natuur, er op vooruit gaat in plaats van nog verder in de versukkeling raakt. En we daarmee stappen zetten naar een gezonder en fijner land om in te wonen. Een land waarbij een zingende veldleeuwerik weer gewoon is. De stilte doorbroken wordt door een vogel- en kikkerkoor en de weilanden kleuren van de wilde bloemen.

Dat begint met de simpele erkenning dat we uiteindelijk volledig afhankelijk zijn van de natuur in de breedste zin van het woord. Van klimaat, bodem, water, planten, dieren, enzovoorts. Dus dat we dat moeten koesteren. Dat lijkt nogal voor de hand liggend maar de dagelijkse praktijk was tot nu toe anders. Natuurlijk er zijn en waren ook hoopvolle initiatieven maar in veel besluitvorming was de zorg voor natuur en milieu tot nu toe bijzaak.

Vanaf nu zouden overheden, maar ook bedrijven en individuen bij elke beslissing de vraag moeten stellen: hoe kan de natuur hier beter van worden? Naast de andere belangen die we er mee willen dienen. Dat zal er toe leiden dat nieuwbouw, verbouw en stadsontwikkeling straks bijdraagt aan de biodiversiteit. Dat er in wijken en steden en op daken en langs wegen wilde planten vol insecten staan. En gierzwaluwen en vleermuizen een plek in gebouwen vinden. Dat dijken niet zomaar hoger en hoger worden maar we de natuur inzetten als buffer tegen het water, en er weer een relatie komt tussen zee en achterland, waar kustvogels leven en vissen heen en weer zwemmen. Dat de landbouw niet langer intensiveert door perverse financiële prikkels maar er een beleid komt dat leidt tot een boerenland waar geproduceerd wordt met de natuur, waar boerenlandvogels floreren. De energietransitie doorgezet wordt maar niet met zonnepanelen in natuurgebieden of op open water, maar op daken en industrieterreinen gecombineerd met meer natuurlijk groen. De goede voorbeelden zijn realistisch en eindeloos.

Streep er door
Maar wat als een keuze op geen enkele manier kan bijdragen aan versterking van de biodiversiteit? Dan moeten we gewoon vaker durven te beslissen dat er een streep doorgaat. Ook als we daar eerdere besluitvorming voor moeten terugdraaien, zoals bijvoorbeeld de uitbreiding van vliegveld Lelystad. Of iets heel anders de toelating van allerlei giftige gewasbeschermingsmiddelen. Nu in deze crisis durven overheden stevige beslissingen te nemen. Gezondheid staat nu even boven groei en winst. Laten we daar van leren voor besluiten met consequenties voor natuur, klimaat en milieu, én ons welzijn.

Investeer in natuurkwaliteit
En dan is er ook nog de keuze om los van allerlei andere maatschappelijke opgaven direct in de natuurkwaliteit van ons land te investeren. In verbetering van de natuurgebieden, ze robuuster en sterker te maken, natuurgebieden te verbinden en er buffers om heen te leggen van extensieve natuurvriendelijke landbouw. En in basisnatuurkwaliteit buiten de natuurgebieden. Streekeigen elementen terugbrengen in het landschap. Brede sloten in laag Nederland met libellen, futen en sterns en in hoog Nederland houtwallen met sleedoorn waar vogels in zingen en veilig nestelen.

Dit is het moment
Door deze keuzes te maken zal het post-corona Nederland, en als het een beetje meezit de rest van Europa en tal van andere landen, wezenlijk beter worden. Door te groeien naar een natuurinclusieve economie met wat minder verspillende consumptie, maar met nieuwe waarden en andere banen. Niet in een klap maar stapsgewijs. Het vergt een omslag in het denken van beslissers en onszelf, en dit is het moment daarmee te beginnen.

Geef een reactie

Laatste reacties (35)